lto trekt keutel in na stikstofoverleg kabinet

Landbouworganisatie LTO trekt keutel in na stikstofoverleg kabinet: ’Constructief gesprek’ Den Haag- Boerenorganisatie LTO bindt in na een eerdere dreiging om stikstofgesprekken met het kabinet te staken. De koepelorganisatie zegt donderdag toezeggingen te hebben gehad van het kabinet, maar wat die toezeggingen dan concreet zouden zijn, blijft vaag. 20:23 uur | 20 augustus 2026 Voor de zomer kwam het kabinet met een groot stikstofpakket dat de stikstofuitstoot in Nederland fors moet terugdringen. Zo gaan nabij 100 natuurgebieden strenge stikstofregels gelden. Rondom deze gebieden worden zones getrokken van 500 tot 1000 meter. Boeren en andere stikstofuitstotende ondernemers gaan daarvan de gevolgen merken. De maatregel viel landbouwkoepel LTO zwaar op de maag. Dat er naast de zonering van het kabinet ook een strenge koeiennorm moet komen van 2,6 koeien per hectare is eveneens tegen het zere been van LTO. Grootste boerenorganisatie voert druk op kabinet op: dreigt gesprekken te staken als stikstofbeleid niet aangepast wordt Premier Jetten op bezoek bij een boer. Bij veel agrariërs is het lachen inmiddels vergaan. Donderdag is er in Den Haag een spoedoverleg met boerenorganisaties, die aanpassingen eisen van het stikstofbeleid. In aanloop naar een nieuw stikstofoverleg blies LTO dan ook hoog van de toren. Het kabinet moest volgens voormalig CDA-Kamerlid en tegenwoordig LTO-voorzitter Ger Koopmans water bij de wijn doen, anders dreigde de koepelorganisatie van tafel weg te lopen. Maar nu het overleg achter de rug is, bindt LTO in. De organisatie spreekt van ’een indringend en scherp maar ook constructief gesprek’ met het kabinet. Volgens LTO hebben de bewindslieden toegezegd ’dat er ruimte is om het stikstofpakket stevig te verbeteren’. Maar wat die verbeteringen dan zouden zijn, is niet helder. Premier Rob Jetten laat na het gesprek met LTO weten inderdaad bereid te zijn te kijken ’hoe het stikstofpakket nader wordt ingevuld en waar verbeteringen mogelijk zijn’. Aan de hete hangijzers – de strenge stikstofzones en de koeiennorm – wordt vooralsnog niet getornd. Vlaggen ondersteboven De stikstofdeal van het kabinet, dat door een Kamermeerderheid wordt gesteund, leidde aanvankelijk tot weinig gekrakeel, maar het protest zwelt aan. Er worden weer Nederlandse vlaggen ondersteboven opgehangen, snelwegblokkades opgeworpen en stikstofmarsen gehouden.

Oekraine

AchtergrondGevaarlijke haven Boer Kees Huizinga uit Groningen blijft zitten met oogst in Oekraïne: haven van Odessa te gevaarlijk door Russische aanvallen Kischenzi/EmmenBombardementen en droneaanvallen op schepen en graansilo’s in de Zwarte Zeehavens hebben de export van tarwe, zonnebloemolie, soja en mais in Oekraïne grotendeels stilgelegd. Kees Huizinga, een Groninger boer in Oekraïne, is zwaar gedupeerd en voorziet grote problemen. ,,Heel de wereld gaat het merken.” Kees Huizinga eind 2025 tijdens de LTO-dag in Drachten.   31 juli 2026, 15:30 ,,We zitten midden in het oogstseizoen en kunnen het graan niet afvoeren naar de haven van Odessa. Het is er te gevaarlijk. Vorige week hebben de Russen schepen aangevallen en graansilo’s gebombardeerd. Daarbij is een schip gezonken en zijn bemanningsleden omgekomen”, vertelt Huizinga, die deze week vanaf de boerderij in Kischenzi, zo’n 200 kilometer onder Kyiv, naar zijn gezin in Emmen is gereisd voor een korte vakantie. Graansilo's in de haven van Odessa getroffen door droneaanvallen.  © Kees Huizinga Boeren kunnen het graan voorlopig nog opslaan op hun bedrijf. ,,Dat is niet het grootste probleem, we hebben nog capaciteit. Maar Oekraïne exporteert 80 procent van de landbouwproductie. Graan en straks ook soja, mais en zonnebloemolie kunnen het land niet uit”, aldus Huizinga, geboren in het Hellum. Dat gaan we overal in de wereld merken, van Europa, Afrika tot in Azië Kees Huizinga Boer in Oekraïne Oekraïne is met een export zo’n 60 miljoen ton per jaar niet alleen de graanschuur van Europa, maar ook ’s werelds grootste exporteur van zonnebloemolie. Huizinga: ,,Dit leidt tot schaarste, de prijzen in de supermarkt vliegen straks door het dak. Dat gaan we overal in de wereld merken, van Europa, Afrika tot in Azië. Net als in 2022, toen de oorlog uitbrak en Russische schepen de havens aan de Zwarte Zee blokkeerden. Die schepen heeft Oekraïne grotendeels uitgeschakeld, maar nu vallen de Russen de havens en infrastructuur aan met raketten en drones Ze schieten op de voedselvoorziening van heel de wereld.” We teren in op onze financiële reserves Kees Huizinga Huizinga zegt dat de boeren in Oekraïne kampen met een flinke inkomstenderving nu de export grotendeels ligt. ,,We teren in op onze financiële reserves.” Wat moet er volgens Huizinga gebeuren om de export weer op gang te brengen? ,,De Russen kapot schieten en zo dwingen dat ze ophouden de havens te bestoken. En tot diplomatie dwingen. Als je Russen één vinger geeft, nemen ze de hele hand. Dat heeft deze oorlog wel uitgewezen.” Negen werknemers omgekomen Kees Huizinga bestiert In Kischenzi een groot bedrijf van 15.000 hectare met 2000 koeien en 400 varkens. Er werken zo’n 400 mensen op de boerderij. Negen werknemers zijn in de oorlog omgekomen aan het front, twee worden nog vermist en één is dit voorjaar teruggekeerd uit krijgsgevangenschap. Materiële schade heeft de boerderij door de oorlog nauwelijks opgelopen. „We zien wel regelmatig Russische kruisraketten overvliegen. De Oekraïense luchtafweer probeert ze neer te halen. Soms wordt de gps op onze trekkers verstoord, waardoor we niet goed kunnen inzaaien. Maar dat stelt niets voor vergeleken met de ellende aan het front en de 

