14 supermarktketens gaan over op Planetproof

Veertien supermarktketens, die vallen onder de coöperatieve inkoopvereniging Superunie, gaan hun koelschap vullen met PlanetProof zuivelproducten. De eerste vernieuwde Melkan-producten (melk, karnemelk, vanilleyoghurt en vanillevla), voorzien van het keurmerk ‘On the way to PlanetProof’, staan inmiddels in het schap hebben. Veehouders beuren een toeslag van 3,50 euro per 100 kg melk. Sinds begin april verkopen de supermarktketens de eerste vernieuwde Melkan-producten die het keurmerk ‘On the way to PlanetProof’ hebben. Dit gaat om melk, karnemelk, vanilleyoghurt en vanillevla. De komende maanden breidt het PlanetProof Melkan-assortiment verder uit. Zo zullen komende zomer de Superunieleden de eersten die PlanetProof Goudse kaas in het schap opnemen. Vervolgens zullen ook Melkan vruchtenyoghurt, vla en yoghurtdrinks met het PlanetProof duurzaamheidskeurmerk worden aangeboden. De introductie van de PlanetProof zuivel is voor Superunie ook aanleiding de Melkan verpakkingen van een nieuw design te voorzien. In één oogopslag zal nu zichtbaar zijn dat de zuivel PlanetProof is. 14 supermarktketens Volgens een persverklaring van Superunie verduurzamen alle 14 supermarktketens hun zuivelschap verder met PlanetProof-pro. Deze supermarktketens zijn: Boni, MCD, Coop, Deen, Dirk, DekaMarkt, Hoogvliet, Jan Linders, Nettorama, Poiesz, Sligro, Spar, PLUS en Vomar. In totaal betreft het ruim 1.750 winkels. Eisen Om voor PlanetProof in aanmerking te komen moeten melkveehouders voldoen aan de algemene eisen zoals melkkwaliteit, veiligheid van mens/dier en weidegang. Ook gelden de thema’s biodiversiteit, klimaat en dierenwelzijn en diergezondheid. Op drie thema’s moeten melkveehouders voldoen aan het basisniveau en op minstens een van de thema’s aan alle criteria op het hoogste niveau. Melkveehouders RFC die melk willen leveren die voldoet aan de PlanetProof eisen ontvangen een toeslag van 3,50 euro per 100 kg melk. Vooralsnog kunnen RFC melkveehouders in het midden, oosten en zuidwesten van het land zich aanmelden voor levering van deze nieuwe stroom voor duurzame PlanetProofmelk, bij RFC ook wel bekend onder de naam ‘Top Zuivel’. Verschillende vormen melkveehouderij Het integrale schema houdt er rekening mee dat in Nederland verschillende vormen van melkveehouderij bestaan die ieder eigen sterktes op het gebied van duurzaamheid hebben. Zo presteert het ene bedrijf beter op biodiversiteit en het andere op klimaat. Volgens Zuivelzicht kan naar schatting 10 procent van de Nederlandse melkveehouders aan de gecombineerde criteria voldoen. Melkveebedrijven kunnen met het schema op meerdere thema’s verder verduurzamen. Dit kan ertoe leiden dat verbeteringen op het ene onderdeel bij bedrijven soms minder scoren op andere onderdelen. Het certificatieschema wordt de komende jaren op basis van opgedane ervaringen aangescherpt

Minder koeien en minder melk is ook noodzakelijk in strijd tegen klimaatverandering

