We zijn in rap tempo terrein aan het verliezen

De vinger vol op de zere plek: Hij heeft niks met de paardenwereld maar ziet donders goed wat er aan het gebeuren is. Klaas Dijkstra hield laatst een lezing voor de leden van de VSN, de verenigde sportpaardenhandel Nederland. Al snel bleek de zaal gegrepen door zijn verhaal. Omdat het gepassioneerd gaat over onze paardentoekomst. ‘Als je het niet zelf regelt, dan wordt het straks voor je geregeld,’ zegt hij. En dan gaat het over goed georganiseerde èn goed gefinancierde clubs als Dier & Recht, Bont voor Dieren, Wakker Dier en Animal Rights, èn de politiek en de pers …. In zijn lezing vroeg Klaas Dijkstra de paardenhandelaren of ze wisten wie die mevrouw op de foto was: ‘Het is belangrijk om te weten met wie je te maken hebt! Laatst in de vleessector liet ik de foto van Sjoerd van der Wouw zien. Wie is die man met dat kale hoofd? De hele zaal kijken maar er gebeurde niks. Ze kenden hem niet. Dan denk ik: besef je nou echt niet wie dat is? Dan zeg ik: dit is nou de meneer die in 2012 een belangrijke communicatieprijs heeft gewonnen. Als de bedenker van het woord ‘plofkip’, van Wakker Dier. Ik was verbijsterd, had het niet zien aankomen. Bij de VSN liet ik Sarah Pesie zien, ze hadden geen idee. Al vier jaar is ze met Dier & Recht bezig om elk jaar acties op te zetten tegen de paardensport. Goed opgeleid, door opleidingsinstituten, gedrild, voorzien van geld. Joh, we verliezen het in de paardenwereld op alle fronten: geld, kennis en capaciteit.’

Nutriënten verontreinigde gebieden

In de Derogatiebeschikking en 7de actie programma nitraat APN zaten een aantal zaken. Afbouw van aanwendingsnormen in stappen van 250/230 naar de eindnormen in 2026 van 170 kg N. Met de modelleerde werkingscoëfficiënt van 45 %(beweiden ) en 60 % ( opstallen en aanvoer graasdiermest) kun je de plaatsingsruimte uitrekenen. Daarnaast zatten er de bufferstroken in de beschikking, 3 en 5 m (afhankelijk van KRW waterlichaam of boerensloot) of de 100 en 250 m bij de kwetsbare beekdalen. Ook het verplichte vanggewas op zand en löss na 1 oktober was er een onderdeel van. Dat Adema zich niet aan deze laatste twee bepalingen hield kwam doordat het ministerie geen wettelijk kader geregeld had waarover SSC een verzoek tot nadeelcompensatie had ingediend. Nu tovert de minister de ministeriële regeling uit de kast om het als nog snel even te regelen. Ook SSC zal hun proces weer vervolgen. Ook in het GLB worden in de basis conditionaleiten gewasbeschermingsmiddelen en bemestingsvrije zones opgesteld. Alleen hier zit een grens van 4 % van een topografisch perceel in. Met de maatregelen van gisteren zijn die nu niet relevant meer als keuze opties voor het GLB maar een verplichting vanuit het 7de APN. Ook de pilot mineralen concentraat wordt door Brussel niet meer gezien als een pilot maar als een derogatie an sich. De status van deze pilot na gisteren is onduidelijk. Maar het grootste konijn uit de minister zijn hoed zit in de nog nader in te kleuren Nutriënten verontreinigde gebieden. Volgens de Kamerbrief bestrijken die 42 % van het Nederlands landbouw areaal. In die gebieden worden de aanwendingsnormen 20% extra verlaagd waarbij deze na 2026 uitkomen op 136 kg N per ha. Hier de Kamerbrief, vergeet de CDM bijlage niet. https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2023/01/20/implementatie-derogatiebeschikking-en-zevende-actieprogramma-nitraatrichtlijn En voordat er nog enkele 1000 veehouders EN akkerbouwers overblijven wordt het toch echt tijd dat ALLE partijen nadenken waar ze mee bezig zijn en aan welke toekomst ze werken. Want zo gaat het echt niet!!!!!!! (in de bijlage een kaartje met rood (KRW op N en/of P overschreden) en Groen en (voldoet aan de KRW norm N en P). Met dit kaartje is iets heel bijzonders, later meer)

