‘Tijd LTO en NMV lijkt voorbij’

[b]Originele beschrijving[/b] Vertrekken bij LTO is het beste wat Marc Calon in het belang van de boeren kan doen. “Voorzitter Marc Calon mag zijn knopen wel eens tellen”, merkt Hanna op als ze de enquête onder boeren leest in de Boerderij. Zowel de LTO als de NMV wordt door de sector niet meer gezien als de organisatie waarin ze vertrouwen hebben blijkt uit die enquête. “Met de LTO is het na de NMV droevig gesteld. Daar heeft minder dan 40% nog vertrouwen in. Veel te weinig voor de organisatie die zich opwerpt als de woordvoerder van de sector.” Farmers Defence Force en Agractie door boeren gewaardeerd Mee eens. Vooral omdat de actiepartijen als Farmers Defence Force en Agractie door bijna driekwart van de boeren gewaardeerd wordt. Mooi te lezen dat de POV van Linda Janssen ook het vertrouwen geniet van meer dan 80% van de boeren. Ook hier weer een activistische leider, die openlijk bekent dat ze lid is geworden van Farmers Defence Force. Zo’n leider wil de boer van nu. Boeren zijn onzeker en terecht boos. Die hebben een leider nodig “Het is ook de weerzin tegen de verbrokkeling in de belangenbehartiging van de agrarische sector”, meent Hanna.”Boeren zijn onzeker en terecht boos. Die hebben een leider nodig. Die zien ze nu in Jeroen van Maanen en Mark van den Oever. Hun wijze van optreden doet de eigen voorzitter verbleken.” Leiding LTO faalt Met Calon is dat niet zo moeilijk. Die gaf al weinig kleur aan de organisatie. En als hij eens een keer op de televisie wat zei, was het meestal niet wat de boeren wilden horen. Daarom hoop ik met Hanna dat Calon het bestuur van LTO meedeelt dat hij vertrekt. Dat is het beste wat hij in het belang van de leden kan doen. En in het belang van de medewerkers. Die werken vermoedelijk hard en leveren op hun terrein goed werk. Dat valt in het niet als de leiding faalt. Dat is jammer, want hun werk voor de boeren is hard nodig. Met afscheid doe je meer voor de boeren Als een groot deel van de achterban van mening is dat de overlegstructuur heeft gefaald, moet je daarnaar luisteren. Zelfs als je als voorzitter nog steeds achter het gevoerde beleid en het overlegmodel staat. Met afscheid nemen doe je dan meer voor je boeren. Die wil geen honderden euro’s betalen voor het lidmaatschap als in tijden van crisis andere leiders op de barricaden staan, en niet je eigen leiders. Dan is het genoeg geweest.

