Latente stikstof ruimte

De minister heeft in antwoorden op kamervragen deze week iets gezegt over latente ruimte in een vergunning. Niet gerealiseerde stikstof vergunning waar wel een passende beoordeling voor is geweest. Duidelijk wordt dat provincies niet in beeld hebben welk deel van een vergunning is gerealiseerd, welk deel niet, maar ook welk deel benut en welk deel niet. Dit bleek ook uit de statenbrief van de provincie Friesland deze week. De minister schat de niet gerealiseerde vergunning ruimte op 25 % en vindt dit onwenselijk. Op vraag over de juridische status van deze latente ruimte laat zij zich niet uit en beantwoord ze de vraag niet . Deze weigering is interessant.

Topkwaliteit gras pleit voor comeback van de torensilo

Torensilo’s lijken in het buitenland bezig met een voorzichtige opmars.Belangrijke redenen voor de opmars van de opslagmethode voor gras en mais zijn dat ze arbeid besparen bij het voeren, de kwaliteit hoog blijft en ze erg goed passen bij een automatisch voersysteem. Nog 25 boeren werken met torensilo’s In Nederland zijn er naar schatting nog 25 boeren die werken met een torensilo. In de jaren zeventig schoten de torensilo’s als paddenstoelen omhoog, met name in provincies met grote bedrijven en veel ruimte. Melkveehouders roemden de voerkwaliteit en de lage inkuilverliezen. Ook het gemakkelijk inkuilen van kleine hoeveelheden werd als positief ervaren. Arbeidsbesparing bij uitkuilen De interesse daalde in de jaren tachtig door de hogere investeringskosten en het minder flexibel kunnen voeren van een bepaalde snede. Het beste voer van de eerste snede zit immers onderin de silo. De opmars van automatisch voeren geeft weer nieuwe kansen voor de torensilo. Ze leveren extra arbeidsbesparing op bij het uitkuilen en bovendien stellen overheden steeds meer eisen aan waterafvoer en opvang van perssappen bij sleufsilo’s. Ook vragen torensilo’s weinig ruimte op het bouwblok. Hoge aanschafprijs Toch is het maar de vraag of het voldoende argumenten zijn voor een echte comeback van torensilo’s. Daarvoor lijken de beperkte capaciteit bij het inkuilen en de hoge kosten van 125 euro per kubieke meter te veel een sta-in-de-weg.

'Sneller vergunning voor windmolens afgeven', zegt minister Rob Jetten

Vergunningen voor windmolens moeten sneller afgegeven worden. Dat zegt Rob Jetten, minister voor Klimaat en Energie. Hij was maandagochtend in Geffen om naar de plannen voor de Duurzame Polder te kijken. Daarin komen zeker twintig mega-windmolens tussen Oss en Den Bosch. Het is volgens Jetten belangrijk dat er sneller duurzame energie opgewekt wordt. Jetten wil dat vooral de doorlooptijd korter wordt voor bezwaarmakers die naar de Raad van State gaan. De Raad moet daarvoor worden versterkt volgens de minister, want er moet wel gewoon bezwaar gemaakt kunnen worden. Ook de netbeheerders moeten ervoor zorgen dat de elektriciteitsnetten zwaarder belast kunnen worden. Die kunnen nu nog niet alle extra duurzame elektriciteit aan. Daar worden miljarden in geïnvesteerd. Minder gas Het is duidelijk dat niet alleen het aantal windmolens en zonneparken moet toenemen. Jetten: “Ik kom binnen enkele weken ook met maatregelen om het gasverbruik te verminderen. Dat is echt nodig.” Door de oorlog tussen Rusland en Oekraïne wil Nederland niet meer afhankelijk zijn van Russisch gas. Jetten is onder de indruk van de plannen voor de Duurzame Polder, zegt hij als hij vanaf de boerderij in Geffen de polder in kijkt. “Dit is een prachtige polder die zich ook leent voor een grote hoeveelheid molens. Hier kun je het groter aanvliegen.”Energieonafhankelijk Hij begrijpt dat niet iedereen zit te wachten op windmolens: ”Dat zie je in het hele land. Niet iedereen wordt er blij van. Je hoeft hem ook niet mooi te vinden, maar het is wel nodig willen we energieonafhankelijk worden en onze klimaatdoelen bereiken. Daar moeten we eerlijk in zijn.”