Tropisch temperaturen zijn in aantocht maar nog niet vandaag (of morgen)

Zonaanbidders opgelet: eind volgende week krijgen we te maken met tropische temperaturen. Dat zegt Berend van Straaten van Weerplaza vrijdagochtend in het radioprogramma KEIgoeiemorgen! op Omroep Brabant. Deze vrijdag is er nog weinig te merken van die aankomende weersverandering. "Dit is een druilerige, grijze dag", vertelt Van Straaten op de radio. "Een die meer op een oktoberdag lijkt dan op een junidag." Er is heel veel laaghangende bewolking en hier en daar valt lichte regen of motregen. "'s Middags is het wel wat vaker droog, maar de zon gaan we vandaag niet zien. De temperatuur komt uit op achttien graden." Vrijdagavond wordt het geleidelijk droger en daalt de temperatuur naar twaalf graden. Het weekend ziet er volgens de weerman van Weerplaza wel prima uit. "Zaterdag is het nog licht wisselvallig, met enkele buien, zeker in de ochtend. Maar in de middag is het vaak droog en zien we de zon geregeld. Al is het dan nog wel aan de frisse kant, met temperaturen tussen de zeventien en negentien graden." Zondag verloopt droog. "Dan zien we de zon ook wat vaker, al blijft de temperatuur steken op een graad of achttien." Volgende week krijgen we die weersverandering. "Maandag gaat de wind al draaien. De temperatuur komt dan uit op twintig graden. Niet zo heel warm, maar daarbij is het wel droog en schijnt de zon flink. Dinsdag zien we de temperatuur een flinke stijging inzetten en woensdag gaan we een periode in met stabiel zomerweer en temperaturen die mogelijk flink gaan oplopen. In het weekend gaan we waarschijnlijk ruim boven de dertig graden uitkomen." Op sommige weerapps worden voor volgende week zondag zelfs temperaturen tot 38 graden aangegeven en een nachttemperatuur van 28 graden. Maar daar hoeven we volgens Van Straaten niet voor te vrezen. "Dat is slechts één berekening van de vijftig in totaal. Van iedere berekening is de kans dat die klopt twee procent. De gemiddelde berekening voor volgende week zondag komt uit op 32 graden." Op een nachttemperatuur van 28 graden gaan we volgens hem ook niet uitkomen. "Dan zou je echt niet kunnen slapen."

Minister: besluit intrekken vergunningen boeren is 'erfenis van stilstand'

Het plan van de provincie om de vergunningen van vijf pluimveehouders in te trekken, is volgens landbouwminister Jaimi van Essen (D66) het gevolg van 'te lange stilstand' in het stikstofdossier. Hij noemt het besluit zwaar en ingrijpend en zegt dat zijn maatregelenpakket zo snel mogelijk aangenomen moet worden om nog meer intrekkingen te voorkomen. Donderdagavond en vrijdag kregen de vijf ondernemers die teveel stikstof uitstoten in gesprekken in het provinciehuis te horen dat ze hun vergunning kwijt gaan raken. Het lukte de provincie, milieuorganisatie MOB en de boeren niet om samen in opdracht van de rechter tot plannen te komen waarmee de stikstofuitstoot voldoende zou afnemen. De provincie ziet zich nu genoodzaakt om de vergunningen in te trekken. "Ik vind het zeer spijtig dat het zo ver heeft moeten komen en leef mee met de betrokken ondernemers en hun gezinnen", zegt Van Essen. "Omdat er te lang te weinig is gedaan om de natuur te beschermen, is de provincie na een gerechtelijke uitspraak nu genoodzaakt om in te grijpen." De minister wil dat zijn maatregelen, waarin onder meer extra ingegrepen wordt rond mogelijk veertien Brabantse natuurgebieden, met spoed door de Eerste en Tweede Kamer worden aangenomen.

Waar is onze democratie?

