Waar is onze democratie?

Door Jaap Majoor, Onze minister van Landbouw wil Nederland van het stikstofslot halen. Ik zeg *ons* stikstofslot, want verder in de wereld bestaat een dergelijk stikstofslot nergens. Hij kondigt ingrijpende maatregelen aan voor de landbouw. Extensieve boeren met veel grond en biologische boeren zullen daar waarschijnlijk minder last van hebben, tenzij hun bedrijf dicht bij een Natura 2000-gebied ligt. Biologische boeren beschikken vaak over veel grond, mede doordat zij bij de verpachting van gronden door natuurorganisaties en gemeenten vaak de voorkeur krijgen. Voor veel andere boeren ligt dat anders. Zeker jonge boeren, die bijvoorbeeld hun broers en zussen moeten uitkopen om het bedrijf voort te zetten, hebben die mogelijkheden niet. Zij dreigen uiteindelijk gedwongen te worden hun bedrijf te beëindigen. Wat het Nederlandse stikstofprobleem zo bijzonder maakt, is de grote verdeeldheid tussen ecologen, medewerkers van Wageningen University & Research (WUR) en mensen uit de praktijk. Hun bevindingen staan soms lijnrecht tegenover elkaar. Zulke fundamenteel verschillende conclusies zouden toch aanleiding moeten zijn om kritische vragen te stellen en beide kanten zorgvuldig te onderzoeken. De linksgeoriënteerde politieke partijen luisteren vooral naar wetenschappers en natuurorganisaties die waarschuwen dat de natuur ernstig achteruitgaat. Vanuit hun politieke visie is dat wellicht te verklaren. Deze partijen lijken economische activiteiten die het milieu belasten zoveel mogelijk te willen beperken. Dat ook de landbouw daarin wordt meegenomen, past binnen die benadering. Maar wat voor mij moeilijk te begrijpen is, is dat ook de VVD en het CDA hierin meegaan. Ook zij lijken uitsluitend te luisteren naar de boodschap dat de natuur achteruitgaat. Als Kamerlid ben je gekozen om het Nederlandse volk te vertegenwoordigen. Bij een onderwerp dat zo ingrijpend is voor de landbouw en de economie als het stikstofbeleid, mag worden verwacht dat beide kanten van het verhaal serieus worden aangehoord. Dat betekent doorvragen, kritische vragen stellen en blijven doorvragen totdat een zorgvuldig en goed onderbouwd oordeel kan worden gevormd. Tot mijn verbazing gebeurt dat niet. Er wordt vrijwel uitsluitend geluisterd naar de groep wetenschappers en natuurorganisaties die stelt dat de natuur ernstig wordt bedreigd. De andere groep wetenschappers, WUR-medewerkers en boeren krijgt wel de gelegenheid om hun verhaal te doen, maar daarop worden nauwelijks vragen gesteld. Hun inbreng lijkt geen rol te spelen in de besluitvorming. Zelfs wanneer om een inhoudelijke reactie wordt gevraagd, blijft die vaak uit. Het voelt alsof je tegen een ondoordringbare muur spreekt. Dat is frustrerend. Daardoor groeit bij veel mensen die dagelijks met de natuur werken het gevoel dat hun kennis en ervaring niet serieus worden genomen. Het gevolg is dat zij steeds minder begrip hebben voor de besluiten die in Den Haag worden genomen. Daardoor rijst bij mij de vraag hoe goed onze democratie nog functioneert. Wanneer slechts één kant van een maatschappelijk debat werkelijk wordt gehoord, neemt het vertrouwen in de politiek af en groeit de polarisatie. Naar mijn mening dragen juist onze volksvertegenwoordigers daarvoor een grote verantwoordelijkheid. Hoe kunnen wij nog een open discussie voeren met Kamerleden die, in de ogen van veel boeren en deskundigen uit de praktijk, hun standpunt al hebben bepaald? Jaap Majoor - Laag Zuthem

Meer dan 188.000 bliksemontladingen door noodweer gisteravond: 'Dit is uitzonderlijk'