Melkprijs weidegang DOC al 4 jaar hoger dan bij A-ware

Een tijdje terug heeft GJ Bosch hier een tabel geplaatst waarin de melkprijzen van 7 melkfabrieken met elkaar worden vergeleken. Uit deze tabel heb ik de melkprijzen van a-ware en doc genomen en in een grafiek gezet. Het is duidelijk dat vanaf 2019 de melkprijs voor weidegang bij doc hoger ligt dan a-ware. Dit loopt op van 0,60 cent in 2019 tot 1,20 cent in 2022 (eerste drie maanden). Deze melkprijzen zijn uitgerekend bij 4,42% vet, 3,57% eiwit en een volume van 1.100.000 kg. Maar wat zegt dit nou voor melkveehouders met ander gehalten en een ander volume. Om dat te bepalen heb ik met de melkprijsvergelijker van boerenbusiness uitgerekend hoe groot het verschil tussen doc en a-ware wordt bij 700.000 kg en 2.000.000 kg en bij lage en hoge gehalten. De resultaten staan onder de grafiek. Bij lage en hoge gehalten zien we slechts een minimale verandering van het verschil. Bij een volume van 2.000.000 kg zien we geen verandering van het verschil. Alleen bij 700.000 zien we dat het verschil tussen doc en a-ware iets groter wordt. En dan is er nog geen rekening gehouden dat je bij doc nog extra kunt verdienen met de combinatie weidegang/vlog. Conclusie: melkveehouders van a-ware die meedoen aan de melkstroom weidegang zouden de afgelopen 3 jaar en dit jaar bij doc duidelijk meer voor hun melk hebben gekregen. En voor wie in het begin de overstap van doc naar a-ware hebben gemaakt is dit extra zuur. A-ware heeft aan hun de garantie gegeven om 1 cent boven doc uit te betalen. Deze belofte is a-ware niet nagekomen

KRW, normoverschrijdingen, de boeren worden weer belazerd!

Het 7 de actie programma nitraat zorgde enkele maanden geleden voor veel terechte discussie. In sommige gebieden moesten er extra maatregelen komen zoals een verbod op de teelt gewassen als snijmais, volle grond groenten en aardappels. Ook generieke maatregelen als bemesting vrije zones van 2 en 5 meter en diefstal van mestplaatsingsruinte waren onderdeel van het programma. Zonder af te vragen of de maatregelen gebasseerd waren op feiten ging NAJK en LTO al aan de slag met alternatieven. STAF kwam met onderbouwing, maar geen der partijen deed er iets mee. Ook SSC had grote bedenkingen. Er werden kamervragen gesteld. Hier de antwoorden. https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2022/02/04/vragen-over-het-artikel-stikstofnormen-boerensloten-veel-strenger-in-nederland Normoverschrijdingen komen door gebiedsvreemd water uit buitenland, valt te lezen. 70 % van Nederland voldoet aan de KRW. En de overige 30 % heeft last van stikstof en fosfaat uit buitenland. Wanneer gaat er nu eens beleid komen op basis van feiten en wanneer gaan LTO, NAJK zuivel en de Rabobank nu eens open staan voor die feiten? Bizar !!!!