Door Jaap Majoor, Onze minister van Landbouw wil Nederland van het stikstofslot halen. Ik zeg *ons* stikstofslot, want verder in de wereld bestaat een dergelijk stikstofslot nergens. Hij kondigt ingrijpende maatregelen aan voor de landbouw. Extensieve boeren met veel grond en biologische boeren zullen daar waarschijnlijk minder last van hebben, tenzij hun bedrijf dicht bij een Natura 2000-gebied ligt. Biologische boeren beschikken vaak over veel grond, mede doordat zij bij de verpachting van gronden door natuurorganisaties en gemeenten vaak de voorkeur krijgen. Voor veel andere boeren ligt dat anders. Zeker jonge boeren, die bijvoorbeeld hun broers en zussen moeten uitkopen om het bedrijf voort te zetten, hebben die mogelijkheden niet. Zij dreigen uiteindelijk gedwongen te worden hun bedrijf te beëindigen. Wat het Nederlandse stikstofprobleem zo bijzonder maakt, is de grote verdeeldheid tussen ecologen, medewerkers van Wageningen University & Research (WUR) en mensen uit de praktijk. Hun bevindingen staan soms lijnrecht tegenover elkaar. Zulke fundamenteel verschillende conclusies zouden toch aanleiding moeten zijn om kritische vragen te stellen en beide kanten zorgvuldig te onderzoeken. De linksgeoriënteerde politieke partijen luisteren vooral naar wetenschappers en natuurorganisaties die waarschuwen dat de natuur ernstig achteruitgaat. Vanuit hun politieke visie is dat wellicht te verklaren. Deze partijen lijken economische activiteiten die het milieu belasten zoveel mogelijk te willen beperken. Dat ook de landbouw daarin wordt meegenomen, past binnen die benadering. Maar wat voor mij moeilijk te begrijpen is, is dat ook de VVD en het CDA hierin meegaan. Ook zij lijken uitsluitend te luisteren naar de boodschap dat de natuur achteruitgaat. Als Kamerlid ben je gekozen om het Nederlandse volk te vertegenwoordigen. Bij een onderwerp dat zo ingrijpend is voor de landbouw en de economie als het stikstofbeleid, mag worden verwacht dat beide kanten van het verhaal serieus worden aangehoord. Dat betekent doorvragen, kritische vragen stellen en blijven doorvragen totdat een zorgvuldig en goed onderbouwd oordeel kan worden gevormd. Tot mijn verbazing gebeurt dat niet. Er wordt vrijwel uitsluitend geluisterd naar de groep wetenschappers en natuurorganisaties die stelt dat de natuur ernstig wordt bedreigd. De andere groep wetenschappers, WUR-medewerkers en boeren krijgt wel de gelegenheid om hun verhaal te doen, maar daarop worden nauwelijks vragen gesteld. Hun inbreng lijkt geen rol te spelen in de besluitvorming. Zelfs wanneer om een inhoudelijke reactie wordt gevraagd, blijft die vaak uit. Het voelt alsof je tegen een ondoordringbare muur spreekt. Dat is frustrerend. Daardoor groeit bij veel mensen die dagelijks met de natuur werken het gevoel dat hun kennis en ervaring niet serieus worden genomen. Het gevolg is dat zij steeds minder begrip hebben voor de besluiten die in Den Haag worden genomen. Daardoor rijst bij mij de vraag hoe goed onze democratie nog functioneert. Wanneer slechts één kant van een maatschappelijk debat werkelijk wordt gehoord, neemt het vertrouwen in de politiek af en groeit de polarisatie. Naar mijn mening dragen juist onze volksvertegenwoordigers daarvoor een grote verantwoordelijkheid. Hoe kunnen wij nog een open discussie voeren met Kamerleden die, in de ogen van veel boeren en deskundigen uit de praktijk, hun standpunt al hebben bepaald? Jaap Majoor - Laag Zuthem

Klepelen helpt tegen onkruiden in de wegberms

In veel gemeenten is de laatste jaren een duidelijke toename te zien van onkruiden in de wegbermen. Soorten zoals jacobskruiskruid, fluitenkruid, berenklauw en verschillende soorten zuring, waaronder ridderzuring, komen steeds vaker voor. Dit kan gevaarlijk zijn voor mens en dier en zorgt bovendien voor een minder verzorgd straatbeeld. Daarom is het belangrijk om te kijken naar de oorzaak van deze ontwikkeling en naar een passende oplossing. Uit onderzoek is gebleken dat de manier waarop wegbermen tegenwoordig worden beheerd, een belangrijke rol speelt. Veel gemeenten maaien de bermen met een cyclomaaier of ecomaaier. Vervolgens wordt het gemaaide gras met een acrobaat afgevoerd. Hierdoor blijft er nauwelijks organisch materiaal achter in de berm. Vroeger werden de bermen vaak geklepeld, waardoor het fijngemalen maaisel bleef liggen en kon verteren tot humus. Deze humus verrijkt de bodem met voedingsstoffen en draagt bij aan een gezonde, dichte grasmat. Doordat er tegenwoordig veel minder humus in de bodem aanwezig is, ontstaat een voedselarme en open begroeiing. Dit biedt juist meer ruimte aan ongewenste planten zoals jacobskruiskruid, berenklauw en verschillende soorten zuring. Deze soorten kunnen zich gemakkelijk vestigen en zich snel uitbreiden. Het opnieuw toepassen van klepelen kan daarom een goede oplossing zijn. Door het maaisel in de berm achter te laten, wordt de bodem weer voorzien van organisch materiaal. Hierdoor verbetert de bodemstructuur, neemt de hoeveelheid humus toe en krijgt het gras meer kans om zich goed te ontwikkelen. Een dichte grasmat maakt het voor onkruiden moeilijker om zich te vestigen. Kortom, het beheer van wegbermen heeft grote invloed op de hoeveelheid onkruiden. Het huidige maaibeheer, waarbij het maaisel wordt afgevoerd, zorgt voor minder humus en geeft onkruiden meer groeikansen. Door weer vaker te klepelen kan de bodem verbeteren en kan de groei van ongewenste onkruiden in de wegbermen worden beperkt