Volgens het KNMI zit er niet vaak zo veel energie in de lucht als gisteravond het geval was. De tropisch warme dag van gisteren eindigde met donder, bliksem en hevige regenbuien, met schade en een dode als gevolg. Daarbij mat het KNMI meer dan 188.000 ontladingen van bliksem in de lucht. Dat is uitzonderlijk, vertelt een woordvoerder. "De energie in de lucht was bijzonder hoog." In het onweerarchief van het KNMI valt te zien dat er in de afgelopen jaren slechts een aantal keer onweersbuien zijn voorgekomen waarbij er meer dan 100.000 bliksemontladingen werden gedetecteerd. Klimaatverandering Of de hevigheid van het onweer gisteren valt te wijten aan klimaatverandering valt niet met zekerheid te zeggen. Recent onderzoek van het KNMI laat zien dat de trends wat betreft onweer, hagel en windstoten "veel onzekerder zijn dan eerder gedacht". Of er een toename van bliksem in Nederland gaat voorkomen valt ook nog niet te voorspellen, volgens het weerinstituut. Wat het KNMI wel ziet, is dat het aantal zware buien met extreme neerslag is toegenomen: waar in de tweede helft van de vorige eeuw gemiddeld nog zo'n vijf dagen per jaar zware neerslag werd gemeten, zijn dat in deze eeuw zo'n negen per jaar. Het KNMI verwacht dat deze trend zich voortzet en er vaker extreme buien in de zomer zullen voorkomen. Het weerinstituut schrijft dat klimaatverandering daar op verschillende manieren invloed op heeft: doordat het warmer is neemt onder meer de hoeveelheid waterdamp in de atmosfeer toe. Dat kan buien intenser maken. Voor een buienwolk zijn namelijk drie ingrediënten nodig, schrijft het KNMI. "Vocht, een onstabiele atmosfeer en iets wat de lucht omhoog laat bewegen. Dit laatste kan een regenfront zijn, een heuvel waar een lucht tegenop beweegt, of voldoende warmte aan de grond." Zware buien zoals die van gisteren ontstaan vaak bij hoge temperaturen of vlak na een warme periode. Als warme, vochtige lucht zich met koude lucht vermengt, kan dat zich snel ontwikkelen tot een onweersbui. Als lucht opstijgt koelt deze af en neemt de vochtigheid toe. Doordat warme lucht stijgt en koudere lucht valt, bewegen luchtstromen met elektrisch geladen deeltjes langs elkaar en kan elektrische lading ontstaan. Als de lading groot genoeg is, kan er bliksem ontstaan. Veel schade Het noodweer van gisteren veroorzaakte veel schade: bomen waaiden om, een woning vloog in brand na een blikseminslag, een stortvloed spoelde een bruidfeest weg, en er viel een dode doordat een boom een auto raakte. In Midden-Nederland werd een NL-Alert verstuurd vanwege de extreme weersomstandigheden. Er werd opgeroepen binnen te blijven en alleen 112 te bellen in levensbedreigende situaties. De Onderzoeksraad voor Veiligheid waarschuwde in januari nog dat Nederland onvoldoende voorbereid is op veiligheidsrisico's door extreme regen. Het kabinet werd onder meer geadviseerd om ervoor te zorgen dat het makkelijker wordt om vroegtijdige weerwaarschuwingen af te geven, en informatie over (grond)waterstanden en stresstesten breder te delen. De aankomende dagen blijft het erg warm, met temperaturen die oplopen tot 32 graden. Door de aanhoudende hitte geldt er tot dinsdag een code geel. Ook is er opnieuw kans op onweer in het zuiden.

Column: De aanval op onze voedselzekerheid - LTO

Door Wim Brouwer, Generaties lang hebben boeren gewerkt aan een landbouwsysteem dat voedsel produceert voor miljoenen mensen. Veehouderij vormt daarvan een onmisbare schakel. Niet alleen omdat vlees, melk, en eieren belangrijke voedingsmiddelen zijn, maar ook omdat dier en plant in de landbouw onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Toch wordt vanuit de groene beweging steeds vaker het beeld neergezet dat de ideale toekomst bestaat uit akkers vol plantaardige eiwitten en stallen die voorgoed leegstaan. Alsof voedselproductie een eenvoudig rekensommetje is dat je achter een bureau kunt oplossen. Alsof dieren slechts een belasting vormen voor het milieu en geen onderdeel zijn van een natuurlijk en economisch systeem dat al eeuwenlang functioneert. Wat daarbij opvalt, is dat de werkelijkheid nauwelijks nog een rol lijkt te spelen. Dezelfde mensen die spreken over natuurlijke kringlopen, lijken te vergeten dat vruchtbare landbouwgrond voedingsstoffen nodig heeft. Dierlijke mest is niet zomaar afval; het is een essentiële bouwsteen voor de bodem waarop onze gewassen groeien. Akkerbouw en veeteelt zijn geen tegenpolen, maar partners in een systeem dat elkaar versterkt. Ook het beeld dat vleesconsumptie per definitie verkeerd zou zijn, verdient meer nuance dan het tegenwoordig krijgt. Natuurlijk kunnen mensen ervoor kiezen vegetarisch of veganistisch te leven. Dat is hun goed recht. Maar het verheffen van die keuze tot morele norm voor de hele samenleving is iets anders. Wat misschien nog het meest stoort, is de toon waarmee vaak wordt gesproken over boeren en voedselproducenten. Mensen die dagelijks zorgen voor ons voedsel worden neergezet als vervuilers, terwijl steeds minder mensen nog weten waar hun eten vandaan komt. Alsof voedsel vanzelf in de supermarkt verschijnt. Alsof landbouwgrond zonder boeren kan bestaan. Alsof dieren uitsluitend een probleem zijn en geen onderdeel van een zorgvuldig opgebouwde voedselketen. De gevolgen van dit groene wensdenken worden bovendien ernstig onderschat. Wanneer we de veehouderij steeds verder terugdringen en voedselproductie ondergeschikt maken aan ideologische doelen, komt onze voedselzekerheid onder druk te staan. Dat is geen theoretisch risico, maar een vraagstuk van strategisch belang. Nederland heeft in de afgelopen jaren veel van zijn economische en industriële zelfstandigheid uit handen gegeven. Juist daarom moeten we zuinig zijn op een van onze laatste echte strategische troeven: de mogelijkheid om zelf voedsel te produceren. Voedselzekerheid is geen luxe. Het is een fundament onder onze nationale veiligheid. Wie naar de wereld kijkt, ziet dat geopolitieke spanningen toenemen. Oorlogen, handelsconflicten, verstoringen van internationale aanvoerketens en groeiende machtsblokken maken landen kwetsbaar. In zo’n wereld is het onverstandig om de eigen voedselproductie bewust af te bouwen en afhankelijker te worden van import uit andere delen van de wereld. Een land dat zijn voedselvoorziening uit handen geeft, geeft uiteindelijk ook een deel van zijn zelfstandigheid uit handen. De ironie is dat juist de mensen die zeggen de natuur te verdedigen, soms lijken te vergeten dat ook de mens onderdeel is van diezelfde natuur. Landbouw, voedselproductie en natuurbeheer hoeven geen tegenstellingen te zijn. Eeuwenlang hebben boeren het Nederlandse landschap gevormd. De weilanden, de akkers en de bedrijven die ons dagelijks van voedsel voorzien, zijn niet de vijanden van het landschap. Ze maken er deel van uit. Misschien wordt het tijd om minder te luisteren naar ideologische blauwdrukken en meer naar de mensen die dagelijks verantwoordelijkheid dragen voor onze voedselvoorziening. Mensen die begrijpen dat duurzaamheid niet ontstaat door vee weg te denken, maar door verstandig om te gaan met dieren, grond en productie. Want een samenleving die haar boeren verliest, verliest meer dan een economische sector. Ze verliest een deel van haar onafhankelijkheid, haar voedselzekerheid en uiteindelijk haar vermogen om voor zichzelf te zorgen. Wim Brouwer