Stikstofclaim sommeert minister om Aerius-model 'on hold' te zetten

Stikstofclaim (SSC) heeft vandaag, 23 december 2022, namens haar aangeslotenen, de minister van Natuur en Stikstof, mevrouw van der Wal gesommeerd om het Aerius model voor vergunningverlening buiten werking te stellen. SSC heeft de minister daar tot en met 31 december 2022 de tijd voor gegeven. Gaat de minister niet in op de sommatie van SSC voor of op de gestelde datum, dan zal zij de voorzieningenrechter middels een kort geding met een spoedeisend karakter verzoeken onder moverende redenen het Aerius model voor vergunning verlening op te schorten tot het moment dat uit deze berekening een uitkomst komt die elke redelijke wetenschappelijke twijfel wegneemt of een project middels stikstofdepositie significante gevolgen kan hebben voor de betreffende natuurgebieden. SSC doet deze sommatie namens haar aangeslotenen en in het bijzonder namens een PAS-melder die door onrechtmatig overheidshandelen en buiten zijn schuld een last onder dwangsom opgelegd heeft gekregen. SSC heeft haar sommatie onderbouwd met een aantal moverende argumenten. Allereerst vermeldt TNO op 26 april van dit jaar in een vertrouwelijke notitie dat Aerius pas een redelijke betrouwbare berekening kan reproduceren bij een grens tussen de 1 en 10 mol/ha/jaar, terwijl er nu een niet wetenschappelijke, maar computermodelmatige grens is gesteld van 0.005 mol. Daardoor is de uitkomst van een reken exercitie van het Aerius model voor vergunning verlening geen benadering van de realiteit. Toch wordt een aangeslotene van SSC last onder dwangsom opgelegd terwijl de uitkomst van de Aerius berekening behorende bij zijn activiteiten buiten de wetenschappelijke betrouwbaarheid ligt vastgesteld door TNO. Vervolgens haalt SSC het rapport van de commissie Hordijk aan, ‘Meer meten, robuuster meten’. Daarin stelt de commissie dat het Aerius model niet doelgeschikt is voor vergunningverlening. Als derde argument haalt SSC de technische briefing van het RIVM aan, dat voor de vaste kamercommissie landbouw gehouden is op 3 november jl. Daar concludeert ook het RIVM dat het Aerius model niet geschikt is voor vergunning verlening. Als vierde argument verwijst SSC naar antwoorden op Kamervragen van 6 september 21. Daar geeft de minister aan dat depositie buiten de 1 km van de bron niet meer te herleiden is aan dezelfde bron. En deze constatering staat haaks op de huidige rekenafstand waar het Aerius model nu mee rekent, namelijk 25 km. En als laatste argument verwijst SSC naar een uitspraak van het Hof van Justitie van de EU van 10 november 22 . Dit arrest vermeldt dat bij een passende beoordeling voor een project elke redelijke wetenschappelijke twijfel over de gevolgen van het bewuste project weg genomen dient te worden. Gelet op het bovenstaande is bij het Aerius model daar geen sprake van. Daarnaast heeft de publicatie van een internationaal onderzoek in het wetenschappelijk tijdschrift Nature geconstateerd dat ammoniak lucht concentraties voor een veel groter aandeel bestaan uit emissies van verbrandingsprocessen dan dat er nu bij de validatie van het Aerius model worden mee genomen. Daardoor zijn de uitkomsten van een Aerius berekening nog onbetrouwbaarder geworden, dan hierboven omschreven. Gelet op bovenstaande en in combinatie met het opleggen van een last onder dwangsom bij een PAS melder met als argument dat de uitkomst van een Aerius berekening van zijn project in strijd is met artikel 6 lid 3 van de habitatrichtlijn en artikel 2.7 van de Wnb , heeft SSC de sommatie verzonden. SSC vertrouwt er op dat de minister van Stikstof en Natuur voor of op 31 december 22 de juiste beslissing neemt.

Het Landbouw Akkoord.... perspectief?

