Veel ziekenhuizen kunnen corona afdelingen sluiten

Het gaat gelukkig de goede kant uit. Mede door vaccinatie. Nu ruim 50% van de bevolking een eerste prik heeft gehad. Zo meld het onderstaande bericht over al 20 ziekenhuizen waar de corona afdeling kon worden gesloten. Steeds meer zien mensen daadwekelijk dat vaccinatie vrijwel nooit ernstige klachten geeft maar wel de besmetting en ziekenhuis en IC opnames nu drastisch en sprongsgewijs verminderd. Bij mensen die aardbeien eten komt ongeveer 1 % allergie voor https://voedselintolerantie.nl/aardbei-allergie/#:~:text=Aardbei%20allergie%20of%20intolerantie%3F,de%20bevolking%20daadwerkelijk%20een%20allergie. Bij het Phizer en Moderna vaccin maar een honderste van 1% allergie. Toch zijn mens nogal eens banger voor vaccinatie dan voor aardbeien eten door alle spookverhalen Ter gerust stelling, ondanks idioten die roepen dat vaccinatie erger is dan Covid 19: De ziekenhuizen die hun corona afdelingen sluiten krijgen geen patienten binnen t.g. v. Corona vaccinatie Terwijl in Nederland van alle bevestigde besmetting ongeveer 1% sterfte is geweest , van die besmettingen heeft tevens 10% v langere tot veel langere gezondheids klachten . Zie https://allecijfers.nl/nieuws/statistieken-over-het-corona-virus-en-covid19/#Corona_kerncijfers Hier de sluiting corona afdelingen https://www.lc.nl/binnenland/Steeds-meer-ziekenhuizen-sluiten-corona-afdelingen-26856550.html [easypoll]60afbda7e4b08a57a0400dd6[/easypoll]

Mogelijke toekomst van het mestbeleid , N en P

Welke kant gaat Nederland op met de veehouderij? Het gevecht gaat over stikstof en de ruimte. LTO blijft vol houden aan technische bron maatregelen, naast het verkleinen van de sector. NMV is het spoor bijster en heeft op dit moment geen visie. Probleemstelling: Mineralenstromen zijn in onbalans, vergunningen bieden geen rechtszekerheid, rechtelozen door beleid en nationale ruimte behoefte.. Duidelijk is dat vergunning verlening stil ligt en bij ongewijzigd beleid niet vlot getrokken wordt, ook niet met de Wsn. Dus elke maatregel of plan van een belangenpartij die zorgt dat er een nieuwe of revisie vergunning aangevraagd moet worden, zorgen voor meer rechteloosheid. Voor NB wordt dit een spannende case. Ook derogatie loopt gevaar en politiek wil snijden in de staarten. Maar is dit nodig? Heeft iemand wel overzicht of voldoende feiten kennis? Even brainstormen Hoeveel grond is er nodig, er vanuit gaande dat de intensieve sector naast hun voedselproductie, met hun mestproductie in dienst staan van de grondgebonden sectoren. Melkveehouderij 13 miljard kg melk/16500 kg per ha is krap 800k ha(zorgt ook voor meer eiwit productie op bedrijf) Akkerbouw 550 k ha tuinbouw 100 k ha. Dan blijft nog 500k ha over voor woningen, industrie en natuur. Zie onderstaande afbeelding stikstifstroom. 507 miljoen kg N uit mest produceren we, daarvan gaat er 322 miljoen kg N verloren. Absurd. En om de boel nog verder uit balans te krijgen is er een kunstmest input van 222 miljoen N en via de output exporteren en verbranden we mest. Daarmee belasten we het klimaat twee keer. Te zot voor woorden. Bij de huidige productie is 1.5 miljoen ha land nodig en geeft dat een N druk van 340 kg N per ha en 110 kg fosfaat (P x 2.29). Wat is er nodig: Geld voor herverkaveling en opwaardering mest intensieve veehouderij en onderzoek betere benutbaarheid stikstof. Geen mest verbranden, maar kunstmest vervangen door opgewaardeerde mest Mestbeleid moet wijzigingen in andere plaatsingsnormen voor met waarbij kunstmest verdrongen moet worden door opgewaardeerde mest uit de intensieve veehouderij. Voordeel, enorme klimaat voordeel door kunstmest inwisselen. Daardoor neemt de stikstof druk in Nederland met een derde af. Daarnaast zullen we de overheid gezamenlijk moeten dwingen voor meer rechtszekerheid zodat we allemaal weer een vergunning krijgen omdat we laten zien dat we stikstof probleem ook werkelijk aanpakken, de stikstof deken verminderen en het belangrijkste : we houden de voedselproductie min of meer op peil. Waarom kan niemand nuchter denken?

FDF wint rechtszaak..

DE NEDERLANDSE STAAT EN AVROTROS ‘OP DE KNIEËN’ FDF WINT RECHTSZAAK 20 april 2021 Op 2 april diende bij de Rechtbank in Den Haag de zaak van FDF tegen de Nederlandse Staat en omroep AVROTROS, na een uitzending van het tv-programma Opsporing Verzocht waarin FDF, geheel ten onrechte, in verband werden gebracht met brandstichting, onder meer vlakbij het RIVM in Bilthoven. Vandaag ontvingen wij de uitspraak van de Rechtbank: FDF is door de Rechtbank in het gelijk gesteld! In de beslissing stelt de kantonrechter o.a. het volgende: “De kantonrechter: – verklaart voor recht dat de Staat c.s. jegens Farmers Defence Force onrechtmatig heeft gehandeld, namelijk in strijd met hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt, door met de gewraakte uitlatingen de eer en goede naam van Farmers Defence Force aan te tasten, terwijl een (deugdelijke) feitelijke onderbouwing ontbreekt” De volledige uitspraak kun je hier lezen. Voor FDF is dit vonnis erg belangrijk. Een groeiende groep politici en journalisten/columnisten vindt het klaarblijkelijk geen enkel probleem om de eer en goede naam van FDF te beschadigen, door onjuiste en onware berichten naar buiten te brengen. FDF heeft verschillende malen aangegeven aan deze partijen, dat daar een einde aan komen! Door die inteelt op leugens, gaat dit nepnieuws een eigen leven leiden bij het Nederlandse volk. De Staat en AVROTROS zijn door de rechtbank veroordeelt tot het betalen van schadevergoeding. Sigrid Kaag mag vandaag haar conclusie van antwoord indienen in de zaak die FDF tegen haar heeft aangespannen naar aanleiding van onterechte beschuldigingen jegens FDF in het programma Nieuwsuur. Binnenkort dient ook de zaak tegen NRC. FDF zal, gesterkt door dit vonnis, andere aanklachten overwegen die minstens even ernstig zijn. We herhalen wat we op 2 april ook al stelden: Iedereen mag over FDF schrijven, ook kritisch, maar dan wel in lijn met de waarheid! Dit vonnis is een bekrachtiging van hetgeen wij steeds hebben gesteld: onze goede naam en eer wordt ten onrechte aangetast! Waarmee ook de beeldvorming bij het Nederlandse volk over onze achterban, de leden en de sector op verwerpelijke wijze wordt beïnvloed. Dit vonnis moet voor vertegenwoordigers van de politiek, maar vooral voor vertegenwoordigers uit de media, stof tot nadenken geven: jullie functie én taak is het om zaken te onderzoeken op de waarheid. Jullie dienen polarisering te voorkomen (in plaats van op te roepen) door op de juiste wijze verslag te doen van wat er in de wereld gebeurt. Wees geen producent van nepnieuws. Beperkt jullie tot de waarheid! Door leugens te verkondigen beschadigden jullie het vertrouwen in de politiek en de media. En daar zijn jullie helemaal zelf verantwoordelijk voor. “Slecht nieuws” ten aanzien van FDF vind altijd razendsnel zijn weg naar de voorpagina’s. FDF rekent er op dat dit goede nieuws voor FDF, even snel verspreid zal worden… Het FDF-bestuur 20 april 2021

Biodynamische landbouw is nuttig voor de wetenschap, maar qua voedselvoorziening een goedbedoelde misdaad tegen de menselijkheid