[b]OPINIE - Marjan Minnesma en Jan Willem Erisman[/b] Om aan de klimaateisen te voldoen is het nodig om de veestapel terug te brengen en voor koeien te kiezen die minder melk geven, stellen Marjan Minnesma (directeur van Urgenda) en Jan Willem Erisman (directeur-bestuurder van het Louis Bolk instituut) voor. De overheid is door de rechtbank en het Hof gemaand meer werk te maken van CO2-reductie, conform haar eigen minimumnormen. Urgenda heeft daartoe 40 maatregelen in kaart gebracht die samen tot meer dan voldoende CO2-reductie leiden. De tweede maatregel in deze lijst is krimp en verandering van de veestapel. Dat levert een reductie op per jaar van 3 megaton CO2-equivalenten. Dat is na het sluiten van de kolencentrales één van de grootste maatregelen die nog genomen kunnen worden voor het klimaat. Daarnaast verbetert het de biodiversiteit. Het is echter niet de bedoeling om de boeren weer het kind van de rekening te laten worden, want die hebben de laatste jaren maatregel na maatregel over zich heen gekregen en zijn soms meer boekhouder en jurist dan boer. Toch is er een goede reden om opnieuw te kijken naar het aantal koeien, want als we dat zelf niet doen, dan zullen we waarschijnlijk door Brussel gedwongen worden tot vergaande maatregelen. Meer: https://www.trouw.nl/opinie/minder-koeien-en-minder-melk-is-ook-noodzakelijk-in-strijd-tegen-klimaatverandering-~ac661f82/

Reddingsactie voor biologische melkveehouders

Eén op de twintig biologische melkveehouders in ons land dreigt failliet te gaan door onder meer de gevolgen van de fosfaatheffing. De actie ‘Red de Bioboer’ moet er toe leiden dat er een passende wetgeving komt voor de biologische sector. https://www.youtube.com/watch?v=u67pECxIcpk Peter Hooijer in Weesp heeft een biologisch melkveebedrijf met 40 koeien en bijbehorend jongvee. Zijn droom was enkele jaren geleden om 60 koeien te kunnen houden met 40 hectare land. ‘Dat zag ik wel voor me. Ik zou dan een mooi bedrijf hebben met een leuk inkomen. En een leuk leven ernaast.’ De biologische melkveehouder uit Weesp begon in 2015 met het bouwen van een nieuwe stal voor 60 koeien. Toen kwam de fosfaatheffing en werd zijn kudde weer teruggeschroefd naar het aantal van de peildatum 2 juli 2015. ‘Die 40 koeien is gewoon geen vetpot. In die zin dat ik weinig van mijn lening kan aflossen. En ik ben blij dat dat mijn vrouw nog een 3-daagse baan heeft, anders is een gezin met 4 kinderen niet te onderhouden.’ Eigen mestregels Peter Hooijer begrijpt niet goed waarom er qua wetgeving geen uitzondering wordt gemaakt voor biologische melkveehouders. ‘Er is natuurlijk vrij veel vraag naar biologische producten. Daarnaast zijn er een aantal biologische melkveehouders die toch vrij ruim in het land zitten en dan niet het aantal koeien mogen houden die daar bij past. Dat is natuurlijk wel zuur. Zeker omdat onze sector eigen mestregels heeft waardoor wij sowieso niet meer mest mogen produceren dan dat je land hebt. Dan zit er toch wel iets van gerechtigheid in als wij buiten het fosfaatplan gehouden worden. Ik denk toch dat de politiek te weinig weet over hoe de biologische veehouderij in elkaar zit. En dat daardoor alles op één hoop wordt geveegd.'

Stikstofplafond overschrijding

Het begint langzamerhand een goede gewoonte te worden voor het CBS om een berekening te maken waarin een plafond door de melkveehouderij wordt doorbroken. Niet dat deze plafonds ook maar iets zeggen over duurzaamheid of waterkwalitiet. De stikstof en fofaat plafonds zijn ooit door Nederland in Brussel aangeboden ( ver voor 2010) om Brussel vertrouwen te geven dat er een slot op de deur zit om groei van de veestapel tegen te gaan. Immers Brussel heeft weinig of geen vertrouwen in het krakkemikkigge mestbeleid met veel papieren tijgers en verder geen harede grondgebondenheid. Nu begint het er op te lijken volgens het CBS dat de melkveehouderij het stikstofplafond heeft overschreden. Alleen weer komt de vraag naar boven net als bij fosfaat , welke dieren tel je mee als melkveehouderij. Zoals het nu lijkt rekent het CBS naast melkvee ook vleesvee mee in het melkvee stikstofplafond. Het gegoochel met cijfers is natuurlijk met werderom de melkveehouders als kop van Jut. LNV komt dit min of meer wel redelijk goed uit want dan komt er een argument bij om de fosfaatruimte beperkt te blijven houden. Dat is dan weer in overeenstemming met de wens van Nederlands grootste zuivelaar die weer met de NZO pet op de eigenbelangen eerst behartigd bij het mnisterie en dan later aan de overige leden uitlegt dat het toch echt niet anders kan. En melkveehouders? Melkveehouders zijn de klos en kunnen er niemand op aanspreken. Toch droevg dat dit de staat van de belangenbehartiging is. Wie weet komen er een keer veranderingen.