Begin van het nieuwe jaar gaat lnv aan de slag met het landbouw akkoord. Om nog meer verdeeldheid te zaaien, heeft de minister hoofd - en bijzettafeltjes. Wij krijgen heel veel vragen over de inhoud van het landbouw akkoord. Wat is de inbreng en wat schieten we er mee op? Ook veel terechte vragen van bestuurders. Klaarblijkelijk is het zelfs binnen een organisatie van sector partijen not done om fatsoenlijk intern te communiceren. Wat is het geval Eerste kwartaal 23 krijgen duizenden boeren een woest aantrekkelijk aanbod, bedrijven hoofdzakelijk gelegen in de buffergebieden, hoe groot die ook mogen wezen en waar ze dan ook worden begrensd. Overigens hebben we al wat informatie dat er actief veehouders worden geronseld, een soort kerstgroet...... Na de snuffel periode over het woest aantrekkelijke aanbod gaat het echte werk beginnen. Derde kwartaal 2023, blijkt uit interne stukken. Er is dan immers een landbouw akkoord, een bilaterale overeenkomst die de belangen van individuen fors kunnen schaden. Onder de nieuwe Omgevingswet gaat zoals mogelijk vast gelegd is in een landbouw akkoord, alle grond uit de buffergebieden in een pot. De provincie heeft bij monde van gedeputeerde staten na 1 juli 23 het instrument om een inrichtingsplan en plan van toedeling te maken, met mandaat van de gebiedscommissies en provinciale staten.. (wet inrichting landelijk gebied als aanvullingsrecht onder de Omgevingswet) Dat inrichtingsplan houdt rekening met de opgave uit de kaders NPLG (stikstof, water, klimaat en ruimte), maar krijgt de juridische titel onder WILG ( onteigening op klimaat of stikstof wordt moeizaam maar met WILG gaat dat eenvoudiger) In het plan van toedeling, ook onder regie provincie, krijgen enkele boeren eigendommen terug met voorwaarden omtrent gebruik en exploitatie. Dus, een landbouw akkoord wordt 1 grote goocheltruc over belangen en eigendommen. De overheid heeft geen zin en ziet ook weinig mogelijkheden om veehouders individueel te benaderen, dus dan maar collectief met als het even kan steun van sector partijen. Een landbouw akkoord .....bezint eer ge begint!!!!

Bestuur en ledenraad coöperatie maken keuzes voor toekomstbestendig FrieslandCampina