Biologische landbouw is nuttig voor wetenschappelijk landbouwkundig onderzoek, stelt Piet van der Berg. Als instrument om de wereldbevolking te voeden is het volgens hem een goedbedoelde misdaad tegen de menselijkheid. In recente zaterdagedities van deze krant vulden artikelen over de landbouw de opiniepagina’s.[url=https://www.dvhn.nl/meningen/Opinie/De-linkse-partijen-weten-echt-niet-wat-ze-aanrichten-met-hun-anti-boerenbeleid-26746528.html] ‘Anti-boerenbeleid van links werkt averechts’[/url] opende Jaap Majoor op 3 april. Een week later pareerde de familie Van Tilburg: [url=https://www.dvhn.nl/meningen/Opinie/Biodynamische-landbouw-een-links-waanidee-Onzin-26758889.html]‘Biologisch-dynamisch boeren is geen links waanidee’ . [/url]Wie heeft gelijk? Kostprijs vertienvoudigt Majoor berekende dat als biodynamische landbouw de norm wordt, de kostprijs van voedsel zal vertienvoudigen: ‘groente en fruit zal nog slecht betaalbaar zijn voor mensen die tweemaal modaal verdienen’. Hij rept van hongersnood, voorspelt dat onze voedselproductie naar het buitenland zal verdwijnen en stelt aldus dat boeren massaal failliet zullen gaan, waarmee ook het landschapsbeheer wegvalt dat zij gratis plegen. Niet alleen boeren failliet Niet alleen boeren zullen volgens Majoor failliet gaan. Ook toeleveranciers en verwerkende bedrijven, wat duizenden banen zal kosten. Kortom, bij overstap naar biodynamische landbouw voorziet Majoor rampen van oudtestamentische proporties. En passant stelt Majoor dat deze vorm van landbouw niet duurzamer is dan gangbare landbouw. Laatstgenoemde krijgt onterecht de aantasting van de biodiversiteit in de schoenen geschoven: de werkelijke oorzaak ligt volgens hem in de toename van roofdieren. Ook de natuurlijke stikstofuitstoot wordt de gangbare landbouw onterecht aangerekend als zijnde schadelijk, stelt hij. Veevoer van eigen grond De Van Tilburgs stellen dat biodynamische landbouw wel degelijk reëel is: ‘Onze koeien bedrijven geen topsport, en worden daardoor ouder’. Waarom dat beter is voor het milieu, benoemen ze helaas niet. Wel stellen ze dat biodynamische landbouw staat voor kringlooplandbouw. Ze wekken zelfs de indruk al hun veevoer te winnen van eigen grond. Toch is het aannemelijk dat ook zij voedingsstoffen van buitenaf aantrekken. Als ze die immers wel afvoeren (melk en vlees) maar niet aanvoeren, mergelen ze per saldo hun grond uit. Ongelijk speelveld Het belangrijkste argument van de Van Tilburgs is dat zij een ongelijk speelveld zien. Zij vinden hún producten niet te duur, maar die van de gangbare landbouw te goedkoop, omdat in de prijs daarvan milieueffecten niet zouden zijn meegerekend. In hun artikel sommen de Van Tilburgs hun bedrijfsgegevens op. Dat maakt vergelijking mogelijk met de gangbare landbouw. Op 128 hectare houden zij 90 melkkoeien en 60 stuks jongvee. Dat zijn samen circa 112,5 GrootVeeEenheden (GVE). Ze houden dus 1,14 GVE per hectare. 83 hectare pure natuur De gangbare landbouw haalt 2,5 GVE per hectare. Zouden de Van Tilburgs dus niet biodynamische maar gangbare landbouw bedrijven dan zouden zij slechts 45 hectare nodig hebben, en 83 hectare kunnen omzetten in pure natuur! Meer zelfs, want hun koeien leveren gemiddeld 7.500 liter melk per lactatie. Die van de gangbare landbouw 10.000 liter. De Van Tilburgs hebben dus onnodig extra koeien. Hadden zij die niet, dan konden ze nóg meer hectaren teruggeven aan de natuur. Extra koeien stoten meer uit Daarbij: als koeien broeikasgassen uitstoten, doen onnodig extra koeien dat uiteraard ook. Een liter biodynamisch geproduceerde melk is volgens deze redenatie dus schadelijker voor het klimaat dan een liter gangbaar geproduceerde melk. De biodynamische sector zal aanvoeren dat de oppervlakte moet worden meegerekend, waarop het veevoer wordt geteeld dat de gangbare landbouw importeert. Terecht, maar dat overbrugt niet het verschil tussen 1,14 en 2,5 GVE. Geïmporteerd veevoer bestaat immers voornamelijk uit reststromen van teelten voor menselijke consumptie, zoals sojaschroot. Regelrechte natuurramp Als omschakeling naar biodynamische landbouw de voedselproductie inderdaad uit Nederland verjaagt, zoals Majoor beweert, veroorzaakt dat een regelrechte natuurramp. Vrijwel nergens in de wereld is de grond namelijk zo vruchtbaar als in Nederland. Een hectare Nederlandse landbouwgrond compenseren, kost elders minstens twee hectaren – die men daar dan onvermijdelijk moet onttrekken aan de natuur. Biologische landbouw is nuttig om soorten en methoden in stand te houden voor wetenschappelijk landbouwkundig onderzoek. Maar als instrument om de wereldbevolking te voeden is het een goedbedoelde misdaad tegen de menselijkheid. Wie heef gelijk? In meer diplomatieke bewoordingen is dat exact hoe vooraanstaande landbouw- en voedselinstituten erover denken – waaronder de meest vooraanstaande, onze eigen Wageningen University & Research. Kortom, wie heeft gelijk? De familie Van Tilburg in ieder geval niet, vrees ik. [i]Piet van den Berg uit Spier is agrarisch geschoold en werkzaam bij het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK). Hij schreef dit stuk op persoonlijke titel[/i]

Bouw nieuwe stallen verboden: provincies en rijk samen naar de rechter

De provincie Brabant gaat samen met alle andere provincies en twee ministeries in beroep tegen een beslissing van de rechtbank Noord-Nederland over de bouw van milieuvriendelijke stallen. De overheden zijn bang dat ze door de uitspraak worden gehinderd bij het oplossen van de stikstofcrisis. De rechtbank Noord-Nederland vernietigde op 11 maart de vergunning van een boer in het Friese Ee voor de uitbreiding van zijn stal. Volgens de rechtbank konden de boer en de provincie niet aantonen dat het bedrijf door de nieuwe stal minder stikstof uitstoot. De boer had juist gekozen voor een stal die volgens de regels van het Ministerie van Landbouw voor minder stikstof zou zorgen. Geen nieuwe stallenDe rechtszaak tegen de vergunning was aangespannen door 'Mobilisation for the Environment'. Die milieuorganisatie beroept zich op een onderzoek van het CBS uit 2019 dat vraagtekens zet bij de effectiviteit van milieuvriendelijke stallen. De uitspraak van de rechter betekent dat er in ieder geval voorlopig geen nieuwe stallen gebouwd kunnen worden. Het rijk én de provincie Brabant zetten juist in op nieuwe stallen om de stikstofcrisis te bestrijden. Uitgangspunt is dat met nieuwe technieken de stikstofuitstoot van stallen omlaag kan. In Brabant leidde de verplichting voor nieuwe stallen tot de bestuurscrisis van december 2019. Het nieuwe college houdt vast aan de verplichting voor boeren om nieuwe stallen te bouwen maar verschoof de deadline van 2022 naar 2024. Losse schroevenDe beslissing van de rechter in Groningen zet dit hele systeem op losse schroeven. Vandaar dat een brede coalitie van rijk en provincies nu bij de Raad van State bezwaar aantekent. Procedures bij de Raad van State kunnen lang duren. De coronacrisis vertraagt ook daar veel zaken. In Brabant wordt spannend of de uitspraak van de Raad van State zo snel komt dat de provincie de deadline van 2024 voor de bouw van nieuwe stallen vast kan houden.

Timmermans zadelt ons op met bio-boterbergen

[quote]„Bij wet vastleggen dat over tien jaar 25% van onze landbouwproductie biologisch moet zijn, staat ver af van de werkelijkheid”, stelt Bert-Jan Ruissen.[/quote] OPINIE Bert-Jan Ruissen, Europarlementslid SGP De groei van de biologische landbouw lijkt er momenteel uit te zijn. De consument heeft maar beperkte belangstelling voor bio–groente en eco-vlees: in supermarkten komt de omzet al jaren amper boven de 3%. En dat is natuurlijk best spijtig, want de biologische landbouw zet mooie en schone producten op de markt. Hoe moet een overheid daar nu mee omgaan? EU-commissaris Frans Timmermans weet de oplossing wel: we gaan in Europa gewoon bij wet vastleggen dat over tien jaar 25% van onze landbouwproductie biologisch moet zijn. Binnenkort komt hij met een actieplan hoe hij dat doel wil halen. Het laat zich raden: we geven er nog wat subsidies bij, wat bewustwordingscampagnes richting de consument en dan moet het wel goed komen. Achterhaald concept Het is een benadering die je in bureaucratisch Brussel wel vaker tegenkomt: het achterhaalde concept van de maakbare samenleving, ver weg van de dagelijkse werkelijkheid. Want de overheid kan nog zoveel bedenken, uiteindelijk is ook de biologische landbouw een gewone economische sector. Die moet het hebben van de bereidheid van de consument om zijn producten af te nemen en daarvoor een eerlijke prijs te betalen. Eenzijdig focussen op biologische landbouw is daarom niet verstandig. Het is en blijft voorlopig een kleine markt. Proberen dat kunstmatig te doorbreken met een wettelijk voorschrift dat minimaal 25% biologisch moet zijn, zal alleen maar marktverstorend werken. Het zorgt voor biologische boterbergen, waarschuwde landbouweconoom Krijn Poppe in vakblad De Boerderij. Hij heeft gelijk. De prijzen gaan dan zwaar onderuit, zo valt te vrezen. Daar zijn biologische boeren zeker niet mee gediend. De vraag is bovendien of het wel zo’n groot probleem is dat de biologische landbouw stagneert. Ook gangbare landbouw kan immers duurzaam zijn. De afgelopen decennia heeft deze sector het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en antibiotica bijvoorbeeld al fors teruggedrongen. De Europese landbouw is inmiddels één van de milieuvriendelijkste ter wereld. In plaats van alles van biologische landbouw te verwachten, doen we er daarom goed aan breder te kijken en de positieve ontwikkelingen ook in de gangbare landbouw verder aan te moedigen. Bijvoorbeeld door te snijden in overbodige regels, door te investeren in nieuwe plantenrassen die beter bestand zijn tegen ziekten en plagen. Of door de snellere toelating van nieuwe, minder milieuvervuilende gewasbeschermingsmiddelen. Het sleutelwoord daarbij is innovatie. Met slimme technieken kan de milieudruk verder omlaag. Vergeet niet dat er voldoende voedsel moet zijn voor de groeiende wereldbevolking. Dat vraagt om moderne landbouw met hoge productie. Eigen keuzes Iedere boer maakt daarbij z’n eigen keuzes. Waar de één kiest voor biologisch, kiest de ander voor schaalvergroting. Boeren zijn ondernemers die zeer wel in staat zijn een eigen weg te gaan. Dat is een kwestie van goed ondernemerschap. Maar uiteindelijk geldt een harde economische wet: alleen bij voldoende inkomen heeft het bedrijf toekomst. En juist daar knelt het vaak. Boeren krijgen doorgaans geen eerlijke prijs voor hun product. Biologische landbouw heeft zeker toekomst. Als er vraag is, volgt het aanbod vanzelf. Maar ook andere boeren die verduurzamen moeten op ons kunnen rekenen. [i]Bert-Jan Ruissen is lid van het Europees Parlement voor de SGP en de enige Nederlandse onderhandelaar voor het gemeenschappelijk landbouwbeleid in het Europees[/i]