Geachte Statenleden, Gedeputeerden, Gemeenteraadsleden en collega’s

Geachte Statenleden, Gedeputeerden, Gemeenteraadsleden en collega’s, Nadat we als sector al 2 jaar lang de Zwarte Piet toegespeeld hebben gekregen (en nog steeds) door de overheid, media en RIVM is de oplossing volgens ons nabij. Als Farmers Defence Force Drenthe (FDF Drenthe) zijn wij van mening dat de agrarische sector niet het probleem, maar juist de oplossing is voor de grote en lastige vraagstukken waar o.a. Drenthe (Nederland) op dit moment voor staat. Het continu sturen in een richting van zogenaamde kringlooplandbouw door de overheid, en zelfs door een aantal van onze eigen zogenaamde landbouw belangenbehartigers, om een op papier gecreëerd probleem op te lossen heeft erin geresulteerd dat de politiek en een klein deel van de burgers is gaan geloven in beweringen dat wij het in het verleden alles verkeerd hebben gedaan. Kringlooplandbouw is niet de oplossing. Maar wat dan wel? Een kringloopmaatschappij is de oplossing! Als je de gehele maatschappij in een kringloopmodel zou zetten, dan zal de landbouw in dit model maar een klein stukje innemen, echter wel het belangrijkste stukje. De landbouw zorgt voor voedsel, de landbouw kan voor groen gas zorgen, de landbouw neemt de stikstof- en CO2-uitstoot weer in zijn geheel op en neemt daarnaast ook nog een aanzienlijk groot deel van de stikstof- en CO2-uitstoot op van de rest van de maatschappij. Kortom, er had nooit ingezet moeten worden op kringlooplandbouw maar op een kringloopmaatschappij. Als eerdergenoemde punten beter benadrukt worden in de maatschappij, dan wordt het nut van de landbouw in Nederland veel beter in beeld gebracht en zal dit voor meer waardering en een breder draagvlak voor de landbouwsector zorgen. Echter, door de drang naar het innen van projectgelden en het meebewegen van diverse landbouwpartijen, met veelal groeperingen met linkse (propagandistische) ideeën waarin de boeren en hun belangen als ondergeschikt worden weggezet, zijn we momenteel in een situatie terecht gekomen waarin (negatieve) framing van de landbouw aan de orde van de dag is. De oplossing? Als FDF Drenthe willen wij inzetten op een langdurige oplossing voor de stikstofproblematiek (van en in de maatschappij), alsmede voor de Kaderrichtlijn Water, de klimaatopgave en de komende warmtetransitie, zodat wij allemaal een goed toekomstperspectief kunnen hebben met een bijbehorend goed verdienmodel voor alle inspanningen die wij dagelijks leveren voor het maken van (h)eerlijk voedsel voor de vele miljoenen mensen in dit land (en daarbuiten). Wij zijn van mening dat we als landbouwsector, Provincie en Gemeenten de handen ineen moeten slaan en moeten gaan kijken naar realistische oplossingen om de vele miljarden uit Den Haag die beschikbaar worden gesteld op een juiste manier te gebruiken. Wij zijn voorstander van het inzetten op de plaatsing van mestvergisters (die enkel bedrijfseigen mest gebruiken, dus geen mest van buitenaf en zonder input van andere afvalstromen van buiten het bedrijf) bij zoveel mogelijk veehouderijbedrijven en de daarmee gewonnen gasproductie terug te leveren op het bestaande gasnet. Nederland wil namelijk van het gas af, maar de huidige infrastructuur en het huidige elektriciteitsnetwerk zijn niet berekend op het verwarmen van alle woningen in Nederland door middel van elektriciteit. De grotere steden zijn waarschijnlijk wel op deze manier te verwarmen middels een warmtenet, maar voor de buitengebieden in o.a. Drenthe zal dit niet haalbaar zijn. Door het groene gas afkomstig uit de Drentse landbouw kunnen deze dorpen en buitengebieden via het huidige gasnet verwarmd worden. Mestvergisting reduceert de stikstofemissie uit de stal en bij het aanwenden op het land voor een aanzienlijk groot deel, wat de afwaardering van landbouwgrond naar landschapsgrond of zonering rondom Natura2000 gebieden overbodig maakt, aangezien het daarbij draait om emissie die vrij komt bij aanwending van de mest. Daarnaast kan met een goed verdienmodel van de gasproductie er nog een mestscheider en stikstofkraker achter geplaatst worden wat erin resulteert dat de Drentse landbouw op termijn kan produceren zonder of met een zeer beperktere inzet van kunstmest. Bij de productie van kunstmest zijn enorme hoeveelheden aardgas nodig. Bovenstaande zal tezamen met depositiebepaling in Natura2000 gebieden en het verwerken van de uitkomsten hiervan in de probleemsetting er toe leiden dat er grote stappen gezet kunnen worden richting de doelstellingen. De Kritische Depositiewaarde behalen in de Habitats in alle gebieden is een utopie. Daarbij spoelt de stikstof in vergiste mest minder snel uit wat weer bijdraagt aan de waterkwaliteit, wat met het oog op de Kaderrichtlijn Water weer een groot voordeel is. Daarnaast reduceert mestvergisting ook het vrijkomen van methaan uit mest omdat dit opgevangen wordt en daarmee dus bijdraagt aan het verlagen van de CO2-uitstoot en dus het verminderen van het CO2 probleem. Het is wetenschappelijk onderbouwd dat de veehouderij per saldo geen broeikasgassen uitstoot aangezien de uitstoot van methaan meer dan volledig wordt gebruikt tijdens de groei van de voedergewassen ten behoeve van het levensonderhoud van onze dieren. Als wij deze groene methaan afvangen en leveren als gas aan de rest van de maatschappij dan zullen onze gewassen tijdens de groei grijze CO2 opnemen die afkomstig is van de uitstoot door de burger. Hiermee zorgen wij als landbouw voor het deels sluitend maken van een kringloopmaatschappij. Daarnaast verwerkt de landbouw vele afvalstromen afkomstig uit de maatschappij door het te voeren aan onze dieren en wordt het zodoende weer omgezet in hoogwaardig voedsel, de uitstoot van methaan gaat hierbij weer in het gasnet terug naar de maatschappij. Kortom, een kringloopmaatschappij sluitend maken, dat is waar het over zou moeten gaan! Als FDF Drenthe zijn wij van mening dat: · Bovenstaande oplossingsgerichte methode, tezamen met het onderzoeken (en meten!) van de daadwerkelijke neerkomende stikstofdepositie met herkomstbepaling een oplossing biedt met toekomstperspectief en een verdienmodel voor de agrarische sector; · Bovenstaande oplossingsgerichte methode, tezamen met het onderzoeken (en meten!) van de daadwerkelijke neerkomende depositie en met kijken naar meerdere drukfactoren die de staat van de natuur beïnvloeden een oplossing biedt voor de natuur; · Dat bovenstaande oplossingsgerichte methode de Provinciale maatschappij (de burger) een betaalbare oplossing biedt voor de grote vraagstukken waar men de komende jaren voorstaat. Als FDF Drenthe vragen wij de Drentse politiek, Gedeputeerde Staten en de diverse fracties, maar ook de gemeentelijke politiek om samen met ons als landbouw de handen ineen te slaan en te gaan voor een rechtvaardige benadering en onderbouwing van de gestelde problemen en bovenstaande oplossing na te streven, een oplossing die ook op langere termijn houdbaar is. Wij willen nogmaals benadrukken dat de landbouw in de provincie de oplossing is en niet het probleem! Als FDF Drenthe zijn wij ons er van bewust dat bovenstaande oplossing een flinke investering zal vragen. Echter, met de vele miljarden afkomstig uit Den Haag kan er wellicht een deel ingezet worden tezamen met de goede en constructieve wil uit de (Drentse) landbouwsector. Deze oplossing kan Drenthe de eerste echte circulaire provincie van Nederland maken. Als FDF Drenthe geven wij hiermee een oplossing die zowel burger, provincie, gemeenten en landbouw economisch perspectief biedt en een uitkomst voor meerdere problemen is waar we als maatschappij de komende jaren mee te maken zullen hebben. Dit in tegenstelling tot eerdere plannen van collega landbouw belangenbehartigers, deze plannen bieden de landbouw geen perspectief en beperken het toekomstperspectief door beperking van gebruiksmogelijkheden van de grond en het beperken van de productiecapaciteit van het al bestaande bedrijf. Deze plannen zijn daarnaast uitsluitend houdbaar met langdurige subsidies of inkomensondersteuning voor een hele lange termijn. Als FDF Drenthe streven wij naar gezonde landbouwbedrijven in de provincie Drenthe die structureel bijdragen aan het sluitend maken van de kringloopmaatschappij en daarnaast bijdragen aan een goede balans tussen maatschappij en natuur. Wij vinden het belangrijk dat de jeugd van nu en de opvolger van morgen perspectief zien in de landbouw sector in Drenthe en er daardoor weer zin in krijgen om de (ouderlijke) bedrijven voort te zetten en daarmee het grote belang van de Drentse landbouw in de kringloopmaatschappij ook voor de toekomst te behouden. Zodat de burger van de toekomst er ook dan nog van zal kunnen profiteren. Als FDF Drenthe zijn wij ons ervan bewust dat bovenstaande oplossing iets meer tijd kost dan Den Haag en de Provincie voor ogen heeft, maar om te komen tot realistische en goede oplossingen gaat zorgvuldigheid boven snelheid. De huidige werkwijze om met stoom en kokend water gehaast te komen met oplossingen die het probleem enkel virtueel oplossen zijn door de maatschappij niet gewenst en daarnaast voor de langere termijn zeker niet houdbaar. Als Drentse Statenleden en Gedeputeerden vertegenwoordigt u de Drentse bevolking waardoor u op uw positie gekozen bent. Zij hebben recht op een goede door de Drentse bevolking gedragen oplossing, ook al kost dit iets meer tijd dan de door landelijke politieke gestelde deadline. Kringloopmaatschappij sluitend maken, dat is waar het over moet gaan! Met vriendelijke groet, Farmers Defence Force Drenthe