Een bijzondere week

Steeds vaker spreek ik mensen die de hoop op betere beleidstijden hebben opgegeven. Helaas zien collega-boeren met enige regelmaat de toekomst en hun eigen situatie zo zwart, dat zij zelf het zwarte gat verkiezen boven het leven. Iedere keer als dat gebeurt, voelt dat voor mij een beetje als falen. Falen van mijzelf en van Stikstofclaim. Blijkbaar hebben we die mensen op dat moment onvoldoende houvast, hoop en uitzicht op betere tijden kunnen geven. Uitzicht dat nodig is om een minder zwart toekomstbeeld te zien. Voor mij speelt daarin zeker een rol dat mijn zus op 7 oktober, zeven jaar geleden, zelf de keuze maakte om haar leven te beëindigen. In overleg met Co Scholten heb ik deze bijdrage geschreven. Ik wil hiermee helder maken dat er, ondanks alle stomme Haagse streken, absoluut lichtpuntjes zijn. Lichtpuntjes die groter zijn als je er goed naar kijkt. Ook wil ik aangeven waar wij als Stichting Stikstofclaim onze drive en energie vandaan halen. Dat doe ik door een deel van de belevenissen van vorige week te beschrijven. Niet volledig uitputtend, maar wel om een beeld te geven. De week van 29 juni Het was een heel bijzondere week, met hele mooie en heel trieste momenten. Toch blijft voor mij het mooie ook voor boeren overheersen. Er is meer dan goede hoop op verandering in beleid. Vorige week maandag, 29 juni, begon voor mij zoals de meeste maandagochtenden en dinsdagochtenden: met het uitmesten en opnieuw instrooien van de stallen. Niet met de greep of vork, maar met een knikshoveltje. Ook het instrooien doen we met een strooier voorop een shoveltje. In drie uur tijd verplaatsen we 24 paarden in twee groepen. Daarvan zijn 19 paarden tweejarige hengsten die al best wat mans zijn. Mooie, imposante dieren. Ze zijn inmiddels gewend aan halsters, maar kunnen af en toe nog behoorlijk onberekenbaar zijn. Iedere keer is het weer een uitdaging, maar ook heel leuk om te doen. Op die ochtenden neem ik meestal de telefoon niet op. Alleen als John Spithoven of Piet Faber belt, beiden actief voor Stikstofclaim, maak ik daar een uitzondering voor. Samen met onze dochter Lisa en ochtendhulp Ananda zijn we drie uur bezig. Aan het einde van de ochtend zijn er 12 grote balen stro verstrooid. Dat klinkt veel, maar de boxen zijn 3,5 bij 5 meter. Rond een uur of twee liggen de meeste paarden heerlijk languit in het verse stro. We hebben vier stallen met een verschillend aantal boxen. Iedere week mesten we ongeveer de helft uit. De andere helft strooien we donderdags bij. Kuil voeren in de ruiven doen we met de hand. Iedere week verwerken we ongeveer 16 vierkante balen kuil in de winterperiode. In de zomerperiode, wanneer de meeste paarden ook buiten komen, zijn dat ongeveer 12 balen per week. Samenwerken met mijn dochter Lisa geeft mij veel voldoening. Zij runt inmiddels het bedrijf. Ik ben het oudere manneke dat hand- en spandiensten verricht en af en toe nog raadgever mag zijn. Ik kan er enorm van genieten hoe professioneel zij met klanten omgaat, strak communiceert en afspraken maakt. De paarden die bij ons in opfok staan en de merries waarmee wordt gefokt, zijn grotendeels van klanten. Een klein deel is van onszelf. Van de 86 dieren zijn er 11 van onszelf. Gelukkig hebben we zakelijke klanten die weten dat we ons uiterste best doen. Maar zij begrijpen ook dat er bij levende dieren, ook al zijn ze tonnen waard, wel eens iets mis kan gaan. Wij maken geen onderscheid in behandeling of verzorging. Of de aanschafwaarde voor de klant nu zesduizend euro of zestigduizend euro was: voor ons zijn het allemaal levende dieren. Als houder heb je de heilige plicht om dieren goed te verzorgen. Ook jonge dieren moet je leren dat de mensenhand er niet is om te straffen, maar om te begeleiden en vertrouwen te geven. Bij het ene dier gaat dat sneller dan bij het andere. We hebben ook een keer meegemaakt dat een jonge hengst, ondanks alle tijd, liefde en aandacht, gewoonweg vals was en bleef. Dat zat er vanaf het begin in, toen hij als veulen werd gebracht. Paarden zijn net mensen. Je hebt er fijne en minder fijne tussen om mee te werken. Echt vals en slecht is bij paarden een grote uitzondering. Bij mensen komt dat vaker voor. Naast het werk thuis, meestal in de ochtenden, heb ik wekelijks twee tot vier afspraken in de middag. Afhankelijk van het jaargetijde heb ik daarnaast één à twee overleggen in de avond, ergens in het land. Er is bijna dagelijks telefonisch en per mail overleg met advocaten en adviseurs. Dat begint vaak rond half acht en loopt doordeweeks door tot in de avond. Veel mails beantwoorden, stukken lezen en dagelijks overleg. Vaak ook in het weekend. Daarbij is er veel overleg met Sandra Marseille. Zij runt het secretariaat, doet de administratie, plant alle afspraken in en bewaakt of gemaakte afspraken ook daadwerkelijk worden uitgevoerd. Voor mij is ook belangrijk dat zij de meeste stukken die ik schrijf leest en corrigeert, zowel tekstueel als inhoudelijk. Daarmee bewaakt zij de continuïteit in onze communicatie. Stikstofclaim is in de loop der jaren steeds meer een geoliede machine geworden. Daardoor worden de eerste vruchten nu rijp om te oogsten. Omdat we een best aardige kantine, annex Grand Café, in het voormalige manegebouw hebben, probeer ik zoveel mogelijk overleggen daar te plannen. Dat maakt dat ik mijn tijd efficiënt kan benutten en geen verrassingen heb in de kwaliteit van de koffie. Vergaderingen van Stichting Stikstofclaim zijn ook bij ons. Overleggen