Waarschuwing voor voedselschaarste vanwege voorjaarsdroogte

Boerenbelangenvereniging ZLTO luidt de noodklok vanwege het droge voorjaar. Omdat er geen regen valt dreigen oogsten te mislukken, wat kan leiden tot voedseltekorten. ZLTO vertegenwoordigt 12.000 boeren en tuinders in Gelderland-Zuid, Noord-Brabant en Zeeland. Volgens bestuurslid Janus Scheepers ontkiemen de zaden niet omdat ze droog in de grond liggen. "We kunnen de gepote en gezaaide planten niet boven krijgen of in leven houden, zo vroeg in het jaar al", zegt hij. Als de oogsten deels mislukken, is de vraag of er straks nog genoeg betaalbaar eten is, zegt Schepers. "Voor onze mensen maar natuurlijk ook voor onze dieren. Want we maken ook producten voor de dierlijke consumptie." Gisteren heeft het waterschap Brabantse Delta besloten dat in delen van Brabant niet meer beregend mag worden met water uit de sloot, beken of kanalen. Het waterschap heeft door de droogte zogenoemde onttrekkingsverboden ingesteld. Het gemiddelde neerslagtekort is nu zo'n 60 millimeter, blijkt uit de neerslagmonitor van het KNMI. Daarmee is dit jaar een van de droogste sinds het begin van de metingen in 1906. De komende twee weken wordt er geen regen verwacht, waardoor het neerslagtekort kan oplopen tot 90 millimeter. Het neerslagtekort dit jaar tot nu toe: In februari viel er veel regen in Nederland, maar de maand maart was extreem droog en ook in april bleef noemenswaardige neerslag uit. De lage waterstand die daardoor ontstond kan behalve tot voedseltekorten, ook leiden tot schade aan oevers en kaden. Daarnaast kunnen dieren en planten in het water doodgaan.