Staat aansprakelijk voor schade onverbindendverklaring PAS?

https://www.boerderij.nl/staat-aansprakelijk-voor-schade-onverbindendverklaring-pas Juriste J Kroon geeft hier een duidelijke uiteenzetting over de rechten van de PAS melders. Ook SSC heeft de staat omtrent dit dossier al in april 21 op voorhand aansprakelijk gesteld. https://www.stikstofclaim.nl/updates/stikstofclaim-stelt-staat-aansprakelijk-voor-schade-voortvloeiend-uit-wanbeleid-stikstof Deze week maakte de Raad van State bekend dat de adresgegevens van de PAS melders openbaar gemaakt dienen te worden. SSC onderzoekt op dit moment of er ,daar waar het prive adres en bedrijfsadres hetzelfde is, er nog een stokje voor te steken is. Er is een Europese richtlijn die daar namelijk iets over regelt. Binnenkort meer daarover. En daarnaast is er nog een groep, de vrijgestelde en de interimmers die ook recht hebben op dezelfde behandeling. Maar hoe worden de PAS melders gelegaliseerd? Dit geschiedt op basis van of intern salderen/ positieve weigering (waar we ook een procedure over voeren ivm meer rechtszekerheid) of middels een Wnb met ruimte uit het stikstofregistratie systeem. Dat stikstofregistratie systeem zal gevuld moeten worden met juridisch houdbare maatregelen, waarbij er eigenlijk maar 1 principe is wat daar voor zorgt en dat is dat een vergunde staart wordt ingeleverd om vervolgens weer via het stikstofregistratie systeem uitgegeven te worden. De saneringsregeling varkenshouderij zorgde voor een heel klein beetje stikstofruimte. Maar het enigste wat echt een oplossing biedt, is bedrijven met een vergunning opkopen (vergunde staarten en hoe dichter bij de N2000, des te liever) en weer uitgeven om bijvoorbeeld de PAS melders te legaliseren. En met het voornemen van de minister deze week om productierechten bij uit of opkoop in te nemen is de krimp van de veestapel in gang gezet. Maar waarom moeten bedrijven die hun zaakjes op orde hebben gedwongen worden plaats te maken omdat de overheid er een chaos van heeft maakt? En daarom heb en blijf ik zeer grote bedenkingen houden bij de rol van gebiedscommissies.