volgens johannes kramer fnp over 20 jaar bioboer of geen boer.

Lijsttrekker Johannes Kramer van de Fryske Nasjonale Party (FNP) heeft de tongen losgemaakt met een speech waarmee hij voor zijn partij de aftrap voor de komende provinciale verkiezingen heeft gegeven. ,,De Friese landbouw moet geleidelijk groeien naar biologisch”, vindt hij. In een mini-interview, dat aankomend weekend in Veldpost verschijnt, verklaart Kramer dat de landbouw, die biologisch is, minder kwetsbaar is voor eventueel wegvallen van de derogatie en weer winstgevend wordt. ,,Niet alleen bedrijfseconomisch, maar ook ecologisch. Dat betekent een grondgebonden veehouderij die in balans met de natuur is.” De lijsttrekker, die momenteel landbouwgedeputeerde is in Friesland, constateert dat de traditionele veehouderij stukloopt op fosfaat, stikstof en CO2. ,,Elke keer wordt er een onderdeel uitgehaald en via een ingewikkeld systeem opgelost. Dat levert allemaal weer ongunstige bijeffecten op die vervolgens ook weer moeten worden aangepakt. Er is een helder en simpel afdwingbaar systeem nodig. Dus zonder bureaucratisch gedoe, geld kostende vrijstellingen en rechten en het opofferen van de belangen van Noord-Nederland aan die van Zuid-Nederland. Dat is dus simpel gezegd: hectares tellen en koeienstaarten. De norm voor biologische landbouw (1,7 GVE) is op dat punt prima.” Kramer erkent dat er steun van de overheid nodig is zodat de boeren de stap kunnen maken. ,,Zoals de overheid zich in de jaren ‘50 en ‘60 heeft ingezet voor schaalvergroting en daarmee alle boeren aan een Mercedes Benz heeft geholpen, zo zal de overheid nu op Europees, landelijk en provinciaal niveau de boer bij wijze van spreken moeten helpen aan een Tesla S.” Kramer richt zijn pijlen nadrukkelijk op de Europese Unie. ,,De Nederlandse boer produceert met name voor de Europese markt tegen wereldmarktprijzen. Het behouden van een level playing field is dus van levensbelang. De EU zal via wet- en regelgeving moeten afdwingen dat gezondere, milieu- en natuurvriendelijke producten worden geproduceerd.” Met een level playing field wordt een gelijkwaardig speelveld bedoeld. Hij voorspelt dat de overheden nog meer sturend worden in de vorm van verregaande vermindering van de veestapel, verbod op intensieve veehouderij en verhoging van waterpeilen in het veengebied. ,,Biologische landbouw zal in dat licht een wenkend perspectief voor velen kunnen worden. Dat geeft ons in Fryslân de mogelijkheid om hierop te anticiperen en in voorop te lopen. Het is dus vooral een geweldige kans. Door de biologische kwaliteit als unique selling point te benadrukken kan de Friese boer de historische toonaangevende positie in wereldzuivelland terugpakken. Over twintig of dertig jaar is het zo dat je een biologische boer bent of je bent geen boer.”

ted9


Foto's
0
Video's
0
Topics
0
Reacties
0
Stemmen
369
Volgers

Over mij

Leeftijd: onbekend
Laatst online: 2u geleden

Bedrijven

Ervaring

Ik heb ervaring met de volgende machines:

Merk / type Waardering