met Kamerleden, hun medewerkers en gedeputeerden zijn meestal in de Tweede Kamer of op provinciehuizen. Met de meeste Kamerleden en hun medewerkers is er goed appcontact. Dat geldt zo ongeveer voor iedereen rechts van Pieter Grinwis. Aan de linkerzijde van het politieke spectrum is er geen contact, ondanks pogingen om wel in gesprek te komen. Een andere week dan anders Deze week was anders dan anders. We verwachtten twee uitspraken van rechtbanken en er was, naar het zich liet aanzien, een belangrijk debat in de Tweede Kamer. In de aanloop naar dat debat was er dinsdagavond een overleg met alle boerenvakbonden. Dat gebeurde op initiatief van Agractie, in De Schakel in Nijkerk. Tot mijn verbazing schoven er ook twee LTO-bestuurders aan: een vakgroepvoorzitter en een provinciaal voorzitter. Dat hebben we eerder meegemaakt, ooit in het Landbouwcollectief. Meestal is LTO er weer vandoor als het er echt op aankomt. Dat was hier opnieuw het geval. Agractievoorzitter Erik Luiten gaf technisch goed leiding aan het overleg. Er werden afspraken gemaakt over een gezamenlijke verklaring. Na afloop stond er wat pers. Ook waren er ongeveer zestig trekkers en een shovel, die de avond opfleurden. Dan zie je ook weer een aantal mooie oude bekenden. Toch ben ik maar snel in de auto gestapt. De dag erop was het debat in de Tweede Kamer. Vooraf is het dan de moeite waard om nog te appen en te bellen met Kamerleden en fractiemedewerkers, om te proberen nog iets ten goede te keren. Woensdagmorgen 1 juli Woensdagmorgen 1 juli heb ik samen met mijn dochter de paarden gevoerd. Tot twee uur was ik thuis bezig. Tussendoor was ik aan het appen en bellen, voordat ik in de auto stapte naar Den Haag. Dat werd fileleed. De rit duurde bijna drie uur, in plaats van anderhalf. Tweede Kamer: een mooi, dierbaar gesprek en een dramatisch debat Bij aankomst in de Tweede Kamer gebeurde er voor mij iets bijzonders. Na binnenkomst sprak ik een paar bekenden, waaronder de fractiemedewerker landbouw van de PVV. Daarna liep ik naar de roltrap. Vlak voor de roltrap kwam ik Mirjam Bikker tegen. We groetten elkaar en gaven elkaar een hand. Beiden waren we van plan om verder te gaan, toen Mirjam Bikker vroeg: “Was Ella Vogelaar familie van je?” Ja, Ella was mijn oudste zus. Zij was bijna dertien jaar ouder dan ik. Mirjam vertelde dat Ella haar in de beginperiode van haar politieke loopbaan in de gemeente Utrecht had geholpen met raad en daad. Gewoon omdat Ella graag mensen hielp. Het klinkt misschien raar. Ik ben niet snel van slag, maar op dat moment wel even. In de Tweede Kamer, niet hetzelfde gebouw, maar wel het onderdeel van ons staatsbestel waar mijn zus ook veel heeft gewerkt. Om dan, ruim zes jaar na haar overlijden, iemand uit een heel ander politiek spectrum lovende woorden over mijn zus te horen spreken, deed iets met me. Mirjam had eigenlijk dezelfde ervaring met Ella als ik zelf had in mijn beginperiode bij LTO Melkveehouderij. Ook toen hielp Ella mij. We wisselden nog wat andere ervaringen uit. Ik bedankte haar dat zij haar ervaring met Ella met mij deelde. Haar antwoord was: “Wees welkom.” Het was een mooie groet en de afsluiting van een voor mij dierbaar gesprek. Op dat moment wist ik nog niet dat dit een dag later een vervolg zou krijgen. Daarna ging ik met de roltrap omhoog naar de publieke tribune. Daar bleef ik tot de Kamerleden zes uur later, na de eerste termijn, gingen dineren. Inhoudelijk vond ik het debat dramatisch gestuntel van de meeste Kamerleden. Uitzonderingen waren André Flach, Caroline van der Plas, Chris Jansen en Hidde Heutink. Teleurstelling was er bij mij ook over de inbreng van JA21, toen nog mijn eigen partij. De tweede termijn heb ik niet afgewacht. Rond tien uur ben ik naar huis gegaan. In de auto heb ik de antwoorden van de minister beluisterd. Debattechnisch was het heel handig, maar stikstofinhoudelijk sloeg het nergens op. Na thuiskomst heb ik het debat nog tot twee uur gevolgd. Daarna ben ik naar bed gegaan. Mijn conclusie: het debat was een drama. De beantwoording was inhoudelijk ook een drama, vol grote ambities die door deze minister nooit zullen worden waargemaakt. Donderdag: een belangrijke uitspraak Donderdagochtend heb ik een stuk of dertig boxen bijgestrooid. Ook werden een aantal paarden door de dierenarts gescand op cyclus. Bij een veulen met een liesbreuk werd de breuk weer leeg gemasseerd. Rond elf uur belden onze advocaten Robert van den Broek en Amber Hoogmoed. “Jan Cees, we moeten je wat vertellen.” In Overijssel, in de zaak met de vier PAS-melders, zijn we in het gelijk gesteld. De melding van de PAS-melders bij RVO moet door de provincie worden gezien als een vergunningaanvraag. De provincie moet daar binnen twaalf weken op beslissen. Althans, dat staat in de uitspraak van de meervoudige kamer van Rechtbank Overijssel. De zitting was op 8 mei. En nu was er dus deze uitspraak. Dan ga je met elkaar de gevolgen van zo’n uitspraak analyseren. Die gevolgen zijn immens groot. Je komt dan tot de conclusie dat deze uitspraak geldig is voor alle PAS-melders waarvan de melding bij RVO, om voor legalisatie in aanmerking te komen, door RVO is geaccepteerd als voldoende onderbouwd. Dat zijn ongeveer 1.448 PAS-melders. Een mooie uitspraak, waar het hele bestuur van Stikstofclaim blij mee is. De grap is dat alleen de Sterke Erven-bladen er aandacht aan besteden, ondanks het feit dat er een persbericht is gestuurd naar zo ongeveer alle agrarische media en dagbladen.