Column: Ambtelijke (staats)greep op het landelijke gebied

Na lezing van alle 3200 pagina's en een kleine vijfhonderd pagina’s in vernoemde rapporten van de Greenpeace-Wob komt Jan Cees Vogelaar maar tot één conclusie. Stikstof is bijzaak. [b]Bewindslieden komen en gaan de ambtelijke macht blijft altijd bestaan.”[/b] Bovenstaande is een uitspraak die wijlen Sicco Mansholt mij ooit meegaf toen ik hem als 23-jarige, nu 36 jaar geleden, met auto naar de trein bracht na een NAJK-congres. Deze woorden hebben de afgelopen zomer voor mij een diepere betekenis gekregen, toen ik een aantal zelf ingediende Wob-verzoeken (Wet openbaarheid van bestuur, red.) met een positief besluit terugkreeg. Met name een Wob over de communicatie tussen ambtenaren van LNV en medewerkers van het Rathenau Instituut over het organiseren van bijeenkomsten die de verhoudingen en het begrip tussen het bedrijfsleven en LNV-ambtenaren zou moeten verbeteren was opvallend. En dan vooral de bijeenkomst welke werd georganiseerd om Geesje Rotgers, Jaap Hanekamp en mijzelf, als voorzitter van het Mesdagfonds, in het gareel te krijgen. De communicatie vanuit LNV over de organisatie, de uiteindelijke bijeenkomst en het op te stellen rapport gaven een bijzonder inkijkje in de LNV-burelen. Het concept-rapport week sterk af van de eindversie en het aan het licht komen van het jarenlang bedrog dat Wur pleegde met zogenaamde zoekgeraakt ammoniakdata werd weggemoffeld. Sinds die Wob heb ik nog een aantal Wob verzoeken ingediend bij LNV en bij diverse provincies. Hiervan zijn er nog een aantal onderweg en voor de beantwoording is er diverse keren uitstel van de termijnen gecommuniceerd. [b]Greenpeace[/b] Half december heeft LNV positief besloten over een Wob-verzoek van Greenpeace, gedaan op 14 juni 2021 met vragen omtrent de communicatie over de totstandkoming van het rapport: ”Stikstofruimte voor de toekomst”. Ruim 3200 pagina’s behorende bij dit Wob verzoek zijn begin januari online gezet en het is een hele kluif om te lezen, te beoordelen en regelmatig andere rapporten die worden genoemd op te zoeken en te kijken wat daarin staat. Het rapport is onderdeel van een drieluik van ABD Topconsult. In dezelfde maand vorig jaar zijn van deze adviesgroep ook de rapporten “Kiezen en delen” en “Normeren en beprijzen van stikstofemissies” verschenen. Alle drie de rapporten hebben de dezelfde teneur. De natuur gaat kapot en de hoofdschuldige is de veehouderij en die moet krimpen. Het is beetje een sport om in de Wob stukken te proberen na te gaan wie nu eigenlijk wat zegt in de bijgevoegde mails waarvan de mailadressen deels of helemaal zwart zijn gelakt. Een deel van de schrijvers ken ik en aan de hand van de formuleringen kan ik redelijk goed inschatten wie de schrijver is. [b]ABD Topconsult[/b] ABD Topconsult is een groepje hoge ambtenaren op de reservebank. Deze zijn soms vanwege een reorganisatie ergens tussen wal en schip geraakt soms omdat ze op de vorige plek niet helemaal top functioneerden of omdat ze bijvoorbeeld alleen worden ingezet als troubleshooter die doorgaans wat sneller rouleren. ABD Topconsult doet zich voor als onafhankelijk adviseur/samensteller van rapporten maar dat is geenszins het geval. Sterker nog, het tegendeel is het geval. Ambtenaren van LNV en de voorzitter van ABD Topconsult schrijfgroep hebben veelvuldig contact over de gewenste inhoud en richting en de ambtenaren van LNV zijn sturend. Opvallend is ook dat een nog niet gepubliceerd lopend onderzoek door Wur en Stichting Biosfeer als input is gebruikt. Dit onderzoek is ook niet later, na publicatie, aan de literatuurlijst toegevoegd maar het is hoogstwaarschijnlijk het onderzoek: “Stikstof en Natuurherstel” welke door de heren De Vries en Van den Burg in opdracht van Natuurmonumenten is gemaakt. In de literatuurverwijzing onderaan op pagina 44 staat dit nog lopende onderzoek onder een andere naam genoemd namelijk: “Stikstof en natuurverliesrisico”. Dit rapport heb ik natuurlijk ook gelezen. Wat blijkt: ook hier zijn de niet door stikstofdepositie metingen gevalideerde modellen van het RIVM het uitgangspunt. Daaromtrent wordt een hele analyse opgezet van dunne eierschalen en gebroken vogelpootjes. Dat je dit binnen een jaar kan oplossen met normaal bekalken, iets wat vroeger ook gewoon in onze cultuurbossen werd gedaan, wordt maar even vergeten. [b]Het ABD Topconsult rapport[/b] In het voorwoord van het rapport “Lange termijn verkenning Stikstofproblematiek” schrijft Harry Paul, de voorzitter van de ABD Topconsult schrijfgroep, dat de informatie van De Vries en Van den Burg onmisbaar was bij het formuleren van de doelen voor de lange en middellange termijn. Arnold van den Burg is een activistische onderzoeker