mob knalt emissie arme vloeren af

maatregel kan worden betrokken bij de passende beoordeling. De rechtbank acht een natuurvergunning dan noodzakelijk en is van oordeel dat de voersamenstelling in een voorschrift aan de vergunning zal moeten worden verbonden. Naarmate de agrariër meer vrijheid zal willen hebben, zal hij een buffer moeten aanleggen door minder dieren te gaan houden dan maximaal mogelijk is op basis van de Rav factor. - De met mest besmeurde oppervlakte per dierplaats. De wisselende oppervlakte per gehouden dier (afhankelijk van de veebezetting) is ook een oorzaak voor onzekerheid. Door het voorschrijven van een bepaalde oppervlakte per dierplaats kan deze onzekerheid worden weggenomen. Hierbij is wel van belang dat een agrariër niet verplicht kan worden om zijn volledige vergunning te gebruiken. Het voorschrift kan dan worden nageleefd door (afhankelijk van de veebezetting) delen van de stal af te sluiten voor de dieren zodat ze altijd dezelfde oppervlakte beschikbaar hebben. Hierdoor treden geen variaties op in de maximum emitterende oppervlakte. Gelet op het verschil tussen de oppervlakte in de stalbeschrijving en de oppervlakte bij vaststelling van de Rav emissiefactor zal een keuze moeten worden gemaakt en zal moeten worden bezien of deze keuze leidt tot een toename van de ammoniakemissie of niet. Met andere woorden, een agrariër kan er voor kiezen om een koe te houden op 4,5 m2 oppervlakte of op 5,5 m2 oppervlakte. Bij de keuze voor een grotere oppervlakte kan hij minder dieren houden. Naar het oordeel van de rechtbank kan het vastleggen van de oppervlakte per dier of dierplaats als beschermingsmaatregel worden aangemerkt. Deze maatregel kan worden betrokken bij de passende beoordeling. Zolang sprake is van een verschil tussen de Rav factor en de stalbeschrijving, is er onzekerheid en is een natuurvergunning noodzakelijk. In de natuurvergunning zal de oppervlakte per dier of dierplaats in een voorschrift aan de vergunning moeten worden verbonden. - Het onderhoud van de stal (schoonmaken) en de frequentie van de mestschuif. Verweerder en de agrariër kunnen ook kiezen voor verdergaande stalmanagement-maatregelen dan voorgeschreven in de stalbeschrijving. Bijvoorbeeld een hogere mestschuiffrequentie dan in de stalbeschrijving staat. Dit heeft een ammoniakemissiebeperkend effect. Ook dit zal moeten worden vastgelegd in een voorschrift omdat dit afwijkt van de aangevraagde stalbeschrijving. Deze maatregel kan als beschermingsmaatregel worden aangemerkt. Deze maatregel kan worden betrokken bij de passende beoordeling. Dan is een natuurvergunning noodzakelijk en zal de managementmaatregel in een voorschrift aan de vergunning moeten worden verbonden. Conclusie 13. Bij de toetsing aan artikel 2.7 van de Wnb kan niet zonder meer van de haalbaarheid van de in de Rav genoemde emissiefactoren worden uitgegaan. De rechtbank is naar aanleiding van de bevindingen in het StAB-advies over de totstandkoming van de Rav factor van oordeel dat verweerder in dit geval niet van de Rav factor voor stalsysteem A.1.13 kon uitgaan. Gelet op de algemene onderzoeksrapporten kan verweerder ook niet van een gecorrigeerde Rav factor uitgaan. Het staat niet vast dat het project met het aangevraagde emissiearme stalsysteem daadwerkelijk zal leiden tot een gelijkblijvende of lagere stikstofdepositie. Er zijn veel factoren van invloed op de daadwerkelijke ammoniakemissie in een aangevraagd project. Er kunnen meerdere beschermingsmaatregelen worden getroffen. 14. Het beroep is gegrond gelet op rechtsoverwegingen 4, 10 en 11 van deze uitspraak. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een bestuurlijke lus maar volstaat met een vernietiging van het bestreden besluit. De rechtbank draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen op de aanvraag van vergunninghoudster met inachtneming van deze uitspraak binnen zes maanden na verzending van deze uitspraak. 15. Omdat de rechtbank het beroep gegrond verklaart, moet verweerder aan eiseres het door haar betaalde griffierecht vergoeden. Omdat het beroep gegrond wordt verklaard, krijgt eiseres een vergoeding voor de proceskosten die zij heeft gemaakt. Verweerder moet die vergoeding betalen. De vergoeding wordt met toepassing van het Besluit proceskosten bestuursrecht als volgt berekend. De bijstand door een gemachtigde levert 3,5 punten op (1 punt voor het indienen van het beroepschrift en 1,5 punt voor het verschijnen op de zitting, 0,5 punt voor de reactie op het StAB-advies en 0,5 punt voor de overige reacties, met een waarde per punt van € 759,00, bij een wegingsfactor 1). Hiervoor wordt € 2.656,50 toegekend. De rechtbank kent daarnaast een vergoeding voor gemaakte deskundigenkosten toe van € 5.800,00, op basis van een ureninschatting van 48,50 uur vermeerderd met de duur van de zitting en een uurtarief van € 97,50 exclusief BTW. Het tarief en de gemaakte uren komen de rechtbank niet onredelijk voor. nu Brabant eist om stallen aan te passen geeft dit grote onzekerheid dus aanvraag van nieuwe vergunning geeft de MOB de mogelijkheid een zienswijze in te dienen met alle gevolgen van dien

Nieuwe reacties

Column Dirk Bruins - Vertrouwen komt te voet

[quote]Weglopen is echt de laatste stap, want invloed uitoefenen en belangen behartigen is moeilijk als je niet meer aan tafel zit. [/quote] Op het moment van schrijven van deze column volg ik met een schuin oog het hoofdlijnendebat over de aanpak van het stikstofbeleid. Ik kan me voorstellen dat veel boeren en tuinders, maar ook de gemiddelde burger, inmiddels het spoor bijster beginnen te raken. Het debat is naar aanleiding van de Kamerbrief met hoofdlijnen van gecombineerde aanpak natuur, water en klimaat in landelijk gebied en van bredere stikstofbeleid. Het zijn dus ‘slechts’ de hoofdlijnen, details moeten nog volgen. Toch zijn we al bijna drie jaar verder, nadat de Raad van State het Programma Aanpak Stikstof afkeurde. En het einde is nog niet in zicht. Soms lost tijd de zaken op, maar in dit geval werkt tijd in ons nadeel. Omdat er geen ruimte is voor nieuwe ontwikkelingen, loopt de druk om in te grijpen op. In het debat zie je dat Kamerleden het moeilijk vinden te doorgronden wat de consequenties zijn van deze hoofdlijnen. Ik hoor dan ook veel vragen. Velen verwijzen naar informatie die ze van de LTO-organisaties hebben. Ook in de diverse provincies zie ik dat de politiek zorg heeft en niet goed overziet wat er op ze afkomt. In tijden van onzekerheid is het belangrijk dat er vertrouwen is. Het vertrouwen in de overheid is momenteel dramatisch laag en neemt, door slechte communicatie, ook nog eens af. Het beeld is dat de focus ligt op landbouw en dan vooral op massaal opkopen of onteigenen van boeren om het probleem van de woningbouw op te lossen. Domme fouten, zoals het publiceren van een niet-kloppende lijst van grootste ammoniakuitstoters, doen de argwaan nog verder vergroten. De ministers moeten flink aan de bak om te laten zien welk perspectief ze de landbouw nu daadwerkelijk te bieden hebben. Ik krijg vaak de vraag: ‘Moeten we nu niet wegblijven uit de provinciehuizen?’ Nee, liever niet. Weglopen is echt de laatste stap, want invloed uitoefenen en belangen behartigen is moeilijk als je niet meer aan tafel zit. Als LTO Noord zijn we ervoor om het belang van onze leden te dienen. Dat betekent dat we juist in de provinciehuizen duidelijk moeten maken wat onze ideeën en wensen zijn en wat wij volstrekt onacceptabel vinden. Dirk Bruins voorzitter LTO Noord Bron Nieuwe Oogst