Vogelaar en Van der Tak (LTO) zijn het oneens over kwalijke uitwerking stikstofwet

Boerenstem broodnodig Jan Cees Vogelaar (landbouwkandidaat voor JA21 bij de komende Tweede Kamerverkiezingen) en Sjaak van der Tak (voorzitter landbouworganisatie LTO) spraken afgelopen week over een aantal agrarische dossiers. Van der Tak steunt Vogelaar in zijn strijd voor een zetel in de Tweede Kamer, maar de twee werden het niet eens over de kwalijke uitwerking van de aanstaande stikstofwetgeving voor met name veehouders. Van der Tak en Vogelaar wisselden van gedachten over onder meer het stikstofbeleid, verdienmodellen en korte ketens zoals bv AH en Royal Aware hebben, de politieke verhoudingen en de positie van boeren en tuinders daarin. Van der Tak gaf aan dat het altijd goed is wanneer mensen met kennis van zaken van de agrarische sectoren en ketens, in de Tweede Kamer komen. Vanuit deze visie steunt hij de kandidaatstelling van Vogelaar. Oneens over Stikstofwet Over het stikstofbeleid verschillen Vogelaar en Van der Tak in hoge mate van mening. Volgens Van der Tak heeft LTO het maximaal haalbare bereikt binnen de huidige stikstofwet, Vogelaar verwacht dat Van der Tak van een koude kermis zal thuiskomen. Van der Tak is van mening dat de stikstofwet een oplossing biedt voor PAS-melders. Vogelaar is dat niet met hem eens. De nieuwe wetgeving is nog gebrekkiger onderbouwd dan de PAS, er zitten nog meer gaten in, die zullen worden aangegrepen door milieuorganisaties zoals MOB. De PAS-melders en ook de bouwbedrijven die hiermee vlot getrokken moeten worden, komen niet van de regen in de drup, maar van de drup in de regen. Volgens Vogelaar ontgaat het Van der Tak welk vuige spel gespeeld wordt. Onlangs kwam bijvoorbeeld uit dat er heel veel stikstofgevoelige natuur was bijgetekend, buiten alle democratische processen om. Hetzelfde lijkt nu het geval bij de waslijst aan soorten die is bijgeplust. Stikstof depositieberekeningen van boeren in bepaalde regio’s komen daardoor opeens veel nadeliger uit. Bovendien kent de stikstofwetgeving geen enkele onderbouwing in depositiemetingen. De overheid kan met het huidige model vol aannames naar believen aan knoppen draaien. Deze virtuele wereld heeft met de werkelijkheid niet veel meer van doen. Verdienmodellen Waar Vogelaar en Van der Tak het wél over eens zijn, dat zijn de verdienmodellen: “Inkomen daar draait het om”. Met die leus ging Jan Cees Vogelaar in 1996 de verkiezingen in voor voorzitter van de LTO-vakgroep Melkveehouderij. En daar draait het nog steeds om. Overheidsbeleid – middelvoorschriften waarbij het doel buiten beeld is gevallen - jaagt boeren geregeld onnodig op kosten. En van verdienmodellen hebben veruit de meeste politici nog nooit gehoord. Van der Tak ziet de samenwerking van Royal A-ware met Albert Heijn in het programma Beter voor Koe, Natuur&Boer als een goed voorbeeld hoe in de keten meerwaarde voor boeren uit de markt kan worden gehaald. Vogelaar is betrokken geweest bij de opzet van dat programma. Boerenstem broodnodig Vogelaar en Van der Tak zijn het er ook over eens dat een inhoudelijk sterk boerengeluid in de Tweede Kamer harder nodig is dan ooit. Het mag niet gebeuren dat een belangrijke economische sector in Nederland, de speelbal wordt van Randstedelijk wensdenken;

Ouwehand: PvdD is klaar om mee te regeren

De Partij voor de Dieren is bereid om mee te gaan regeren. Tot nu toe hield lijsttrekker Esther Ouwehand de boot af. Maar onder invloed van de coronaccrisis ziet zij toch mogelijkheden voor een groen en progressief kabinet. Ouwehand zei een paar maanden geleden nog dat haar partij niet zo nodig in een regering hoeft, omdat PvdD een actiepartij is. Maar in deze coronatijd zijn veel partijen anders gaan denken over bijvoorbeeld zoönosen, infectieziekten die van dier op mens overspringen, merkt ze in de Tweede Kamer. Aanjager in de Tweede Kamer Dit geeft haar de hoop dat ze een forse krimp van het aantal dieren in de veehouderij kan afdwingen, [url=https://www.vpro.nl/buitenhof/speel~POMS_VPRO_16429112~esther-ouwehand-lijsttrekker-pvdd~.html]zei Ouwehand in het tv-programma Buitenhof.[/url] "De Partij voor de Dieren is klaar om te regeren. De vraag is alleen of andere partijen klaar zijn om met ons te regeren." Naar haar idee zijn de perspectieven daarop hoopgevender geworden. Maar als de aanpak van de bioindustrie geen prioriteit krijgt "blijven wij de aanjager in de Tweede Kamer." Ouwehand zegt bereid te zijn om compromissen te sluiten in een formatie. Zo wil ze praten over een inkrimping van de veestapel van 50 procent "in één mooie grote stap". In het verkiezingsprogramma spreekt de Partij voor de Dieren nog over een inkrimping van 75 procent.

een dooie mus van Jan Cees Vogelaar.

Vogelaar wil naar een grondgebonden melkveehouderij, zo betoogde hij even terug op dit forum." Met een grondgebonden melkveehouderij zouden fosfaatrechten of straks eventueel ammoniak rechten overbodig zijn". Het lijkt gewoon te mooi om waar te zijn......en dan is het ook "te mooi om waar te zijn" Het is niets meer of minder dan een vette worst om stemmen binnen te hengelen voor de 2e kamer verkiezingen. Afschaffing van productierechten, of het nu fosfaat- of ammoniakrechten zijn, gaat nooit never meer gebeuren. Dat weet Vogelaar natuurlijk ook. Immers begrenzing via grondgebondenheid is helemaal geen begrenzing. Met zijn berekening van 2,5 gve/ha zou de melkveestapel kunnen groeien naar 2 miljoen stuks melkvee en daar komt dan nog bijbehorend jongvee bij. En met zijn rekenvoorbeeld van 18 tot 20.000 kg melk/ ha zou de melkplas nog met zo'n 35% kunnen groeien. Als Vogelaar zijn zin krijgt wordt deze grondgebondenheid niet meer dan weer een extra eis die de sector opgelegd krijgt. Als je dan met 10 koeien wilt groeien moet je behalve voor zo'n 70.000 euro aan fosfaatrechten ook nog eens 4 ha grond zien te verwerven. Kosten, afhankelijk welke regio je zit, tussen de 2 en 5 ton. De grond middels mest/voer contracten regelen is bij Vogelaar immers niet mogelijk. De melkveehouderij wordt zo een sector enkel en alleen voor de "happy few". Bedrijven die niet aan zijn gve norm kunnen voldoen zadelt hij met onmogelijke en onbetaalbare eisen op. Eisen die zo onrealistisch zijn dat deze collega's geen schijn van kans hebben. Jan Cees zit daar echter niet mee. Alles moet wijken voor zijn grote plan; een stoeltje in de 2e kamer. De kans dat dit gebeurt is, zie de peilingen, gelukkig nihil. Wel jammer dat er op die manier waardevolle stemmen verloren gaan.

Alle waarschuwingen van SSC ten spijt, dit zijn de gevolgen van de wet Stikstof reductie en natuurherstel.