die Johan Vollenbroek van Mob ondersteunde bij een procedure over stikstof bij het Europese Hof. Bijzonder dat juist een rapport van zijn hand als onmisbaar wordt gezien door Harry Paul. Johan Vollenbroek zelf en Valentijn Wösten (advocaat van Mob en Volkert van der G.) komen ook voor met aanbevelingen voor de inhoud van het rapport. Kalverhouderij geschoffeerd Al lezende komen er meer dingen voorbij. Zoals een topambtenaar van Algemene Zaken die nu bij I&W werkt die uitermate denigrerend en schofferend over de kalverhouderij schrijft op een toon die bij een activist past. Volgens mij heb ik zijn twitterprofiel ook in beeld en daarin zie je groot enthousiasme voor Urgenda en andere vergelijkbare activistische clubs. Dat de kalverhouderij een hele belangrijk rol heeft in de hele melkveehouderijketen wordt niet door hem genoemd. Wel spreekt uit zijn bijdrage een aversie tegen veehouderij als geheel. Ik ben benieuwd of over deze schofferende opmerkingen ook vragen worden gesteld in de Tweede Kamer. [b]Reeks van concepten[/b] Al heel in begin van de diverse concepten wordt de keuze gemaakt om de vermindering van de stikstofdepositie in Nederland op het bordje van de veehouderij te leggen. De andere sectoren gaan vanzelf wel omlaag vanwege het klimaatbeleid en de afbouw van het gebruik van fossiele brandstoffen is daarbij het idee. Dat er juist ook hele grote emitters zijn die niet zo veel Nox zullen verlagen blijft onbesproken. Ook wordt in de mailwisseling over de onderzoeksopdracht met ABD Topconsult het stikstofdossier als aanleiding genoemd om andere vraagstukken zoals natuurontwikkeling en het klimaatvraagstuk (methaan) aan te pakken, maar nog sterker werd aangedrongen op herinrichting van het landelijkgebied. Dit is ook opgenomen. Op die herinrichting kom ik later terug. [b]Niet meten[/b] In geen van de 3200 pagina’s heb ik de term “depositie meten” kunnen vinden. Wel het registreren en berekenen van emissie en een paar keer het meten van emissie. Dat meten van stikstofdepositie, maar ook het onderzoeken van stikstof in de bodem niet voorkomen is natuurlijk verbazingwekkend. Zeker als er ook in de mails en verschillende bijdragen grote zorg wordt uitgesproken over de schijnnauwkeurigheid en grote onzekerheden waar Aerius en het rekenmodel Ops mee kampen. Afwijkingen met factor twee locatie specifiek. De eerste de beste rechtszaak over onteigening met als basis een rekensom waar een onzekerheid in zit van factor 2 wordt vast vermakelijk. De onzekerheden worden niet alleen door Staf (Stichting Agrifacts, red.) aangeven maar ook door een wetenschapper van de Universiteit Leiden en door het Rivm zelf. Toch dendert de ABD Topconsult-trein door om vooral de veehouderij als oplossingsbrenger voor het “stikstofvraagstuk” te slachtofferen. Er wordt gestuurd in de teksten in welke gebieden de veehouderij dient te verdwijnen en waar nog enige ruimte is. Ook welke instrumenten daarvoor beschikbaar zijn zoals het mogelijk innemen van vergunningen worden genoemd door de landsadvocaat. [b]25 KM[/b] Minister Schouten heeft vorig jaar besloten in navolging van de commissie Hordijk om de afstand van stikstofdepositie vanaf de bron gelijk te trekken. De afstand voor ammoniak vanuit de veehouderij ging tot meer dan 100 km en die van verkeer Nox tot 5 km. Dit lijkt voordelig voor de Landbouw echter die 100 km was omstreden en die 25 km waarop ammoniak tot depositie kan leiden kent ook geen wetenschappelijke onderbouwing door depositiemetingen. Het zou ook minder dan 5 km of 1 km kunnen zijn. In de onderliggende stukken die ook hier weer aan de orde komen maar die ook via een andere Wob omtrent Schiphol al in beeld was, is er geen enkele wetenschappelijke onderbouwing voor die 25 km. Anders dan dat we kunnen bedenken dat bij de keuze voor 5 km of minder er ook minder veehouderijbedrijven in het rekenmodel tot depositie op stikstofgevoelige natuur zou leiden en dat is bij voorgenomen herinrichting van het platteland niet gewenst. [b]Stikstof bijzaak[/b] Een opvallende mailwisseling is er met een medewerker van het PBL over de milieuschade van de diverse stikstofsoorten. De milieuschade van stikstof (Nh3 en Nox samen) aan de biodiversiteit is jaarlijks circa 1,1 miljard. Hiervan zou circa € 344 miljoen zijn toe te schrijven aan Nox dus verkeer en industrie. Blijft over voor veehouderij € 756 miljoen. Op deze getallen kom ik op het eind terug. Na lezing van alle 3200 pagina en een kleine vijfhonderd pagina’s in vernoemde rapporten kun je maar tot één conclusie komen. Stikstof is bijzaak. Het is een mooi argument om tot herinrichting van het landelijk gebied te komen. Het gaat om het vrij maken van grond voor natuur, infrastructuur en bebouwing. Toen ABD