Tijdens de laatste vergadering van 2022 zijn er in de Ledenraad van Zuivelcoöperatie FrieslandCampina U.A. diverse besluiten genomen en bekend gemaakt. Voor de periode 2023-2025 wordt het Melkgeldreglement aangepast en krijgt vet een hogere waardering in de uitbetaling van het melkgeld ten opzichte van eiwit en lactose. Daarnaast wordt de systematiek van het duurzaamheidsprogramma Foqus planet vernieuwd. Leden-melkveehouders krijgen vooraf beter inzicht in wat bepaalde duurzaamheidsinspanningen concreet in euro’s opleveren. Er komt meer geld beschikbaar voor verduurzaming met een focus op klimaat; melkveehouders worden meer beloond voor het realiseren van broeikasgasreductie. Vanaf volgend jaar gaat FrieslandCampina ook zijn coöperatieve werkgebied in België en Duitsland uitbreiden. Tenslotte is de ledenraad bijgepraat over de laatste ontwikkelingen in de onderneming. Sybren Attema, voorzitter Zuivelcoöperatie FrieslandCampina U.A.: “In het afgelopen jaar heeft er binnen alle geledingen van onze coöperatie een intensieve dialoog plaatsgevonden over de vernieuwing van ons duurzaamheidsprogramma Foqus planet, aanpassingen in het melkgeldreglement en de uitbreiding van het coöperatieve werkgebied. De grote opkomst tijdens de lokale ledenbijeenkomsten en de bereidheid om mee te denken en te praten over de toekomst van onze coöperatie hebben geleid tot vernieuwingen en aanpassingen met een duidelijke focus op het realiseren van onze klimaatdoelen. Met de genomen besluiten geven we concrete invulling aan onze coöperatieve visie ‘Koers op 2030’.” De belangrijkste veranderingen met ingang van 2023 De Foqus planet-systematiek wordt aangepast waardoor het voor leden vóóraf inzichtelijk wordt waar de focus ligt en wat bepaalde duurzaamheidsinspanningen concreet opleveren in euro’s. De vernieuwde systematiek maakt het voor de coöperatie en de onderneming mogelijk om te bepalen op welke indicator(en) de focus moet liggen. Klimaat is op dit moment een belangrijk thema waarop FrieslandCampina wil versnellen; voor op het erf is in het Klimaatplan van FrieslandCampina een broeikasgasreductiedoelstelling opgenomen van 33 procent in 2030 ten opzichte van 2015. Daarom geldt binnen de nieuwe systematiek voor broeikasgasreductie een maximale toeslag van 1,50 euro per 100 kilogram melk. Daarnaast is het Melkgeldreglement voor de periode 2023-2025 aangepast. In de berekening van het melkgeld krijgt per januari 2023 vet een hogere waardering ten opzichte van eiwit en lactose. De verhouding tussen de componenten eiwit-, vet- en lactose verschuift van 10:5:1 (2020-2022) naar 6:4:0. Voor de garantieprijs gelden per 100 kilo melk de volgende nieuwe standaardgehaltes: voor eiwit 3,58 procent; voor vet 4,45 procent; en voor lactose 4,54 procent. Het reserveringsbeleid blijft ongewijzigd; 40 procent van de nettowinst wordt uitgekeerd aan de leden-melkveehouders en 60 procent wordt toegevoegd aan het eigen vermogen van de onderneming. In België wordt het coöperatieve werkgebied uitgebreid met de regio Aalter en Noord-Antwerpen/Noord-Limburg. In de tweede helft van 2023 zal in Noord-Duitsland een deel van de deelstaat Nedersaksen worden toegevoegd. Dat betekent dat melkveehouders die hun bedrijf in deze gebieden hebben melk kunnen leveren aan FrieslandCampina na toetreding tot de coöperatie. Bestuurswisselingen Bestuursleden Angelique Huijben-Pijnenburg en Sandra Addink-Berendsen, de laatste was tevens vicevoorzitter, treden dit jaar af als lid van het coöperatiebestuur en als lid van de raad van commissarissen van de onderneming. Per 13 december 2022 treden Sandra Stuijk en Herman Bakhuis toe tot het coöperatiebestuur. Sybren Attema, voorzitter Zuivelcoöperatie FrieslandCampina U.A.: “Angelique en Sandra hebben beiden een grote bijdrage geleverd aan het bestuur van de coöperatie en het toezicht op de onderneming. Naast dat het buitengewoon goede, kritische bestuurders zijn, nemen we afscheid van fijne betrokken collega’s. Ik bedank ze beiden uit de grond van mijn hart voor hun tomeloze inzet en hun bestuurlijke inbreng over de afgelopen jaren. De nieuwe bestuursleden, Sandra Stuijk en Herman Bakhuis, heet ik van harte welkom en wens ik veel succes in het bestuur van onze coöperatie.” Het coöperatiebestuur bestaat vanaf 13 december 2022 uit de volgende personen: Sybren Attema (voorzitter), Elze Jellema (vicevoorzitter), Herman Bakhuis, Nils den Besten, Hans Hettinga, Cor Hoogeveen, Hans Stöcker en Sandra Stuijk. Ontwikkelingen onderneming De ledenraad is bijgepraat over de laatste ontwikkelingen in de onderneming. FrieslandCampina wil blijven groeien in consumentenvoeding, betaalbare voeding, ingrediënten en gespecialiseerde voeding. Uitgangspunt daarbij is dat het portfolio nog relevanter wordt voor consumenten en professionele afnemers. Met nieuwe producten en innovaties speelt de onderneming in op ontwikkelingen en trends in de samenleving. Naast innovatieve en duurzamere zuivelproducten en ingrediënten zijn er inmiddels ook diverse nieuwe plantaardige varianten aan het portfolio toegevoegd. FrieslandCampina heeft over de hele linie te maken met sterk gestegen productiekosten voor o.a. grondstoffen, transport en energie. De onderneming heeft daar waar mogelijk noodzakelijke prijsstijgingen doorgevoerd. Volumes in consumentenmarkten staan daardoor onder druk. De verwachting is dat risico’s in verband met de economische ontwikkelingen en omwisselkoersen in de Sub-Sahara Afrika-regio (Nigeria) een materiële, negatieve impact zullen hebben op de FrieslandCampina groepsresultaten voor 2022. Ook hebben aanpassingen in het productienetwerk een lange termijn positieve impact, maar leiden deze op korte termijn tot afwaarderingen van activa en herstructureringsvoorzieningen. Al met al is CEO Hein Schumacher positief over de onderliggende resultaatontwikkeling van de onderneming en de realisatie van de strategie, maar noemde vooruitlopend op de jaarcijfers geen concrete bedragen. FrieslandCampina publiceert zijn jaarresultaten op 21 februari 2023. Bron: Friesland Campina