Rechtbank: Lactalis mocht wel maandelijks eenzijdig de melkprijs vaststellen

In 2024 heeft de ACM (Autoriteit Consument en Markt) aan Lactalis een “last onder dwangsom” opgelegd omdat Lactalis de Wet Oneerlijke handelspraktijken Landbouw zou hebben overtreden. Lactalis stelde volgens de ACM maandelijks eenzijdig en op een ondoorzichtige manier de melkprijs vast. En dat is in strijd met de Wet OHP landbouw. Tegen dit besluit is Lactalis in beroep gegaan bij de rechtbank. En met succes. Kort samengevat zegt de rechtbank het volgende: De Wet OHP Landbouw bepaalt dat een afnemer onrechtmatig handelt jegens een leverancier wanneer de afnemer de leveringsvoorwaarden (bijvoorbeeld de prijs) eenzijdig wijzigt. In de leveringsvoorwaarden van Lactalis is opgenomen dat Lactalis maandelijks eenzijdig de melkprijs vaststelt. Bij het maandelijks vaststellen wijzigt Lactalis de leveringsvoorwaarden niet. En dus kan er volgens de rechtbank niet worden gesproken van een eenzijdige wijziging van de leveringsovereenkomst. En dus is er geen overtreding van de Wet OHP Landbouw. https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:RBROT:2026:6092&showbutton=true&keyword=acm&idx=2

Tekort aan vaarzen in Amerika: koeien gezond oud laten worden steeds belangrijker

Meerdere ontwikkelingen tegelijk zorgen voor een historisch lage beschikbaarheid van vaarzen in Amerika, volgens dierenarts Dr. Gavin Staley De Amerikaanse melkveehouderij bevindt zich in een uitzonderlijke situatie. Tijdens het International Symposium on Dairy Nutrition in Wageningen eind maart schetste hij hoe meerdere ontwikkelingen tegelijk zorgen voor een historisch lage beschikbaarheid van vaarzen in Amerika. Het gevolg: melkveehouders moeten hun koeien langer aanhouden. Dit vraagt ook een andere kijk op diergezondheid, zo stelt Staley. Staley sprak over een ‘perfect storm’, oftewel het komt van alle kanten in de Amerikaanse melkveehouderij. Verschillende ontwikkelingen hebben de sector in een ongekende situatie gebracht. Een belangrijke factor is de krimp van de Amerikaanse vleesveestapel. Daardoor is de vraag naar kalveren voor de vleesketen sterk toegenomen. Gebruik van gesekst sperma en vleesstierkruisingen hebben in de melkveehouderij een grote vlucht genomen. Voor veel melkveehouders is een kruislingkalf financieel zeer aantrekkelijk geworden. Daardoor is op veel bedrijven minder sterk gestuurd op de productie van voldoende eigen vervangingsdieren. Het resultaat is dat de Verenigde Staten nu te maken hebben met het laagste vaarzenbestand in 48 jaar

FarmerBN

@Farmerbn


Topics
0
Reacties
0
Volgers

Over mij

Leeftijd: onbekend
Laatst online: 1u geleden

Bedrijven

Ervaring

Ik heb ervaring met de volgende machines:

Merk / type Waardering