Alle waarschuwingen van SSC ten spijt, dit zijn de gevolgen van de wet Stikstof reductie en natuurherstel. De afgelopen weken ben ik hier weinig geweest. Enerzijds druk met de zaak koemonitor en de Autoriteit Consument en Markt, anderzijds teleurgesteld in politiek en ook diverse belangenbehartiging. De wet Stikstofreductie en Natuurherstel is door de tweede kamer en de komende dagen ook door de eerste kamer. Een wet die niet alleen de veehouderij zal vernietigen, maar ook de complete economie. SSC heeft vele memo's op laten stellen, allen gedeeld met belangenbehartiging en politiek. Velen hebben niet de moeite genomen om kennis te nemen van inhoud en vooral de waarschuwing. Als laatste hebben we een eenvoudig schema opgesteld waarbij duidelijk werd dat deze wet zorgt dat eerst de KDW gehaald zal moeten worden alvorens er nieuwe depositie vergund kan worden. Niemand heeft daar iets mee gedaan, sommige waren zelfs opgelucht met de wet, omdat ze dachten dat de PAS meldingen werden geholpen. En de wet is nog niet door de eerste kamer heen en de linkse politiek vraagt al om uitvoer van de wet, oftewel eerst de realisatie van de KDW, alvorens er een nieuwe activiteit plaats mag vinden. Lees hieronder de acties van PvdD. https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/kamervragen/detail?id=2021Z00304&did=2021D00916 021Z00304 (ingezonden 11 januari 2021) Vragen van het lid Wassenberg (PvdD) aan de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over de koehandel met Nieuwkoopse ‘stikstofruimte’ 1. Kent u de berichten ‘Boeren willen stikstofrechten verhuren aan de Rotterdamse haven’ en ‘Zuid-Holland komt met aparte beleidsregels voor Nieuwkoop’? 1) 2) 2. Kunt u bevestigen dat het vooral voor het Natura 2000-gebied de Nieuwkoopse Plassen & De Haeck van groot belang is dat stikstofemissie wordt gereduceerd door de Nieuwkoopse veehouderij? Welke andere Natura 2000-gebieden worden (sterk) overbelast door de uitstoot van deze veehouders? 3. Kunt u bevestigen dat in de Nieuwkoopse Plassen & De Haeck onder andere veenmosrietland voorkomt, waarvan de veilige grens voor stikstofdepositie ligt op 714 mol N/ha/jaar (de kritische depositiewaarde), wat inhoudt dat de stikstofdepositie daar eigenlijk onder zou moeten blijven? 3) 4. Kunt u bevestigen dat de gemiddelde stikstofdepositie in Nederland in 2018 ruim 1.700 mol N/ha/jaar was? Wat is de huidige stikstofdepositie rond de Nieuwkoopse Plassen & De Haeck? 4) 5. Beaamt u dat de stikstofreductieopgave om de Nieuwkoopse Plassen & De Haeck weer in gunstige staat van instandhouding te brengen zeer groot is? 6. Kunt u bevestigen dat het PAS-arrest van het Europese Hof van Justitie duidelijk heeft gemaakt dat wanneer Natura 2000-gebieden een (veel) te hoge stikstofbelasting hebben, maatregelen voor stikstofreductie aangemerkt moeten worden als maatregelen om te voldoen aan de verplichtingen van artikel 6, lid 1 en 2 van de Habitatrichtlijn (en dus volledig ten goede moeten komen aan de natuur), en daarmeeniet ingezet mogen worden als mitigerende of compenserende maatregel voor nieuwe projecten (artikel 6, lid 3 en 4 van de Habitatrichtlijn)? 7. Kunt u bevestigen dat de PAS-uitspraak van de Raad van State daaraan heeft toegevoegd dat het (toch) deels uitgeven van deze ‘stikstofwinst’ (bijvoorbeeld door salderen)alleen is toegestaan wanneer de naleving van de verplichting van artikel 6, lid 1 en 2 van de Habitatrichtlijn op een andere wijze is verzekerd? 5) 8. Kunt u bevestigen dat met de nieuwe wet Stikstofreductie en natuurverbeteringniet is verzekerd dat de instandhoudingsdoelstellingen voor de Nieuwkoopse Plassen & De Haeck gehaald zullen worden? Zo nee, kunt u het tegendeel aantonen? 9. Deelt u het inzicht dat, zolang de Nieuwkoopse Plassen & De Haeck zo sterk overbelast zijn met stikstof, het zeer onverantwoord is – en bovendien juridisch niet te verdedigen – dat ‘stikstofwinst’ die behaald wordt door maatregelen weer uitgegeven wordt aan nieuwe activiteiten? 10. Bent u bereid de Nieuwkoopse veehouders het eerlijke verhaal te vertellen, namelijk dat de uitstoot op korte termijn ten minste zal moeten halveren en dat deze reductiegeheel ten goede moet komen aan de natuur, en hen niet langer stroop om de mond te smeren door naar hun alternatieve ‘oplossingen’ te kijken?

Grootste deel boeren is protesteren beu

Er is een grote kans dat boeren in 2021 opnieuw landelijk in opstand zullen komen. Niet in de laatste plaats doordat de onderliggende oorzaken tot op heden niet weggenomen zijn. Toch valt een opmerkelijk verschil met de eerste protestacties waar te nemen: intern klinkt steeds vaker gemor. Dat stelt onderzoeksjournalist Mark Mensink, schrijver van het boek Boerenprotesten 2019-2020, op basis van een recente rondgang in de agrarische sector. “Sommige agrariërs, die tijdens de eerste acties nog wel aanwezig waren, zijn geheel afgehaakt. Anderen uiten grote zorgen en twijfelen over hun verdere deelname.” Terwijl uit enkele publiekspeilingen is gebleken dat de steun van burgers voor boeren aan het afbrokkelen is, vooral in de stedelijke gebieden, komt er ook van binnenuit meer en meer kritiek op het actievoeren. Zeker als een protest niet of nauwelijks publieksvriendelijk uitvalt. Mensink: “Een fors deel van de agrariërs trekt zich dit persoonlijk aan en schrikt erdoor af, zo lijkt het wel. Die roeren zich vervolgens en laten dan weten een volgende keer niet meer mee te willen gaan.” Er lijkt zich daarnaast een generatiekloof af te tekenen, ziet Mensink. “Waar zich tijdens de eerste protesten in 2019 nog enorm veel boeren van pak ‘m beet 40 tot 60 jaar aansloten, zijn in 2020 veruit de meesten jonger dan 25 jaar. Daarnaast was het aantal demonstranten een heel stuk lager. Wellicht dat het een met het ander te maken heeft, al weet ik dat natuurlijk niet zeker. Maar het is allemaal wel opvallend.” De actieleiders Bart Kemp (Agractie) en Mark van den Oever (Farmers Defence Force) houden daarentegen vol dat er wel degelijk genoeg actiebereidheid onder hun achterban is. Toch geeft Kemp wel toe dat de animo de laatste tijd inderdaad een beetje ingezakt is. “Maar als er weer een goede reden is om in actie te komen, staan velen gelijk klaar voor vertrek. Daarvan ben ik overtuigd. Maar we moeten niet gaan ‘protesteren om het protesteren’. Het moet natuurlijk wel écht ergens over gaan.” Om de relevantie van de gehele agrofood-sector voor critici aan te tonen, wijst Kemp erop dat dit de enige maakindustrie is die liefst 10 procent van de Nederlandse economie omvat. “Dan heb je het over 600.000 banen. Dat is wel de moeite waard, met ook nog een universiteit die qua kennis ver vooruitloopt. Dit is iets dat buiten Nederland wel gewaardeerd wordt, kan ik je verklappen.” Van den Oever trekt geregeld de aandacht met boude uitspraken en het aankondigen van ‘harde protestacties’. Niettemin is hij tegelijkertijd achter de schermen druk met het sluiten van een akkoord tussen de levensmiddelenbranche en de landbouwsector, juist om te voorkomen dat er nog meer boerenprotesten volgen. “Mocht het mislukken, dan zal dat niet goed vallen bij de achterban. We moeten maar zien hoe het gaat. De melkprijzen in supermarkten waren historisch hoog, maar voor de boer – wat die ervoor terug krijgt – juist historisch laag. Ik verwacht dat de vlam maar zo wéér in de pan kan vliegen.” ————————————————————————————————————————— Dit artikel kwam mede tot stand door een bijdrage vanuit het Steunfonds Freelance Journalisten.

SGP: Hoop en ademruimte door landbouw- en stikstofakkoord

Voor de vele duizenden boerenbedrijven die na de stikstof-uitspraak van de Raad van State in de knel zaten, is er alsnog hoop. De afgelopen dagen heeft de SGP in onderhandelingen met het kabinet bedongen dat ze alsnog een vergunning krijgen. “Dat was voor ons harde eis om voor de nieuwe Stikstofwet van het kabinet te stemmen. Als het kabinet niet akkoord was gegaan, zou de SGP zijn afgehaakt,” zegt SGP-kamerlid Roelof Bisschop. Door uitspraak van de Raad van State eerder dit jaar waarin de oude Stikstofwet van het kabinet van tafel was geveegd, kwamen vele duizenden boerenbedrijven op slot te zitten. Zo konden geen kant meer op omdat ze geen vergunning meer konden krijgen en daarmee ‘illegaal’ waren. Daar kwam bij dat noodzakelijke investeringen om de stikstofuitstoot te beperken onmogelijk waren omdat banken niet thuis gaven aan boeren zonder een vergunning. In de gesprekken met het kabinet over de nieuwe Stikstofwet eiste de SGP een regeling voor deze boeren. Het gaat bij elkaar opgeteld om vele duizenden gezinsbedrijven, vaak al decennialang in familiebezit. Bisschop: “Door onze eis in te willigen, kunnen deze bedrijven nu alsnog een vergunning krijgen. Daarmee kunnen de boeren snel investeren in innovatieve stallen en andere maatregelen om de uitstoot van stikstof te beperken. De mensen zaten in een vicieuze cirkel, en die is nu doorbroken. Ik ben blij dat ik dit voor elkaar heb kunnen krijgen. Over het bereikte akkoord heb ik nauw overleg gehad met de sector.” In het verlengde van deze deal met het kabinet heeft de SGP ook bedongen dat het beroepsverbod voor sommige boeren van de baan is en dat er een Landbouwakkoord komt voor de hele landbouwsector. “Dat is hard nodig, omdat de blijvende onzekerheid slopend is. Waar nu behoefte aan bestaat is een stabiel beleid en zekerheid die ook voor de langere termijn een gezond verdienmodel oplevert. De boeren zijn daarmee gebaat, maar feitelijk heel Nederland. Er moet weer perspectief en ruimte komen om ook op termijn een eerlijke boterham te kunnen verdienen op een gezond bedrijf,” aldus Bisschop.