Doorbraak legalisatie PAS melders

Onderwerp: Doorbraak legalisatie Pasmelders Stichting Stikstofclaim roept alle PAS-melders op om nu de provincie in gebreke te stellen en te sommeren het jaren geleden gedane verzoek om de PAS- melding te legaliseren in behandeling te nemen als een aanvraag voor een vergunning. Op 29 mei 2019 werden alle PAS-meldingen illegaal vanwege een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in een procedure aangespannen door de Mob. Doorbraak en precedent. Stichting Stikstof Claim heeft in 2024 PAS-melders opgeroepen om als voorlopers in proefprocedures de weg te bereiden voor alle PAS-melders tot mogelijke legalisatie. Op 30 juni heeft de meervoudige kamer van de rechtbank Overijssel, locatie Zwolle vier PAS-melders, in de proefprocedure welke Stichting Stikstof Claim heeft opgezet, in het gelijk gesteld. De advocaten Robert van den Broek en Amber Hoogmoed hadden in hun processtukken/beroepschriften en pleidooi op deze uitspraak aangestuurd. De uitspraak luidde dat de provincie Overijssel de legalisatieverzoeken van de betreffende vier PAS-melders in behandeling had moeten nemen als een aanvraag voor een vergunning. Deze uitspraak is een enorme doorbraak in het slepende PAS-meldersdossier. Hiermee is een precedent geschapen wat volgens ons van toepassing is voor alle PAS-melders welke een dossier hebben wat volgens RVO voldoet om voor legalisatie in aanmerking te komen. Tot nu toe voldoen 1881 bedrijven aan deze criteria. Bij 416 bedrijven moet RVO de situatie nog beoordelen. In totaal praten we over legalisatie van 2297 bedrijven welke na positieve toetsing door RVO in aanmerking kunnen komen voor legalisatie. Deze PAS-melders moeten zelf actie ondernemen door in te stappen in de legalisatieprocedure die in gang gezet is door Stichting Stikstof Claim. Aangeslotenen bij Stichting Stikstof Claim kunnen in de ontvangen nieuwsbrief de te nemen stappen lezen en gebruik maken van het voorbeeld format waarmee ze de provincie in gebreke kunnen stellen en sommeren hun verzoek tot legalisatie van de eerdere PAS-melding in behandeling te nemen als een vergunningaanvraag. Stichting Stikstofclaim zal in dit legalisatietraject de aangeslotenen begeleiden. Hoe eerder PAS-melders zelf in actie komen en de ingebrekestelling en sommatie aan hun provincie sturen des te eerder ze in de procedure zitten. In de proefprocessen zijn er in diverse provincies PAS-melders geconfronteerd met intimidatie door provincie- ambtenaren bijvoorbeeld dat het dossier onder op de stapel zou komen of de PAS-melder nadrukkelijk in beeld zou komen bij de Mob. Zestien PAS-melders hebben de weg bereid. Provincies kunnen zo laat in ieder geval deze vier PAS-melders in Overijssel zien, niet meer vooruit vluchten, intimideren en traineren.

Grootste angel stikstofbrief zit in grondgebondenheid - Opinie Lubbert van Dellen

In een omvangrijke brief met veel bijlagen over het stikstofbeleid laat minister Van Essen (Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur) zien dat hij wil meedenken met de sector. Tegelijkertijd zijn de plannen harde ingrepen om tot vergunningverlening te komen, maar ontbreekt een echte toekomstvisie op leefbaarheid. Door op het laatste moment eisen voor grondgebondenheid mee te nemen, wat eigenlijk niet bij het stikstofbeleid hoort, wordt een bijna onhaalbaar element toegevoegd. Dit punt moet herzien worden. Ruimte voor sturing via management De plannen zijn streng; de ammoniakuitstoot moet met 46% omlaag. Hoewel scherp, biedt de gekozen doelsturing agrarische ondernemers wel de ruimte om via management, innovatie en vakmanschap zelf oplossingen te vinden. Dat is een uitdaging; niet gemakkelijk, maar haalbaar. Positief is ook de aandacht voor het vergunningenbeleid, al is nog onduidelijk hoe gedupeerde bedrijven, met name de PAS-melders en interimmers die er het langst op wachten, hun vergunning concreet gaan krijgen. Zwaar offer in de bufferzones De theorie en praktijk schuren bij de aanpak van de bufferzones rond Natura 2000-gebieden. Van de tien bedrijven kunnen straks waarschijnlijk maar twee of drie echt verder. Hoewel de minister kiest voor een vrijwillige route van agrarische ondernemers die stoppen, is er in die zones simpelweg niet voor alle bedrijven de mogelijkheid om aan de eisen te gaan voldoen. Dit komt in de praktijk neer op gedwongen stoppen of verplaatsen. Dat heeft een enorme impact op gezinnen en de leefbaarheid. Onhaalbare grondgebondenheid raakt inkomen De grootste angel zit in de grondgebondenheid. Bovenop de stikstofaanpak en de uitdaging rond Natura 2000-gebieden eist de minister van melkveehouders maximaal 2,6 GVE per hectare en dat het bouwplan voor zand- en lössgronden voor ten minste 85% uit gras of rustgewassen bestaat. Dit is voor melkveehouders totaal onhaalbaar. Op deze droge gronden is 60% al een enorme uitdaging. Maar dit zou nog mogelijk zijn, bijvoorbeeld door samen te werken met akkerbouwers. De huidige 85%-eis biedt echter nul perspectief, raakt het inkomen hard en heeft niets met stikstof te maken. Immers voor een lage ammoniakuitstoot voer je naast gras liever iets anders. Lubbert van Dellen Senior Bedrijfsadviseur & Marktdirecteur agro bij Flynth Adviseurs en Accountants