Boeren en milieu hebben baat bij herverkaveling

[b]Deel het weideland efficiënt op, dan kunnen melkveehouders beter uit de voeten en wint de natuur, stelt Pieter Winsemius, oud-minister van volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieubeheer voor. Opinie Pieter Winsemius:[/b] Welk beleid kan leiden tot een lagere stikstofbelasting en tegelijk rekenen op draagvlak onder melkveehouders? Zo’n beleid begint idealiter met een visie: welk eindspel heb je voor ogen over, zeg, 30 jaar, om vervolgens vanuit die verre toekomst terug te denken naar concrete maatregelen. Dat eindspel kan uitgaan van een opdeling van de huidige 1,4 miljoen hectare weideland in drie gebieden. In de eerste plaats een ‘rood’ gebied van zo’n 0,5 miljoen hectare dat optimaal is ingericht voor de hoogproductieve melkveehouderij. Door de gangbare melkveehouderij te concentreren op de meest geschikte gronden kan het overgrote deel van het huidige melkvolume van 15 miljard liter worden geproduceerd: 2,5 koe per hectare, 10.000 liter op jaarbasis per koe telt op naar 12,5 miljard liter van deze ‘rode’ grond. Door hun hogere productiviteit kunnen de veehouders optimaal concurreren op de wereldmarkt. Bovendien wordt hun stikstofuitstoot beperkt. ­Immers, dezelfde melkhoeveelheid wordt geproduceerd met een kleiner aantal koeien. Deze boeren zijn wel gebonden aan strenge milieuspelregels (Best Ecological Means). Vooral wanneer de koeien vaker op stal worden gehouden, wordt door verdergaande innovatie de uitstoot uiteindelijk vermeden. Overlevingskans voor kwetsbare weidevogels Ten tweede: een ‘oranje’ gebied (ook 0,5 miljoen hectare) dat kan fungeren als bufferzone rond steden en het huidige (groene) gebied met natuurbestemming. Een ‘brede’ landbouw combineert hier een lager productieve melkveehouderij met nevendoelstellingen. Met één koe per hectare die jaarlijks 6000 liter geeft, levert dat 3 miljard liter melk op. De lagere veedichtheid in het open weideland resulteert in een lagere stikstofuitstoot. Speciaal met stevig agrarisch natuurbeheer komt een inclusieve melkveehouderij binnen bereik, waarbij ook de uiterst kwetsbare weidevogels een overlevingskans hebben. Dat is geen luxe, maar – voordat de Raad van State het zegt – een noodzaak. Grutto en kievit wankelen en de kemphaan is nagenoeg verdwenen. Nederland heeft hier een bijzondere verantwoordelijkheid: 85 procent van de wereldpopulatie van grutto’s broedt in ons weidegebied. Rood en oranje tellen samen op tot een grotere melkproductie dan nu. Ten derde: een overloopgebied (ongeveer 0,4 miljoen hectare) met vooralsnog de oranje kleur, maar dat op termijn een andere bestemming dient te krijgen. Denk aan woningbouw, recreatie of natuur. ‘We’ moeten immers onze aanstaande landgenoten ergens huisvesten, en tevens een volwaardig Nationaal Natuur Netwerk vormgeven. Geen hapsnapmaatregelen Als dit het eindspel is, dan dienen we op korte termijn keuzes te maken. Het geeft geen pas om nu hapsnapmaatregelen te nemen, zolang ze maar optellen naar een bepaalde stikstofbeperking. Ze zijn onnodig duur en leiden niet tot de wenselijke combinatie van een moderne landbouw en een robuuste natuur. Durven onze politieke voorlieden veehouders uit te dagen tot een hoogproductieve, ‘rode’ bedrijfsvoering en daartoe de voorwaarden te creëren? Zijn zij bereid om geringere bedrijfsresultaten van veehouders in het oranje gebied te compenseren door maatregelen als ­lagere waterschapslasten en een hogere melkopbrengst? De aankomende Wet Ruimte voor Duurzaamheidinitiatieven geeft de zuivelsector mogelijkheden voor prijsafspraken onder voorwaarde van meer duurzaamheid. Minder stikstofuitstoot in combinatie met het herstel van weidevogels hebben zo’n meerwaarde. Een paar cent extra per liter melk leidt tot de hogere ‘oranje’ opbrengst met ook voor deze veehouders een goede toekomst. De beleidsvoorstellen vereisen een herverkaveling waarbij boeren met hun voeten kunnen stemmen. Kiezen zij voor een ‘rode’ bedrijfsvoering of vanwege de financiële prikkels voor vestiging in het oranje gebied? Nu dreigt grijsinkleuring van het weidegebied: noch optimaal ingericht voor de hoogproductieve veehouderij noch voor de brede bedrijfsvoering (met bijvoorbeeld een hoger waterpeil, vereist voor natuurdoelen, waterberging, ­beperken van bodemdaling en het vastleggen van CO2). Activerend ruimtelijk en milieubeleid bieden perspectief en maken repressief beleid met dwangmaatregelen overbodig. Dat beleid zou de inzet van overheid en bedrijfsleven moeten zijn. Veel jonge boeren werken daaraan mee en moeten daartoe worden uitgedaagd.

Leo,s vriend


Topics
0
Reacties
0
Volgers

Over mij

Leeftijd: onbekend
Laatst online: 1d geleden

Bedrijven

Ervaring

Ik heb ervaring met de volgende machines:

Merk / type Waardering