Melkveehouder Mulder koestert zijn oude dametjes

Johan Mulder uit Nieuwerbrug is een opgewekte, nuchtere melkveehouder. Zijn bedrijfsvoering is sober, de kostprijs is laag en zijn koeien zijn behoorlijk oud. Het brengt hem naar de top van Nederlands duurzaamste melkveestapels. De Zuid-Hollandse veehouder had niet in de gaten dat hij zo goed scoorde op de CRV-toplijst. 'Onze inseminator vertelde het. En daarna kregen we steeds meer leuke reacties.' Dit jaar stelde CRV de ranglijst voor het eerst op. Deze bevat tien melkveebedrijven waarvan de aanwezige koeien de hoogste levensproductie van Nederland realiseren. Mulder staat op de zesde plek. Mulders koeien zijn dus oud zijn en geven ook nog eens een behoorlijke plons melk. Een knappe prestatie. En dat begint langzaam door te dringen bij de bescheiden boer. 'Ik dacht dat er bekende fokkers op die lijst zouden staan', zegt hij glimlachend. 'Dat ik daar wel op sta is best knap, merk ik nu.' De 83 melkkoeien van Mulder zijn gemiddeld 7 jaar en 2 maanden oud en hun levensproductie ligt op 46.588 kilo melk bij 3.659 kilo vet en eiwit. Zuinigheid Het geheim achter deze hoge levensproductie is simpel: Mulder is zuinig is op zijn koeien. Zeg maar gerust ongelooflijk zuinig. Een koe die iets mankeert, wordt weer netjes opgelapt zodat ze weer een poos mee gaat. Hij geeft de dieren tijd om te herstellen en accepteert het als ze eens een tegenvallende lactatie hebben. Koeien met een lactatiewaarde van 85-90 bestempelt hij niet als minkoeien.

Trekkers en boze boeren maken geen indruk meer in Den Haag

https://www.youtube.com/watch?v=aRMgahm7Um0 Boze boeren en trekkers maken geen indruk meer in politiek Den Haag Merijntje uit Halsteren keek met enig medelijden naar het laatste boerenprotest dat door het Farmers Defence Force was georganiseerd. Ze deden hun best en hadden hun trekkers netjes opgepoetst en gereedgemaakt on er mee naar Den Haag te rijden. Ze wilden een petitie aanbieden aan koning Willen Alexander maar dat mocht niet van de politie. Ze mochten ook niet naar het Malieveld en werden gedirigeerd naar de Koekamp een onmogelijk veldje uit het zicht van het grote publiek. De boeren waren woedend over het door de overheid gevoerde Stikstofbeleid. Ze waren vooral ziedend over het zo genoemde “beroepsverbod” Boeren die zich lieten uitkopen mochten daarna nooit meer een ander boerenbedrijf beginnen en verkochten daarmee hun ziel en zaligheid aan die duivelse overheid. Verder waren ze ook kwaad over het geniepig uitbreiden van de “Natura 2000”gebieden waarbij gronden grenzend aan die gebieden zonder vraag of overleg werd bijgevoegd bij de Natura 2000 gebieden. De Koning was thuis op zijn paleis en liet zich niet zien aan de voorbijtrekkende boeren. Ook zijn vrouw kwam niet naar de poort. Een gemist kans maar ja hij durft ook niets meer sinds het Griekse vakantie probleem. Merijntje miste ook de toekomstige LTO-voorman Sjaak van der Tak bij de FDF demonstratie. Hij zou punten hebben gescoord om even een kijkje te nemen en de problemen aan te horen uit de eerste hand. Maar niks van dit alles. Die durfde zijn nek nog niet echt uit te steken. Jammer dat ze alle kooltjes uit het vuur laten halen door het Farmers Defence Force Al met al een demonstratie die misschien de verstookte diesel niet eens waard was.

'Landbouw uitstootvrij maken is beste oplossing voor stikstofprobleem'

[b]We moeten niet de stikstofneerslag aanpakken, maar de stikstofuitstoot stopzetten. En dat kan de grootste producent van stikstof, de intensieve veehouderij, prima zelf. Zonder dat de veestapel moet worden ingekrompen. Dat betoogde emeritus-hoogleraar agronomie Rudy Rabbinge vanmiddag in Provinciale Staten.[/b] Rabbinge is wars van opkopen van boerenbedrijven en stikstofhandelsystemen want die kosten te veel, lossen het probleem niet op en maken de melkveehouderij kapot. Dat is in een notendop de boodschap die hij Provinciale Staten meegaf in een hoorcollege inclusief vragenuurtje over stikstof. [b]Waar komt al onze stikstof vandaan?[/b] Stikstof komt voor een flink deel uit de landbouw. Rabbinge geeft een historisch lesje: "Het probleem is 50 jaar geleden begonnen, toen begonnen we aan intensievere en niet grondgebonden landbouw. Mestoverschotten waren er al in de jaren '70, maar die werden eerst ontkend, later genegeerd en pas veel later schoorvoetend erkend. Halverwege de jaren '90 kwamen de Drentse milieuminister Margreeth de Boer en landbouwminister Jozias van Aartsen met een mineralensysteem: hoeveel gaat er in en hoeveel gaat er uit? Het MINAS." De landbouw en vooral de veehouderij is de grootste stikstofproducent. Rabbinge splitst uit: kippenhouderijen en akkerbouw zijn maar voor een klein deel verantwoordelijk, varkensboeren voor een groter deel, maar dat deel neemt al af. Het grootste deel komt van de intensieve melkveehouderij. Steeds meer koeien, steeds hogere opbrengsten, steeds meer mest en dus steeds hogere uitstoot. [b]De uitstoot van de landbouw kan naar nul[/b] Maar volgens Rabbinge kan zowel in de akkerbouw als in de intensieve veehouderij de uitstoot van stikstof terug naar nul. "Meer koeien in de wei, dat zorgt al voor minder uitstoot. Urine en mest gaan gelijkmatiger en gescheiden de grond in. En stallen zijn prima uitstootvrij te maken. Innoveren is zinvoller en goedkoper dan boerenbedrijven uitkopen en het aantal koeien verminderen. Uitkopen en opkopen kost miljarden. Dat moet je alleen in uitzonderlijke gevallen doen", doceert de Drentse landbouwdeskundige. Stallen honderd procent emissievrij maken is, als we het eenmaal in de vingers hebben, ook een prima exportmodel denkt Rabbinge. Rabbinge's verhaal lijkt koren op de molen van landbouwgedeputeerde Henk Jumelet. [b]Stoppen met drijfmest[/b] Rabbinge: "We moeten in de akkerbouw op het juiste tijdstip, op de juiste manier en met de juiste soort en hoeveelheid bemesten. Dus geen drijfmest in februari wanneer de grond het nog niet nodig heeft, doe dan vaste mest. Wacht met de drijfmest tot er gewassen op het land komen en er veel meer voedingsstof nodig is. En als je het echt goed wilt doen zou drijfmest helemaal moeten verdwijnen." En we moeten volgens Rabbinge ophouden te willen boeren op schrale gronden waar te veel moeite moet worden gedaan om de grond vruchtbaar te houden. "Als je daar toch per se wilt boeren moet het veel minder intensief en zal je genoegen moeten nemen met een ander verdienmodel." ChristenUnie-Statenlid Harm Henk Veldsema vraagt zich af of dit allemaal wel kan bij wat kleinschaliger landbouwbedrijven. Ligt dan noodzakelijke schaalvergroting en meer uitstoot niet op de loer? Rabbinge: "Dat kan prima, bijvoorbeeld door de inzet van techniek, bijvoorbeeld GPS in de akkerbouw." [b]Niet in stikstof handelen[/b] Van stikstofhandel zoals met extern salderen tussen bijvoorbeeld een melkveehouder en een bouwbedrijf dat een weg moet aanleggen is Rabbinge al helemaal geen voorstander. Dat gaat leiden tot uitverkoop van de melkveesector aan partijen die de portemonnee veel groter hebben is zijn mening. Het lost ook het probleem van de stikstofuitstoot niet op volgens de hoogleraar. En voor gesteggel over hoeveel er nu ergens weg moet om een natuurgebied boven de kritische depositiewaarde (KDW, hoeveel stikstof die mag neerdalen) te krijgen is Rabbinge ook geen voorstander. Vooral omdat die KDW berekend wordt door het door boeren fel bekritiseerde Aerius-systeem. "Dat rekenmodel is bedoeld om indicaties te krijgen, niet om beleid mee te maken, dat geven de bedenkers ervan zelf aan", zegt Rabbinge. [b]Drentse plan Duurzame Melkveehouderij[/b] "En wat vindt u van het Drentse plan Duurzame Melkveehouderij?", vroeg CDA-Statenlid Eline Vedder (zelf melkveehouder). Dat kan volgens Rabbinge wel wat scherper en concreter. Ga pilots doen, ga aan de slag is zijn boodschap. Het plan is een samenwerking van provincie, LTO, Natuur en Milieufederatie, Staatsbosbeheer, Drents Agrarisch Jongeren Contact en Natuurmonumenten. Doel is dat er in 2025 in Drenthe zoveel als mogelijk, sprake is van gesloten kringlopen van stikstof, fosfaat en organische stof op gebieds- en bedrijfsniveau. [b]Waarom luisteren ze in Den Haag niet?[/b] Rabbinge is een invloedrijk deskundige en was lid van de commissie Remkes die het stikstofrapport Niet Alles Kan Overal voor het kabinet schreef en in haar adviezen veel verder gaat dan het kabinet wil. "Waarom wordt er in Den Haag dan toch zo slecht naar u geluisterd?", vroeg PvdA-Statenlid Jos Schomaker aan Rabbinge. Het antwoord van de emeritus-hoogleraar was simpel: "Omdat er te veel verschillende belangen spelen." En aan de hand van een oud voorbeeld uit Portugal schetst Rabbinge hoe het nog steeds gaat. Rabbinge had jaren geleden al een regio aangewezen waar de grond niet zo geweldig is voor intensieve landbouw en waar ze misschien maar eens wat anders zouden moeten gaan doen. Het politieke antwoord was: dat zouden we graag willen, maar de EU geeft ons grote subsidies om daar op die plek landbouw te bedrijven dus dat gaan we niet doen.