Topconsult haar rapport schreef was er circa 5 miljard euro bestemd voor het beleid. In het coalitieakkoord is 25 miljard voor het stikstofvraagstuk uitgetrokken. Het overgrote deel van dit geld gaat naar de opkoop van veehouderijbedrijven, het afwaarderen van de grond en deze weer kunnen inzetten als “landschapsgronden” waarop extensieve vormen van landbouw mogelijk zijn in de omgeving van natuurgebieden. Dit moet gebeuren via een gebiedsgerichte aanpak, de zogenaamde GGA. De boeren/boerinnen in die gebiedscommissies worden gebruikt als schaamlap voor het zogenaamde draagvlak van het bedrijfsleven. In alle drie de rapporten van ABD Topconsult staat te lezen dat de door Carola Schouten gewenste kringlooplandbouw en natuur inclusieve landbouw als een soort van buffer fungeren tussen natuurgebieden en de overige landbouw. [b]Herinrichting landelijk gebied[/b] In alle drie de rapporten wordt gesproken over herinrichting van het landelijk gebied. Exact de woorden die stikstofminister Van der Wal gebruikte bij haar introductie. Op de website van LNV staat inmiddels het introductiedossier wat de ambtelijke staf heeft samengesteld voor de nieuwe bewindslieden Staghouwer en Van der Wal. In dat introductiedossier staat ook een organogram van LNV. Op 1 januari stond in het organogram van LNV nog een DG Natuur, Visserij en Landelijk Gebied, DG NVLG Johan Osinga. In het nieuwe organogram, welke in het introductiedossier is te zien, heeft Osinga de functie “Kwartiermaker transitie landelijkgebied” gekregen. LNV gaat 25 miljard euro spenderen om de berekende jaarlijkse milieuschade van € 756 miljoen te halveren in 2030 dat is dus een daling van die milieuschade van circa € 328 miljoen. De basis voor deze enorme uitgave van 25 miljard zijn rekenmodellen die niet door metingen zijn gevalideerd. Rekenmodellen waarvan het Rivm zelf, het Plan Bureau voor de Leefomgeving en de cie. Hordijk zeggen dat ze niet geschikt zijn voor plaats specifieke depositieberekeningen. Alsof je bij een verkeersovertreding een boete krijgt omdat je, waar je vijftig mag, mogelijk tussen de 30 en 60 hebt gereden. [b]Nauwkeurig depositie meten doen ze niet[/b] Sterker nog in geen enkel stuk, en ik heb de afgelopen weken en maanden circa 5.000 pagina’s doorgenomen, is een woord over stikstofdepositie metingen en het typeren naar stikstofbron te lezen. 25 miljard gaan uitgeven maar niet eerst meten of de rekenmodellen en de bestaande stikstoftheorie ook in het echt zo uitwerkt, is op zijn zachts gezegd niet een echt heel zorgvuldig besluit. De 25 miljard wordt geparkeerd in fondsen zodat de Tweede Kamer geen zicht meer heeft op de besteding en wordt beperkt in haar controlerende taak. Tussen de drie- en vierduizend veehouderijbedrijven krijgen een kruis over het bedrijf als zijnde “piekbelaster” door de provincie te verwerven om onderdeel te gaan vormen van de landschapsgronden waarop de natuur-inclusieve transitie zonder verdienmodel in de markt moet gaan plaatsvinden. En ter vermindering van de stikstofdruk. In Rusland en voormalige Oostbloklanden hebben we van dergelijk staatsingrijpen een ruim vijftig jaar durende praktijkproef gezien; dat was niet echt een groot succes als het gaat om boereninkomen. [b]Advies aan veehouders[/b] Mijn advies aan veehouders is. Zorg voor een goede rechtsbijstandverzekering en sluit je aan bij StikStofClaim. Naast StikStofClaim en de POV zie ik momenteel geen andere club die voldoende scherpte en doorgronding heeft op het stikstofdossier om de belangen te kunnen verdedigen. Pasmelders, jullie zitten klem en ik zie niet hoe provincies en het rijk tot een snelle oplossing gaan komen binnen het huidige wettelijke bestel. Jullie worden sinds 29 mei 2019 aan het lijntje gehouden en dat gaat nog jaren duren. Gezien de ruimtelijke ambities welke door de ambtenaren zijn opgeschreven heeft de overheid voorlopig ook geen belang om met een oplossing te komen. Belangenbehartigers, stap op de rem en ga niet verder tot dat er daadwerkelijk in ieder stikstofgevoelig natuurgebied stikstofdepositie metingen en herkomst typeringen zijn verricht. Tweede Kamerleden maar vooral Eerste Kamerleden, jullie kunnen de ministers dwingen om voordat er 25 miljard over de balk gaat er daadwerkelijk stikstofdepositiemetingen gaan plaats vinden. De Rekenkamer heeft hierover vorige week een zeer kritisch commentaar gegeven en zegt eigenlijk “dit kan zo niet”. We mogen hopen dat in een rechtstaat de ambtelijke (staats) greep naar de macht over boerengronden zonder deugdelijke wetenschappelijke onderbouwing gaat sneuvelen bij het Europese Hof. Voor veehouders wordt het een heel belangrijk jaar, erop of eronder voor velen. Sterkte in deze moeilijke tijd. Tekst: Jan Cees Vogelaar