LTO Noord stopt samenwerking met overheid bij terugdringen stikstof

Boerenbelangenorganisatie LTO Noord doet niet meer mee aan de gebiedsgerichte aanpak van stikstof in Overijssel. Aanleiding is de brief van minister Van der Wal, waarin onder meer versnelde en gedwongen uitkoop van boeren wordt besproken om de stikstofuitstoot terug te dringen. "De minister houdt vast aan de kritische depositiewaarde die onhaalbaar is", aldus LTO Noord in een persbericht. Minister Van der Wal van Stikstof en Natuur kondigde eerder in een 'hoofdlijnenbrief' aan dat de aanpak van stikstofuitstoot sneller en forser moet, wat tot veel onrust leidde onder boeren, ook in Overijssel. Gebiedgerichte aanpak van stikstof houdt in dat lokaal wordt gekeken hoe stikstofuitstoot het best kan worden teruggedrongen. In Overijssel zijn zes gebieden aangewezen waarin de provincie, boeren, natuurorganisaties en andere betrokkenen zoals LTO onderzoeken hoe dit het beste kan. Uitkoopregeling In de brief staat dat het kan voorkomen dat op sommige plekken, waar kwetsbare natuur zwaar onder druk ligt, het Rijk ingrijpt en boeren dwingt te stoppen als de natuurdoelen niet worden gehaald. De minister sprak van een 'woest aantrekkelijke uitkoopregeling'. Gisteravond zijn afdelingsbestuurders van LTO Noord in Overijssel en leden van het regiobestuur Oost bijeen bij elkaar gekomen. "Onze unanieme conclusie is dat wij momenteel geen aanknopingspunten meer zien die perspectief bieden aan de agrarische sector en evenmin aan individuele boeren en tuinders", staat in het persbericht. 'Onhaalbare waarden' "De minister houdt onverkort vast aan de kritische depositiewaarde (die onhaalbaar is), heeft geen oplossing voor de PAS-melders en andere knelgevallen en biedt de sector geen verdienmodellen. Bovendien dreigt de minister met ingrijpen als de gebiedsgerichte aanpak onvoldoende resultaat oplevert." Lees meer: "Uitspraken minister over aanpak stikstofuitstoot leiden tot onrust onder boeren in Overijssel" Volgens LTO is de provincie de regie en zeggenschap kwijt omdat het Rijk de provincie kan overrulen. "Dit betekent dat wij ons genoodzaakt zien onze deelname aan de gebiedsgerichte aanpak stikstof in Overijssel stop te zetten. Er is geen perspectief. Wij zijn bereid weer deel te nemen als ons als agrarische sector weer perspectief wordt geboden."