Waarschuwing!!!

Vorige week kwam er een tool online waarbij een melkveehouder kon uitrekenen hoe met technische en management maatregelen te voldoen aan het emissie beleid van dit kabinet. https://emissie.intoagri.com/ De tool werd door de Rabobank, LTO Nederland/Nieuwe Oogst en tijdens een interview met de minister gepromoot. Dit weekend waren er diverse melkveehouders die mij benaderde met de boodschap dat ze de 2035 doelstelling al gehaald hadden. Na diepgaand onderzoek mijnerzijds constateerde ik dat stap 2 van de tool onjuist is. Stap 2 verwijst naar pagina 4 van de KLW rapportage. Daar staat een getal dat moet doorgaan als bedrijfsspecifiek emissie getal per eenheid voor stal en opslag. Omdat Zuivelnl niet zelf de rekenregels achter de KLW beheert maar WUR/WUM is de verwijzing naar pagina 4 onjuist. Dit getal is niet bedrijfsspecifiek. Dit getal ontstaat door opgave van veehouders over stalsystemen en NEMA normen. Zo kan het zijn dat een veehouder met een veld v vloer met rubber cassettes voldoet aan de eindnorm in de tool maar in feite nog een doelgat over houdt van 50 % reductie. Deze ochtend is er contact geweest met diverse partijen achter de tool. Mijn verzoek was , haal de tool offline. Dat is niet gebeurd, er is een disclaimer bij geplaatst. Kortom , wees voorzichtig. De tool is indicatief en voor de meeste stalsystemen ongeschikt.

Biologische landbouw krimpt in Flevoland, "Het is niet de heilige graal"

Flevoland was jarenlang de trotse koploper van de biologische landbouw in Nederland. Inmiddels daalt het aantal biologische hectares hier juist, terwijl het areaal landelijk nog wel groeit. Steeds meer Flevolandse bioboeren kiezen ervoor om terug te gaan naar gangbare teelt. Een belangrijke reden: het werken zonder kunstmest en bestrijdingsmiddelen maakt de biologische producten zo duur, dat te weinig mensen ze kopen.Thijs Geerse was 23 jaar bioboer in Zeewolde, maar hij transformeerde zijn biobedrijf weer terug naar een vertrouwd gangbaar boerenbedrijf. "De verdiensten vielen de laatste vijf jaar gewoon heel erg tegen en de risico's namen heel erg toe."Ook het werken met arbeidsmigranten om onkruid te wieden is volgens Geerse lastig geworden. "Dat is jarenlang goed gegaan, maar het is lastig om voldoende gemotiveerd personeel te vinden. De minimumlonen zijn zo hard gestegen dat dat gigantische invloed heeft op de bedrijfsvoering", aldus Geerse.[storytelling:Picture:157828778]Ook de extreme plaagdruk, waar biologische middelen niet tegenop kunnen, de hogere dieselprijzen en de teruglopende export van biologische producten maken dat de biologische bedrijven het soms moeilijk hebben.Neerwaartse trendVolgens het Bionext Trendrapport 2025 groeide het totale biologische landbouwareaal in Nederland in 2025 naar 95.509 hectare, een stijging van 4,4 procent. In Flevoland ontwikkelt het zich anders. De provincie, die van oudsher het hoogste aandeel biologische grond had, zag het biologische areaal dalen van 13.181 hectare in 2024 naar 12.620 hectare in 2025: een krimp van 4,3 procent. Met 15,1 procent biologische teelt blijft Flevoland nog wel de grootste van Nederland, maar de trend is duidelijk neerwaarts.Sander van Diepen werkt voor Biohuis, de belangenbehartiger van Nederlandse biologische boeren en tuinders. Hij relativeert de Flevolandse cijfers wel: "Als er één akkerbouwer in Flevoland omschakelt, met soms wel 100 tot 200 hectare, dan gaat het wel gelijk om grote slagen". Toch ziet ook hij hoe de bioboeren worstelen om een goede boterham te verdienen. "Daarvoor zijn we dus samen met de overheid op weg, om te kijken wat er moet gebeuren om het weer aantrekkelijk te maken om biologisch te boeren". Van Diepen verwijst naar extra miljoenen die vrijkomen in het 'Versnellingsplan Biologische Landbouw'.[storytelling:Picture:157828774]Geen heilige graal meerToch is voor boer Thijs Geerse dat hoofdstuk voorlopig gesloten: "Ik zie het ook niet helemaal als de heilige graal. Ik vond het een hele mooie manier van telen de afgelopen jaren. Maar de combinatie van factoren maakt toch dat het te moeilijk geworden is.""Vroeger had ik geen kinderen, geen gezin. Toen kon ik elke minuut, elke dag, elke week in mijn bedrijf steken. Maar dat is veranderd. Ik heb nu een gezin met jonge kinderen. Daardoor ben ik wel op zoek naar een nieuwe balans tussen privé en werk. Die was een beetje zoekgeraakt. En met een gangbaar bedrijf is die balans op mijn areaal beter te vinden."

