Column: De aanval op onze voedselzekerheid - LTO

Door Wim Brouwer, Generaties lang hebben boeren gewerkt aan een landbouwsysteem dat voedsel produceert voor miljoenen mensen. Veehouderij vormt daarvan een onmisbare schakel. Niet alleen omdat vlees, melk, en eieren belangrijke voedingsmiddelen zijn, maar ook omdat dier en plant in de landbouw onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Toch wordt vanuit de groene beweging steeds vaker het beeld neergezet dat de ideale toekomst bestaat uit akkers vol plantaardige eiwitten en stallen die voorgoed leegstaan. Alsof voedselproductie een eenvoudig rekensommetje is dat je achter een bureau kunt oplossen. Alsof dieren slechts een belasting vormen voor het milieu en geen onderdeel zijn van een natuurlijk en economisch systeem dat al eeuwenlang functioneert. Wat daarbij opvalt, is dat de werkelijkheid nauwelijks nog een rol lijkt te spelen. Dezelfde mensen die spreken over natuurlijke kringlopen, lijken te vergeten dat vruchtbare landbouwgrond voedingsstoffen nodig heeft. Dierlijke mest is niet zomaar afval; het is een essentiële bouwsteen voor de bodem waarop onze gewassen groeien. Akkerbouw en veeteelt zijn geen tegenpolen, maar partners in een systeem dat elkaar versterkt. Ook het beeld dat vleesconsumptie per definitie verkeerd zou zijn, verdient meer nuance dan het tegenwoordig krijgt. Natuurlijk kunnen mensen ervoor kiezen vegetarisch of veganistisch te leven. Dat is hun goed recht. Maar het verheffen van die keuze tot morele norm voor de hele samenleving is iets anders. Wat misschien nog het meest stoort, is de toon waarmee vaak wordt gesproken over boeren en voedselproducenten. Mensen die dagelijks zorgen voor ons voedsel worden neergezet als vervuilers, terwijl steeds minder mensen nog weten waar hun eten vandaan komt. Alsof voedsel vanzelf in de supermarkt verschijnt. Alsof landbouwgrond zonder boeren kan bestaan. Alsof dieren uitsluitend een probleem zijn en geen onderdeel van een zorgvuldig opgebouwde voedselketen. De gevolgen van dit groene wensdenken worden bovendien ernstig onderschat. Wanneer we de veehouderij steeds verder terugdringen en voedselproductie ondergeschikt maken aan ideologische doelen, komt onze voedselzekerheid onder druk te staan. Dat is geen theoretisch risico, maar een vraagstuk van strategisch belang. Nederland heeft in de afgelopen jaren veel van zijn economische en industriële zelfstandigheid uit handen gegeven. Juist daarom moeten we zuinig zijn op een van onze laatste echte strategische troeven: de mogelijkheid om zelf voedsel te produceren. Voedselzekerheid is geen luxe. Het is een fundament onder onze nationale veiligheid. Wie naar de wereld kijkt, ziet dat geopolitieke spanningen toenemen. Oorlogen, handelsconflicten, verstoringen van internationale aanvoerketens en groeiende machtsblokken maken landen kwetsbaar. In zo’n wereld is het onverstandig om de eigen voedselproductie bewust af te bouwen en afhankelijker te worden van import uit andere delen van de wereld. Een land dat zijn voedselvoorziening uit handen geeft, geeft uiteindelijk ook een deel van zijn zelfstandigheid uit handen. De ironie is dat juist de mensen die zeggen de natuur te verdedigen, soms lijken te vergeten dat ook de mens onderdeel is van diezelfde natuur. Landbouw, voedselproductie en natuurbeheer hoeven geen tegenstellingen te zijn. Eeuwenlang hebben boeren het Nederlandse landschap gevormd. De weilanden, de akkers en de bedrijven die ons dagelijks van voedsel voorzien, zijn niet de vijanden van het landschap. Ze maken er deel van uit. Misschien wordt het tijd om minder te luisteren naar ideologische blauwdrukken en meer naar de mensen die dagelijks verantwoordelijkheid dragen voor onze voedselvoorziening. Mensen die begrijpen dat duurzaamheid niet ontstaat door vee weg te denken, maar door verstandig om te gaan met dieren, grond en productie. Want een samenleving die haar boeren verliest, verliest meer dan een economische sector. Ze verliest een deel van haar onafhankelijkheid, haar voedselzekerheid en uiteindelijk haar vermogen om voor zichzelf te zorgen. Wim Brouwer

We hebben een grote uitdaging dit jaar.....

https://www.cbs.nl/nl-nl/longread/aanvullende-statistische-diensten/2026/monitor-fosfaat-en-stikstofexcretie-in-dierlijke-mest-eerste-kwartaal-2026 Op basis van deze rapportage, voortschrijdend inzicht 1ste kwartaal 26 kan ik de volgende berekening maken aan de hand van vermelde melkproductie, dier aantallen en ureum In de rapportage Nederlands mestbeleid 24 kan ik vaststellen dat er in 2024 83.6 miljoen kg fosfaatrechten in omloop zijn. In 2025 was er 3.5 miljoen kg fosfaat overschrijding die of via de nu opengestelde SEM of via een generieke korting voor 2026 niet meer beschikbaar zijn. Daarnaast is de afroming in 2025 verhoogd naar 30 % bij transacties wat zorgt voor een extra inname/doorhalen rechten van 1.5 miljoen kg in 2025. Op basis van voortschrijdend inzicht 1ste kwartaal 26 is er dit jaar 82.6 miljoen kg fosfaat rechten nodig.(Tabel 6 en 4 RVO en CBS stikstof en fosfaat monitor) Op basis van bovenstaande zijn er 78-78.5 miljoen kg fosfaat rechten beschikbaar voor 2026. De eerste vijf maanden dit jaar zit de aanvoer 5% boven de gemiddelde langjarige lijn Dus de komende 7 mnd een stevige uitdaging te verwerken.

J Wiersma

@bio boer


Topics
0
Reacties
0
Volgers

Over mij

Woonplaats: Makkum
Leeftijd: 34jr
Laatst online: 3min geleden

Jurjen Wiersma biologisch melkvee en pluimvee houderij

Bedrijven

Ervaring

Ik heb ervaring met de volgende machines:

Merk / type Waardering