Geen Kamermeerderheid voor vleestaks, coalitie verdeeld

Er is op dit moment geen meerderheid in de Tweede Kamer voor een vleestaks. De regeringspartijen VVD en CDA zijn tegen, net als de oppositiepartijen PVV, SP, JA21, Denk en BBB. Zij vinden dat de boodschappen niet nog duurder moeten worden. Minister Staghouwer (ChristenUnie) kondigde gisteren aan dat hij een onderzoek laat doen naar de vleestaks. Hij wil weten of zo'n heffing mensen ertoe kan brengen om minder vlees te eten. Zijn partij en D66 zien de maatregel wel zitten. In het coalitieakkoord van de vier partijen staat niks over een vleestaks. Wel is er bijvoorbeeld afgesproken dat bekeken wordt of er "op termijn" een suikerbelasting kan komen en of de btw op groente en fruit kan worden verlaagd naar 0 procent. Staghouwer schrijft in een brief aan de Kamer dat hij wil kijken of de vleestaks in combinatie met de al voorgenomen maatregelen kan leiden tot een gezonder eetpatroon. Hij wil in het onderzoek ook aandacht voor de betaalbaarheid van producten. De aankondiging van het onderzoek heeft tot flink wat beroering geleid. De VVD en het CDA distantieerden zich onmiddellijk van het plan. VVD-Kamerlid Van Campen wil dat er ook naar andere mogelijkheden moet worden gekeken om tot minder vleesconsumptie te komen. "Het eenzijdige pad richting een vleestaks dat nu wordt ingeslagen, kunnen wij niet steunen." CDA'er Boswijk sluit zich daarbij aan. "Een vleestaks lijkt mij niet het juiste middel. Zet liever in op meer stimuleren en bewustwording in plaats van belasten." Het goedkoper maken van groente en fruit, "zoals in het regeerakkoord afgesproken", vindt hij een veel beter idee. Volgens Kamerlid Eppink van JA21 zijn we "op weg naar de culinaire dictatuur". Hij vindt dat de overheid niet moet bepalen wat iemand wel of niet mag eten. Net als veel andere tegenstanders in de oppositie vindt hij dat de gehaktbal ook voor de gewone man of vrouw betaalbaar moet blijven. D66-Kamerlid De Groot vindt het juist een goed voorstel van minister Staghouwer om de vleestaks te onderzoeken. "Minder vlees eten spaart het klimaat en de natuur." Hij krijgt bijval van onder meer GroenLinks en de Partij voor de Dieren.

RAI CarrosserieNL lanceert keurmerk voor kippersystemen

Eigenaren van voertuigen boven de 3.500kg met een ‘kippersysteem’ kunnen voor de keuring van dit systeem vanaf vandaag gebruik maken van het zogenaamde KIP-Keur. Dit onafhankelijke keurmerk is door RAI CarrosserieNL speciaal in het leven geroepen om de veiligheid en betrouwbaarheid van kippersystemen te garanderen. Kippers zijn installaties op een truckchassis, aanhangwagen of oplegger die ervoor zorgen dat de laadruimte achterwaarts en/of zijdelings op en neer kan bewegen. Bijvoorbeeld een kiepwagen voor het verplaatsen van zand. Het Nederlands bakwagen- en aanhangerpark telt zo’n 9.500 voertuigen voorzien van een dergelijke installatie. Belang voor veiligheid en betrouwbaarheid Door intensief gebruik krijgen kippersystemen te maken met slijtage. Voor het gebruik van een betrouwbaar kippersysteem is periodiek goed onderhoud en een deskundige controle daarom belangrijk. Hoe beter een systeem wordt gemonteerd en afgesteld, hoe beter dat is voor de levensduur, de veiligheid van degene die de installatie bedient, de veiligheid van omstanders en andere verkeersdeelnemers. De Arbowet verplicht ondernemers bovendien om deze systemen ieder jaar te laten keuren. KIP-keuring Ondernemers kunnen voortaan voor de keuring van hun systeem terecht bij een erkend KIP-keuringsbedrijf. Deze Keurmeesters vallen onder het toeziend oog van TUV Nederland en zijn speciaal opgeleid om de keuring te mogen uitvoeren. KIP Keurmeesters werken aan de hand van vaste protocollen en keuringslijsten waarbij niet alleen op de veiligheid wordt gecontroleerd, maar ook wordt gekeken naar eventuele onderhoudsgebreken of andere technische problemen. Gebreken komen zo sneller aan het licht waardoor de levensduur van de kipper wordt verlengd. Keuringen kunnen ook worden gecombineerd met eventueel onderhoud en reparatie. Verwachtingen Op basis van dit aantal registraties verwacht RAI Vereniging dat in de toekomst per jaar zo’n kleine 2.000 keuringen worden afgenomen. Het KIP-Keurmerk is het zevende keurmerk dat door RAI CarrosserieNL in het leven is geroepen. Alle keurmerken hebben met elkaar gemeen dat met behulp van jaarlijkse gecertificeerde onafhankelijke keuringen de veiligheid, duurzaamheid en betrouwbaarheid van systemen en/of transportvoertuigen worden gewaarborgd.

diekman


Topics
0
Reacties
93
Volgers

Over mij

Woonplaats: Lievelde
Leeftijd: 48jr
Laatst online: 4u geleden

Melkveehouder 135 melkkoeien 1.4 miljoen kg leveren.

Bedrijven

Ervaring

Ik heb ervaring met de volgende machines:

Merk / type Waardering