Strijd om ruimte

[b]Originele beschrijving[/b] De ruimte in Nederland raakt op. We leven in een verstedelijkte stadstaat gelegen in een van de vruchtbaarste delta's ter wereld. In hoog tempo wordt Nederland verder volgebouwd. Dit proces voltrekt zich tot nog toe zonder landelijke regie, visie of heldere keuzes. Immers, 'iedereen doet maar wat'. Gevolg is een strijd om de ruimte en steeds meer conflicten. Dit stuk is op 19 september 2020 gepubliceerd. Het gaat over de Nationale Omgevingsvisie (Novi) en is dat niet juist datgene waarvoor velen dinsdag de straat op gaan, op weg naar de Koning der Nederlanden? Het gaat verdacht veel over datgene waarover de de tweede en ook de eerste kamer dit jaar nog willen/zullen gaan stemmen, het Wetvoorstel Stikstofreductie en natuurverbetering. Zie bijvoorbeeld: https://www.prikkebord.nl/topic/232668/ In het betreffende stuk over de Novi wordt echter gedaan alsof dit bij de aanstaande tweede kamer verkiezingen een grote rol zal gaan spelen. PvdD heeft bijvoorbeeld al wel een miljoen nieuwe huizen geopperd, zoals Esther de Snoo hier ook al noemt ter informatie over wat er in de Novi genoemd wordt. Haal ik nu twee dingen door elkaar, of is Den Haag ons gewoon te slinks af?