Meer dan 188.000 bliksemontladingen door noodweer gisteravond: 'Dit is uitzonderlijk'

Volgens het KNMI zit er niet vaak zo veel energie in de lucht als gisteravond het geval was. De tropisch warme dag van gisteren eindigde met donder, bliksem en hevige regenbuien, met schade en een dode als gevolg. Daarbij mat het KNMI meer dan 188.000 ontladingen van bliksem in de lucht. Dat is uitzonderlijk, vertelt een woordvoerder. "De energie in de lucht was bijzonder hoog." In het onweerarchief van het KNMI valt te zien dat er in de afgelopen jaren slechts een aantal keer onweersbuien zijn voorgekomen waarbij er meer dan 100.000 bliksemontladingen werden gedetecteerd. Klimaatverandering Of de hevigheid van het onweer gisteren valt te wijten aan klimaatverandering valt niet met zekerheid te zeggen. Recent onderzoek van het KNMI laat zien dat de trends wat betreft onweer, hagel en windstoten "veel onzekerder zijn dan eerder gedacht". Of er een toename van bliksem in Nederland gaat voorkomen valt ook nog niet te voorspellen, volgens het weerinstituut. Wat het KNMI wel ziet, is dat het aantal zware buien met extreme neerslag is toegenomen: waar in de tweede helft van de vorige eeuw gemiddeld nog zo'n vijf dagen per jaar zware neerslag werd gemeten, zijn dat in deze eeuw zo'n negen per jaar. Het KNMI verwacht dat deze trend zich voortzet en er vaker extreme buien in de zomer zullen voorkomen. Het weerinstituut schrijft dat klimaatverandering daar op verschillende manieren invloed op heeft: doordat het warmer is neemt onder meer de hoeveelheid waterdamp in de atmosfeer toe. Dat kan buien intenser maken. Voor een buienwolk zijn namelijk drie ingrediënten nodig, schrijft het KNMI. "Vocht, een onstabiele atmosfeer en iets wat de lucht omhoog laat bewegen. Dit laatste kan een regenfront zijn, een heuvel waar een lucht tegenop beweegt, of voldoende warmte aan de grond." Zware buien zoals die van gisteren ontstaan vaak bij hoge temperaturen of vlak na een warme periode. Als warme, vochtige lucht zich met koude lucht vermengt, kan dat zich snel ontwikkelen tot een onweersbui. Als lucht opstijgt koelt deze af en neemt de vochtigheid toe. Doordat warme lucht stijgt en koudere lucht valt, bewegen luchtstromen met elektrisch geladen deeltjes langs elkaar en kan elektrische lading ontstaan. Als de lading groot genoeg is, kan er bliksem ontstaan. Veel schade Het noodweer van gisteren veroorzaakte veel schade: bomen waaiden om, een woning vloog in brand na een blikseminslag, een stortvloed spoelde een bruidfeest weg, en er viel een dode doordat een boom een auto raakte. In Midden-Nederland werd een NL-Alert verstuurd vanwege de extreme weersomstandigheden. Er werd opgeroepen binnen te blijven en alleen 112 te bellen in levensbedreigende situaties. De Onderzoeksraad voor Veiligheid waarschuwde in januari nog dat Nederland onvoldoende voorbereid is op veiligheidsrisico's door extreme regen. Het kabinet werd onder meer geadviseerd om ervoor te zorgen dat het makkelijker wordt om vroegtijdige weerwaarschuwingen af te geven, en informatie over (grond)waterstanden en stresstesten breder te delen. De aankomende dagen blijft het erg warm, met temperaturen die oplopen tot 32 graden. Door de aanhoudende hitte geldt er tot dinsdag een code geel. Ook is er opnieuw kans op onweer in het zuiden.

Nieuwe camera boven A1 meet stikstofuitstoot van vrachtwagens

Automobilisten op de A1 bij Deventer keken deze week vreemd op. Boven de snelweg stond ineens een nieuwe camera. Het apparaat werd al snel gemeld op Flitsmeister, maar het gaat niet om een flitspaal. De camera is onderdeel van een proef van onderzoeksorganisatie TNO, in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Het doel is om de uitstoot van voertuigen beter in beeld te krijgen. Daarbij wordt vooral gekeken naar vrachtwagens en hun uitstoot van stikstof, fijnstof en CO₂. Bestuurders worden dus niet gecontroleerd op snelheid, maar op de uitstoot van hun voertuig. Als uit de meting blijkt dat een vrachtwagen opvallend veel uitstoot, kan deze verderop van de weg worden gehaald voor extra controle. Met de proef wil het ministerie beter zicht krijgen op voertuigen die in de praktijk meer vervuilen dan verwacht. Vooral stikstofuitstoot ligt gevoelig, omdat verkeer een bijdrage levert aan de totale uitstoot in Nederland. Het onderzoek moet duidelijk maken hoe groot dat aandeel is en welke voertuigen daarbij opvallen. Bron: https://www.bd.nl/auto/nieuwe-camera-boven-de-a1-valt-automobilisten-op-hij-flitst-niet-maar-heeft-een-ander-doel~a5cf06d0/

de hoef

@de hoef


Topics
0
Reacties
5.349
Volgers

Over mij

Woonplaats: uitwijk
Leeftijd: 56jr
Laatst online: 1u geleden

Ben 53 jaar getrouwd en 3 kinderen

Bedrijven

Ervaring

Ik heb ervaring met de volgende machines:

Merk / type Waardering