​Minachtende toon over kalverhouderij op departement Rutte

De WOB-verzoeken die deze week naar buiten zijn gekomen, laten zien dat ambtenaren op diverse ministeries weinig vleiend over de veehouderij praten. Een mail van een topambtenaar op het departement van premier Rutte over de kalverhouderij is het meest stuitend. Uit de WOB-verzoeken blijkt dat Haagse ambtenaren op diverse departementen ongewenste en waarschuwende informatie over de stikstofproblematiek weglaten en keuzes meermaals op emotionele gronden baseren zonder een feitelijke onderbouwing. De e-mailwisseling op 9 februari 2021 tussen een hoge ambtenaar op het ministerie van Algemene Zaken en een rijksambtenaar (een maand vóór het uitlekken van de scenariostudies over de kalverhouderij) laat aan duidelijk niets te wensen over. De mailwisseling ging over de Onderbouwing Langetermijnverkenning Stikstofproblematiek. Zonder verder commentaar volgt hier de mail: [quote]"Een ding mis ik nog steeds in de hele discussie en komt nu ook slechts heel zijdelings ter sprake. Ik snap de regionale insteek. En dat moet ook. Maar tegelijkertijd kun je ook de vraag stellen of alle deelsectoren in de landbouw even goed scoren in de MKBA. Op dezelfde manier als Lubach (terecht) vragen stelt bij de maatschappelijke meerwaarde van datacenters waar niemand werkt, die ook geen diensten leveren aan de Nederlandse samenleving, maar die wel zeer veel elektriciteit gebruiken met als gevolg dat wij miljarden subsidies uitgeven om aan duurzame energieopwekking om aan onze EU-verplichtingen te voldoen. Dat kan niet positief scoren in een maatschappelijke kosten-batenanalyse. Hetzelfde vraag ik mij af bij de kalvermesterijen. Wat is de meerwaarde van deze sector voor Nederland als we de kalveren uit heel Europa hier naar toe halen; de weinige kalverhouders al decennia nauwelijks iets verdienen; en we de output tegen bodemprijzen exporteren en het verdienvermogen te gering is om zelfs maar minimale dierenwelzijnseisen te stellen. Tegelijkertijd legt de sector wel beslag op stikstofruimte die in andere sectoren veel productiever kan worden aangewend. Zou het ook niet redelijk zijn om een keer de vraag te stellen voor welke toekomstbestendige sectoren / activiteiten we de schaarse milieugebruiksruimte in dit land willen inzetten? Zou dat ook niet een vraag kunnen zijn waar we de discussie moeten beginnen. In plaats dat we met eindeloos subsidie-pleisters plakken, sectoren in de lucht houden waarvan je je echt kan afvragen of ze toekomstperspectief hebben."[/quote]

jan-cees-vogelaar


Topics
0
Reacties
0
Volgers

Over mij

Leeftijd: onbekend
Laatst online: 1mnd geleden

Bedrijven

Ervaring

Ik heb ervaring met de volgende machines:

Merk / type Waardering