Het VVD Verkiezingsprogramma

[b]Hier het concept VVD Verkiezingsprogramma (Landbouw en Natuur):[/b] De Nederlandse land- en tuinbouw is de afgelopen decennia uitgegroeid tot een sector van wereldklasse. Boeren, tuinders, vissers en onderzoekers zorgen ervoor dat wij ons niet druk hoeven te maken over gebrek aan voedsel, en tegelijkertijd exporteren zij hun producten en innovaties over de hele wereld. Daarbij helpt het ook dat de Europese Unie zorgt voor een grote en stabiele afzetmarkt. Dit is van groot belang voor Nederland. We kunnen namelijk niet zonder een betrouwbare voedselvoorziening. Nederland en Europa moeten strategisch autonoom blijven en niet afhankelijk raken van import uit de rest van de wereld. De wereldbevolking groeit en de wereldwijde vraag naar voedsel zal de komende jaren blijven toenemen. Het belang van landbouw neemt daarmee toe. Grote opkomende economieën als China en India kopen zelfs wereldwijd landbouwgrond op om hun eigen voedselvoorziening veilig te stellen. Dat maakt het extra waardevol als wij in Europa nog zelf ons voedsel kunnen verbouwen. Door zelf voldoende voedsel te produceren weten we ook dat wat op ons bord belandt veilig is, en kunnen we het ons veroorloven de import van hormoonvlees te weigeren. Tegelijkertijd lopen we tegen grenzen aan. Het is niet mogelijk dat alle sectoren in Nederland oneindig groeien. De ruimte is beperkt en groei kan botsen met andere belangen, zoals het behoud van natuurgebieden. Dat betekent niet dat de natuur automatisch voor alles gaat. Maar sommige natuurgebieden zijn beschermd en moeten we in goede staat behouden. De oplossing ligt niet in het simpelweg wegzetten van boeren als vervuilers. We moeten volop inzetten op innovatie zodat er ruimte blijft voor boeren om te ondernemen en we ondertussen de uitstoot van vervuilende stoffen verminderen. Kweekvlees bijvoorbeeld kan in de toekomst een varkensboer de keuze bieden om vleeskweker te worden. Dan levert de boer dezelfde waardevolle bijdrage aan ons voedsel en economie, maar met minder nadelen voor natuur, mens en milieu. Zo kan Nederland ook een belangrijke rol spelen bij het voeden van een groeiende wereldbevolking. Door zelf te exporteren of door met onze kennis nieuwe plantensoorten te ontwikkelen die ook op zoute gronden of in droge gebieden kunnen bloeien. Innovatie is de kern voor de land- en tuinbouw van de toekomst, en kan ook de uitstoot van CO2 door bijvoorbeeld de veeteelt terugdringen. De volgende uitgangspunten zijn leidend. ▶ Boeren zijn hardwerkende ondernemers die zorgen voor ons voedsel. Zij verdienen waardering, ruimte en ondersteuning om te innoveren, zodat zij kunnen kiezen voor emissiearm ondernemen, overstappen naar andere vorm van landbouw of stoppen als zij dat willen. ▶ De overheid stelt duidelijke en haalbare doelen, zoals het verminderen van schadelijke emissies. Daarbij wordt niet het middel voorgeschreven, zoals dierenaantallen of verplichte weidegang. ▶ Natuur is belangrijk en verdient bescherming binnen de afwegingen over het gebruik van de schaarse ruimte in Nederland. Dan is het soms nodig om natuurgebieden samen te voegen of opnieuw in te delen, waarbij ook ruimte is voor wonen, ondernemen en recreatie. [b]Landbouw en visserij[/b] Nederland heeft een agrarische sector om trots op te zijn. Onze ondernemende boeren zijn innovatief, produceren voedsel van hoge kwaliteit en exporteren naar de hele wereld. Er zijn vele innovatieve bedrijven in de agro-foodsector met een enorme waarde voor de Nederlandse economie. Ook hebben vele bedrijven afgelopen jaren fors geïnvesteerd in slimme innovaties om hun bedrijven duurzamer te maken. Zo kunnen boeren door middel van precisielandbouw zowel mest als gewasbeschermingsmiddelen al nauwkeurig aanbrengen op de plekken waar dit ook daadwerkelijk van toegevoegde waarde is, waardoor er minder belasting is voor het milieu. Er is inmiddels een bedrijfsovernamefonds opgericht dat jonge boeren ondersteunt bij de overname van het gezinsbedrijf en bij investeringen in innovatie. Ook zijn stappen gezet voor een herziening van het mestbeleid en is er ondersteuning gekomen voor boeren die emissiearm willen produceren. We willen de agrarische sector blijven versterken. De komende jaren zetten we in op: ▶ Vermindering van schadelijke emissies voor de omgeving en natuur als gevolg van veeteelt. Inkrimping van de veestapel is niet het doel, dus we voorkomen inkrimping via de achterdeur, bijvoorbeeld door een generieke inperking van fosfaat- of dierenrechten. ▶ Financiële ondersteuning van boeren wanneer zij investeren in innovatieve systemen of technieken om emissies terug te dringen. Het wordt ook mogelijk om tegen een financiële vergoeding tijdelijk en vrijwillig (een deel van) de stal leeg te laten staan of emissieruimte te verhuren, ook buiten de eigen landbouwsector. ▶ Niet verder afromen van emissieruimte die ontstaat als gevolg van stikstofbesparende maatregelen. Bestaande fosfaat- en dierenrechten blijven bij een uitkoop van boerenbedrijven via minnelijke verwerving beschikbaar voor boeren die emissiearm willen produceren. ▶ Gebruik van gronden in bezit van het Rijksvastgoedbedrijf en Staatsbosbeheer voor het eventueel verplaatsen van bedrijven in het kader van de stikstofproblematiek. ▶ Nadruk op innovatie, hergebruik en verwerking van mest bij nieuwe wetgeving. Zo herwinnen we dankzij innovatie kostbare grondstoffen uit mest. Hiermee leveren agrariërs een belangrijke bijdrage aan een circulaire economie. ▶ Aanpassen van mestwetgeving zodat innovaties meer ruimte krijgen om bijvoorbeeld mest te verdunnen en zo de stikstofemissie te verlagen. ▶ Geen wettelijke verplichting tot weidegang. De sector zorgt er zelf voor dat doelstellingen worden behaald. ▶ Een einde aan de kortlopende pachtcontracten. Dit draagt bij aan de continuïteit van agrarische bedrijven en duurzaam bodembeheer. ▶ Proeftuinen waarin onderwijs, bedrijfsleven en overheid samenwerken aan oplossingen die bijdragen aan een gezonde bodem, duurzame bemesting en duurzame voedselproductie. Uitgangspunt hierbij is een toekomstgericht verdienmodel voor de agrarische ondernemer. ▶ Tegengaan van ongelijke machtsverhoudingen. Mededingingswetgeving passen we aan zodat meer samenwerking in de land- en tuinbouw mogelijk is. ▶ Versterken van de positie van boeren tegenover supermarkten. De Autoriteit Consument en Markt ziet er op toe dat boeren en tuinders hogere prijzen ontvangen van afnemers voor producten waar bovenwettelijke eisen, bijvoorbeeld op het gebied van dierenwelzijn, aan zijn gesteld. Europees landbouwbeleid en visserij ▶ Hervorming van het Europees landbouwbeleid richting innovatieve, efficiënte en duurzame landbouw. Zo ontvangen Nederlandse boeren meer Europese subsidies en verbetert de netto betalingspositie van Nederland in Europa. ▶ Strategischer inzetten van Europese landbouwbeleid in de wereld. Een innovatieve Europese landbouwsector voorziet de wereld van voedsel, met name landen die getroffen worden door bijvoorbeeld droogte als gevolg van klimaatverandering, in ruil voor grondstoffen die Europa weer nodig heeft. ▶ Geen strengere Nederlandse uitwerking bij de invoering van Europese richtlijnen. Als boeren zelf kunnen bepalen hoe ze doelen behalen is er ruimte voor vernieuwing. [b]Voedselproductie en volksgezondheid[/b] Onze voedselproductie moet veilig zijn en geen bedreiging vormen voor onze volksgezondheid. De meeste mensen die zorgen voor ons voedsel houden van hun dieren, gaan zorgvuldig met ze om en zijn trots op hun eindproduct. Een stalbrand is dan ook niet alleen verschrikkelijk voor de dieren, maar ook voor de boeren en betrokken hulpverleners. De boer heeft liefde voor zijn dieren en moet over de middelen kunnen beschikken om ze zo goed mogelijk te beschermen. Daar waar misstanden plaatsvinden, moet hard ingegrepen en gehandhaafd worden. Iedereen moet ervan verzekerd kunnen zijn dat het stukje vlees op het bord veilig is en dat er fatsoenlijk met de dieren is omgegaan. Hiervoor is effectiever toezicht nodig, zoals cameratoezicht op afstand bij slachterijen. Ook innovaties op het gebied van voedselproductie, zoals kweekvlees, vleesvervangers en biotechnologie, bieden veel kansen. Op deze manier kan met minder grondstoffen meer kwalitatief hoogwaardig en diervriendelijker voedsel worden aangeboden. Om de gezondheidsen leefomgevingsrisico’s in gebieden met een zeer hoge veedichtheid aan te pakken, is afgelopen jaren geld beschikbaar gesteld voor een warme sanering van de varkenshouderij. De komende jaren zetten we in op: ▶ Scherpere controle op voedselveiligheid door de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA). Naast controle op locatie, kan de NVWA ook via camerabewaking meekijken. Als een bedrijf zich niet houdt aan de regels voor voedselveiligheid is sluiting de ultieme consequentie. ▶ Meer samenwerking tussen de landbouw en de NVWA. De NVWA geeft ook in het weekend exportcertificaten en keuringsdocumenten af. Daarnaast voeren particuliere laboratoria controles uit als de NVWA capaciteit tekort komt. ▶ Daarnaast voeren particuliere laboratoria niet-toezichthoudende taken van de NVWA uit zodat de NVWA zich alleen bezighoudt met de primaire taken. ▶ Een internationaal verbod op wildmarkten ter bescherming van de volksgezondheid. ▶ Verbeteren van de luchtkwaliteit rondom stallen in veedichte gebieden. Boeren in gebieden met een hoge veedichtheid die willen stoppen met hun bedrijf, kunnen rekenen op steun van de overheid. ▶ Financiële ondersteuning voor boeren om emissiearm te produceren. Dit bevordert de luchtkwaliteit en volksgezondheid. ▶ Terugdringen van antibiotica in de veehouderij. In overleg met de betrokken sectoren houden we rekening met zowel de volksgezondheid als de diergezondheid. ▶ Effectief bestrijden van ziekten in gewassen met gewasbeschermingsmiddelen. Gebruikte middelen dienen veilig te zijn voor de volksgezondheid en de plant- en diergezondheid. ▶ Bevorderen van innovatie in de voedselsector. Europese standaarden passen we aan om innovaties als CRISPR-Cas ook voor onze land- en tuinbouwsector mogelijk te maken. Dit kan bijdragen aan voedselveiligheid, duurzaamheid en plantgezondheid. fosfaatplafond willen we afschaffen omdat het innovatieve ideeën in de weg staat. ▶ Maatwerk bij de implementatie van Europese richtlijnen zoals de Nitraatrichtlijn en Kaderrichtlijn Water. Het karakter van de regio is leidend. In gebieden waar de norm wordt gehaald is meer ruimte of meer mogelijk. Waar dit niet zo is, zoeken we naar alternatieven. ▶ Innovatieve en duurzame visvangst, zoals pulsvisserij. Dat vermindert brandstofgebruik, bodemberoering en bijvangst. ▶ Het schrappen van de aanlandplicht, waardoor vissers bijvangst mee aan wal moeten brengen om te vernietigen. Zolang de plicht bestaat willen we afspraken tussen alle EU-lidstaten rond de Noordzee om op dezelfde manier te handhaven. [b]Dierenwelzijn[/b] ▶ Hogere straffen voor dierenmishandeling en een levenslang verbod op het houden van dieren voor recidivisten. Dierenmishandelaars krijgen een locatieverbod voor plaatsen waar dieren worden gehouden of verkocht. ▶ Een lijst van dieren die geschikt zijn als huisdier. Dieren die niet geschikt zijn als huisdieren en niet op deze lijst staan, mogen niet meer gehouden, verhandeld of vervoerd worden voor persoonlijk gebruik. Zo krijgen dieren de zorg die zij nodig hebben. ▶ Ingrijpen als bedrijven in de vleesverwerkende industrie zich niet aan de dierenwelzijnsregels houden. Bij herhaalde overtreding volgt sluiting. Naast controle op locatie, kan de NVWA ook via camerabewaking meekijken. ▶ Voorkomen van stalbranden door de mogelijkheden voor knaagdierbestrijding te verruimen en bij alle sectoren in de veehouderij een periodieke elektrakeuring in te voeren. ▶ Gezondheid en welzijn van dieren als voorwaarde voor het fokken van (gezelschaps)dieren. We handhaven het verbod op het fokken op schadelijke uiterlijke kenmerken. Naast het fokverbod komt er ook een verbod op de handel in en import van deze dieren. ▶ Beperken van dierproeven. Deze zetten we alleen in als dit de enige manier is om een verbetering van de volksgezondheid te bewerkstelligen. Door het stimuleren van proefdiervrije onderzoeksmethoden en de komst van steeds meer innovatieve alternatieven voor dierproeven, zijn dierproeven steeds minder nodig. [b]Kweekvlees[/b] De veehouderij zorgt voor de uitstoot van vervuilende stoffen, dus moeten we minder vlees eten, zo klinkt het vaak. Daarmee ontstaat het beeld dat om de natuur en het klimaat te redden, de mensheid massaal vegetariër moet worden. Dat roept weer begrijpelijke weerstand op van mensen die hun gehaktbal of biefstukje niet willen opgeven. Hoewel ook zij na het eten van steeds beter wordende alternatieven verrast zijn over hoe goed een veganugget, beyond burger, plant shoarma of gehacktbal kunnen smaken. Maar belangrijker is dat door technologische vooruitgang deze discussie wel eens volledig achterhaald kan raken. De productie van kweekvlees is nu nog niet commercieel rendabel, maar als liberalen met een optimistische levenshouding hebben wij hoge verwachtingen van deze technologie. Innovatie gaat niet alleen om bestaande productie efficiënter maken, maar ook om het uitvinden van hele nieuwe manieren van productie. Goede kans dat in de loop van deze eeuw mensen het als volkomen achterhaald zien dat we ooit levende dieren grootbrachten, om daar vervolgens kipfilets of riblappen uit te snijden, terwijl je een stukje vlees ook met dierlijke stamcellen kunt kweken. De smaak is hetzelfde, maar je zit niet meer met de mest of het risico op ziektes zoals Q-koorts en varkenspest. Toegegeven, de term ‘kweekvlees’ klinkt nog niet erg aanlokkelijk ten opzichte van ‘gewoon vlees’. Maar misschien praten we in de toekomst wel over ‘slachtvlees’ en ‘gewoon vlees’ als we een onderscheid maken. [b]Natuur[/b] Onze natuur draagt bij aan ons welzijn, biedt mensen een plek om te recreëren en levert bruikbare grondstoffen. Het gebruik van het landschap in Nederland komt echter onder druk te staan. De ruimte is schaars waardoor het lastig is om tegemoet te komen aan alle wensen die er zijn voor wonen, ondernemen, reizen en natuur. We moeten ons blijven inspannen voor herstel en behoud van de natuur en de versterking van de biodiversiteit in Nederland. De spanning tussen deze belangen is de afgelopen jaren ook duidelijk geworden toen de Programmatische Aanpak Stikstof ongeldig is verklaard. De komende jaren moet worden ingezet op een realistisch en haalbaar natuurbeleid. Waarbij de overheid, natuurorganisaties en de agrarische sector samenwerken aan een aantrekkelijk landschap, waar het goed wonen, werken, ondernemen én recreëren is. De komende jaren zetten we in op: ▶ Een herijking van de Natura 2000-gebieden waarbij we kritisch kijken naar de regels en soorten die niet voortvloeien uit EU-regels of door Nederland zelf zijn toegevoegd. Europese richtlijnen voeren we niet strenger in dan de EU voorschrijft. Zo kunnen we nog steeds genieten van de natuur, maar voorkomen we een wildgroei van wensnatuur en houden we ons natuurbeleid realistisch. ▶ Samenvoegen of herindelen van (beschermde) natuurgebieden. Tot dat gerealiseerd is, wijzen we geen nieuwe Natura 2000-gebieden aan. ▶ Balans tussen de belangen van economie en natuur bij de aanpak van de landelijke stikstofuitstoot via het nieuwe registratiesysteem. Zo krijgen ondernemers zekerheid bij vergunningverlening en blijft onze mooie natuur behouden. ▶ Aanplanten van nieuwe hectares bos binnen natuurnetwerken. Daarbij voorkomen we dat deze gebieden direct een beschermde status krijgen en activiteiten als wonen, ondernemen en recreatie beperken. ▶ Continue inzet op bescherming tegen hoogwater en natuurlijke wateropslag in natuur en bewoond gebied dat gebruikt kan worden in tijden van droogte. Hier het complete programma: https://www.vvd.nl/verkiezingsprogramma/