Nieuwe reacties

Wakker Dier: melkkoeien staan 85 procent van hun leven op stal

[b]We zijn weer 14 dagen verder, alle ziektes en andere aandoeningen zijn blijkbaar op, nu ligt de weidegang onder de loop:[/b] Koeien die in de lente mogen weiden, staan alsnog gemiddeld 85 procent van het jaar binnen, in een vaak te krappe stal. In een nieuwe radio- en buitenreclame onthult Wakker Dier dit vandaag aan het grote publiek. Anne Hilhorst van Wakker Dier: "Koeien horen in de wei waar ze natuurlijk gedrag kunnen vertonen, niet in krappe stallen."  Koeien staan gemiddeld steeds langer binnen. Waar koeien in 2013 gemiddeld nog1.700 uur buiten stonden, was dit in 2021 nog maar 1.300 uur. Dit blijkt uit cijfers van het CBS. Ieder jaar neemt het aantal weide-uren verder af. Hilhorst: “Ondanks alle mooie beelden die de zuivelindustrie ons voorschotelt, gaat het de verkeerde kant op.” Kale plekken, verwondingen en stress De meeste koeien leven in ligboxstallen. Zij liggen dan op een plek tussen twee stangen. Ligboxen zijn vooral handig voor de melkveehouder, omdat het gemakkelijker schoon te maken is. Het is geen goed systeem voor de koeien. De ‘boxen’ zijn krap en een koe kan alleen op bepaalde manieren liggen. Kale plekken, verwondingen en stress komen in een ligbox systeem vaker voor dan in een vrijloopstal. Geen ligplek voor koeien laag in rang Hoewel er geen wettelijke regels voor zijn, hanteren de meeste melkveehouders een maximale bezetting van honderd procent. Dat betekent dat er voor iedere koe een ligplek is. Maar dat is voor koeien eigenlijk te weinig. Het zijn kuddedieren met een sterke hiërarchie. Ze willen samen optrekken met hun metgezellen en afstand houden van koeien hoger in rang. Hilhorst: “Een koe laag in rang zal niet naast een dominante koe gaan liggen, ook niet als dat het laatste plekje is. Zij zal blijven staan en dat geeft stress.” Cijfers over weidegang Wakker Dier gebruikt bij haar berekening de door het CBS gepubliceerde cijfers over het gemiddelde aantal uren weidegang van ‘weidekoeien’. Daarin zijn de koeien die helemaal nooit buiten komen niet verdisconteerd. Wakker Dier rekent met de ‘weidekoeien’ cijfers van het CBS omdat de meeste melk die Nederlanders kopen afkomstig is van weidekoeien. Zuiver is niet zo zuiver als we denken Wakker Dier startte deze zomer een campagne om het leven van de melkkoe te verbeteren. De gemiddelde melkkoe geeft 36.000 liter melk in haar leven. Daarvoor moet ze hard werken onder vaak slechte omstandigheden. Veel dieren zijn ziek, of de uitputting nabij. Anne Hilhorst van Wakker Dier: “In de gangbare melkindustrie worden koeien echt gesloopt.” Wakker Dier wil dat alle melk minimaal gaat voldoen aan één ster van het Beter Leven Keurmerk en/of Nederlands biologisch (Natuurweide). Zodat het aantal weide uren en/of de omstandigheden in de melkveestal verbeteren.

de Tank


Topics
0
Reacties
0
Volgers

Over mij

Leeftijd: 57jr
Laatst online: 11u geleden

Bedrijven

Ervaring

Ik heb ervaring met de volgende machines:

Merk / type Waardering