Soya smijt veel geld op

Dit verdienen Albert Heijn en FrieslandCampina aan Braziliaanse soja 26 okt 2020   •   leestijd 4 minuten Uit onderzoek van Profundo blijkt dat supermarktketen Albert Heijn van de Nederlandse bedrijven veruit het meeste verdient aan geïmporteerde Braziliaanse soja. In 2018 ging het naar schatting om zo’n 44 miljoen euro. Greenpeace: “De sojateelt is in Brazilië een van de belangrijkste aanjagers van ontbossing, bosbranden en grootschalige vernietiging van waardevolle natuur.” Onderzoeksbureau Profundo analyseerde in opdracht van Greenpeace Nederland welke bedrijven in de Nederlandse sojaketen het meeste profiteren van de sojahandel tussen Brazilië en Nederland. Verschillende sectoren werden onder de loep genomen: van soja-importeurs, veevoerbedrijven, slachthuizen, eierproducenten tot aan consumentenbedrijven.  Uit berekeningen van Profundo blijkt dat supermarktketen Albert Heijn, veevoederbedrijf ForFarmers en zuivelproducent FrieslandCampina het meeste geld verdienen aan de Braziliaans-Nederlandse sojahandel. Dit zijn ook meteen de drie grootste bedrijven binnen hun eigen sector. In deze tabel is te zien om welke bedragen het gaat:    Volgens Profundo profiteren supermarkten het meeste van de totale brutowinst op de verwerking van Braziliaanse soja in Nederland (33-35 procent van het totaal). “Deze sector wordt gedomineerd door een kleine groep grote spelers, waarbij twee supermarktketens in 2018, 54 procent van de markt in handen hadden. Door hun sterke onderhandelingspositie behalen ze relatief hoge marges op verse producten als vlees en zuivel, waar veel ‘verborgen’ soja in zit,” stellen de onderzoekers.   Veehouderij  Nederland is binnen Europa de grootste importeur van soja. In 2018 kwam in totaal 7 miljoen ton soja onze havens binnen. Ongeveer de helft daarvan is afkomstig uit Brazilië, 39 procent komt uit de Verenigde Staten en 14 procent komt elders vandaan. Ongeveer tweederde van alle soja die binnenkomt, wordt weer geëxporteerd.  Wat overblijft wordt grotendeels gebruikt in de veehouderij. Vanwege het hoge eiwitgehalte in soja is het een populair ingrediënt in veevoer. In totaal is in 2018 ongeveer 2 miljoen ton sojaschroot gebruikt in de Nederlandse veehouderij, waarvan naar schatting 50 procent afkomstig was uit Brazilië. Op die manier zit soja dus ‘verborgen’ in vlees, zuivel en eieren dat bijvoorbeeld in de schappen van de Albert Heijn ligt. Soja die wordt verwerkt in producten als sojamelk en vleesvervangers, maakt naar schatting nog geen 10 procent uit van de wereldwijde sojamarkt.   'Minder vlees en zuivel'  Greenpeace: “Door de grote hoeveelheid soja die nodig is voor de vlees- en zuivelproductie is de zogenoemde voetafdruk van de Nederlandse bio-industrie enorm. Alleen al voor de soja die de Nederlandse veeteelt verbruikt, is in productielanden zoals Brazilië een gebied zo groot als de hele Randstad (een vijfde van Nederland) nodig.”   De soja vervangen voor veevoer van andere gewassen is volgens Greenpeace geen oplossing: “Je verschuift daarmee het probleem naar andere gebieden. Al dat veevoer legt een enorm beslag op land en verergert de klimaatcrisis. Alleen door minder vlees en zuivel te produceren komen we verder. Van supermarkten en leveranciers verwachten we daarom actie. Producten vervangen door plantaardige opties, en al helemaal geen kiloknallers meer,” stelt de milieuorganisatie op hun website. Ontbossing en mensenrechtenschendingen  Om te voorkomen dat er illegaal bos wordt gekapt om soja te kunnen telen, zijn er internationale afspraken gemaakt die ontbossing voor sojateelt moeten voorkomen. In het verleden had het Amazonewoud sterk te lijden onder de oprukkende sojateelt. Sinds 2006 geldt er een soja-moratorium: er mag geen ontbossing meer plaatsvinden voor soja. Toch is er de afgelopen jaren juist weer sprake van een sterke stijging. De regering van president Bolsonaro heeft de instanties die de Amazone moeten beschermen verder uitgekleed. Sinds zijn aantreden zijn ontbossing en bosbranden flink toegenomen. Daarnaast brengt de productie van soja mensenrechtenschendingen met zich mee. De inheemse bevolking ziet dat hun leefgebied wordt bedreigd.   Vorig jaar oktober bezocht een delegatie Braziliaanse inheemse leiders Nederland om met politici en bedrijven te praten over ontbossing en mensenrechtenschendingen in hun land. Nederland moet nu eindelijk eens zijn verantwoordelijkheid nemen, was de boodschap van de inheemse leiders: 

OCR ( Officiele Controle Richtlijn) of Koemonitor (Leveringsvoorwaarden)

Al 9 maanden is er discussie binnen de melkveehouderij hoe de EU richtlijn 853/2004 uitgevoerd dient te worden. Deze week werd er door de Stichting Geborgde Dierenartsen (SGD) duidelijkheid gegeven. Zij zijn door het ministerie van Volksgezondheid aangesteld als uitvoerende dierenarts in de OCR. Alleen met deze certificering worden er exportverklaringen naar derde landen af gegeven door het COKZ, die toeziet op de uitvoering van de richtlijn. De brief van de SGD geeft daar duidelijkheid over. http://www.imail2u.nl/webversie?m=7552&c=87995&h=bo4G7KSYdt%2bgABCFS2UEZXpQyulpbWFpbDJ1d2Vi In deze brief staat het volgende: "'Op grond van de OCR dient de officiële controle met vereiste deskundigheid en onpartijdig en vrij van elk belangenconflict te worden uitgevoerd. Met de aanwijzing van de SGD dierenarts heeft de overheid beoogd dat deze deskundigheid en onpartijdigheid door de SGD wordt geborgd."" Daarnaast heeft een derde partij in opdracht van Zuivelnl koemonitor ontwikkeld. Begin dit jaar hebben de meeste zuivelfabrieken koemonitor opgenomen in hun leveringsvoorwaarden. Volgens de SGD zijn onderdelen van koemonitor geen vervanger van OCR. Dit betekent dat als de zuivelfabrieken op dit punt blijven vasthouden aan hun leveringsvoorwaarden, zij de export naar derde landen in gevaar kunnen brengen. De geborgde dierenarts kan geen onderdeel worden van deze leveringsvoorwaarden omdat zij dan niet meer onpartijdig zijn. Met de brief van de SGD wordt ook duidelijk dat koemonitor een bovenwettelijke maatregel is. Vandaar dat koemonitor ter toetsing is aangeboden aan de ACM, die daar recentelijk een onderzoek naar is gestart. Het wordt echt tijd dat melkveehouders weten waar ze na 9 maanden aan toe zijn! Dus wie neemt er de verantwoordelijkheid?

Zwaagdijk


Topics
0
Reacties
0
Volgers

Over mij

Leeftijd: 43jr
Laatst online: 17min geleden

Bedrijven

Ervaring

Ik heb ervaring met de volgende machines:

Merk / type Waardering