Stikstofclaim gaat schade door onzorgvuldig handelen op overheid verhalen

[b]Stel uw aanspraak op schadevergoeding veilig en meld u volgende week aan Persbericht 8 oktober 2019[/b] De Rijksoverheid en de Provincies staan op het punt stikstofmaatregelen te treffen, waarbij miljarden euro’s aan economische waarde van de agrarische sector worden afgenomen. Met name de maatregelen die Provincies voornemens zijn te treffen, zullen vergaand zijn en alle veehouderijsectoren treffen. De overheid zal haar maatregelen nemen op grond van de uitkomsten van rekenmodel AERIUS van het RIVM, dat een onzekerheid rapporteert in de berekeningen van 50 – 100% (bron RIVM) en nooit gevalideerd is met metingen. De nieuwe juridische organisatie Stikstofclaim wil de schade die het kabinet en gedeputeerde staten gaan veroorzaken met onzorgvuldig handelen, op de overheid verhalen. De stichting die op 9 oktober aan haar taak begint, zal alle veehouderijsectoren vertegenwoordigen. Het bestuur, bestaande uit vertegenwoordigers van de verschillende veehouderijsectoren, wordt ondersteund door een team van juristen en advocaten. De zogenaamde stikstofbrief van 4 oktober van LNV-minister Carola Schouten en het rapport Niet alles kan van de Commissie Remkes wijzen in de richting van grote financiële schades voor veel bedrijven. [b]De volgende schades worden voorzien[/b]: - Uit de stikstofbrief van minister Schouten kan het beeld ontstaan dat het aantal ‘piekbedrijven’ naar schatting 100 tot 150 stuks zal bedragen. In de tweede ronde echter, zijn de provincies aan zet, die momenteel in kaart brengen welke bedrijven teveel stikstof uitstoten op aangrenzende natuurgebieden (op basis van het AERIUS-model!). Uit de handreiking voor provincies blijkt dat de provinciale stikstofmaatregelen naar schatting duizenden bedrijven zullen treffen, in alle sectoren: melkvee, vleesvee, varkens, pluimvee. - Bedrijven die binnen een straal van circa 1 km van natuurgebieden liggen, wordt ontwikkelruimte afgenomen, waardoor deze bedrijven in waarde dalen of onverkoopbaar worden. - Latente ruimte, productierechten en/of milieu-productieruimte worden afgenomen zonder (voldoende) financiële compensatie. - De overheid is voornemens maatregelen te treffen op grond van het rekenmodel AEURUS, dat nooit getoetst is met metingen en grote onzekerheden kent (het RIVM rapporteert een onzekerheid van 50 – 100% op de depositieberekeningen). De Commissie Remkes spreekt in zijn eerste advies van een model dat in belangrijke mate is gebaseerd op aannames. In 2020 - 2023 zal de depositie worden gemeten, de verwachting is dat de metingen tot andere uitkomsten leiden dan het AERIUS-model. Bij overhaast invoeren van maatregelen op grond van aannames bestaat het risico dat zaken in werkelijkheid anders blijken te liggen. En ondernemers voor niets of op de verkeerde kosten zijn gejaagd. - De Commissie Remkes stelt dat 46 procent van de stikstofuitstoot op het conto komt van de veehouderij. De media heeft hier veel aandacht aan besteed. Naar nu blijkt, beschikken duizenden bedrijven die stikstofoxiden uitstoten (industriële bedrijven) veelal niet over een Natuurbeschermingswetvergunning, omdat dit niet aan de orde was. Deze bedrijven zijn daardoor ook buiten de statistieken gevallen. De boerenbedrijven waren wel volledig in beeld, en kregen ‘de volle laag’ van politici en milieuorganisaties, wat imagoschade heeft gegeven. [b]Werkwijze[/b] Stikstofclaim zal de schadeprocedures collectief oppakken. Naarmate er meer deelnemers zijn, kunnen meer procedures worden gestart. Voor 150 euro kunnen ondernemers meedoen. De binnengehaalde schadevergoedingen worden toegekend aan de deelnemers. De organisatie wordt momenteel ingericht en binnenkort zal de website [url=http://www.stikstofclaim.nl]stikstofclaim.nl [/url]online zijn. Het bestuur bestaat uit: John Spithoven (voorzitter), Mieke Smits (secretaris, melkveehouderij), Nynke Koopmans (penningmeester, melkveehouderij), Marcel Doesschot (intensieve veehouderij), [b]Stel uw aanspraak op schadevergoeding veilig en meld u volgende week aan[/b]

Waarom en hoe de melkveehouderij in het moeras van fosfaatrechten kwam, Deel 2

Met deze titel begon ik bijna twee jaar geleden hier op het prikkebord. Als toenmalig NMV bestuurder had ik geconstateerd dat er iets vreselijk mis was met de manier hoe de fosfaatrechten uitgedeeld waren. Ook over de aantallen had ik mijn bedenkingen. Op persoonlijke titel haal ik deze topic weer aan omdat er ontwikkelingen zijn geweest afgelopen week. Afgelopen dinsdag 16 april 2019 was er een uitspraak van het CBb , die tot de uitspraak kwam dat intrekken fosfaatrechten bij jongvee van vleesvee onterecht was. De rechters spraken een vonnis uit waarbij ze aangaven dat de definitie omschrijving die voor jongvee geld binnen de fosfaatwetgeving onjuist is. Omdat de meststoffenwet als basis dient voor de fosfaatwetgeving, oordeelden de rechters dat de definitie omschrijving voor jongvee van de meststoffenwet ook voor de fosfaatwetgeving gebruikt dient te worden. Ten tijden van het ontstaan van het fosfaatplafond in 2002 waren er voor jongvee 6 verschillende categorien. Te weten 101, 102, 103, 104, 124 en 125. In het melkveefosfaatplafond van 2002 zitten de codes 100, 101 en 102. In 2004/2005 heeft het CDM de codes 124,125, 103 en 104 geheel of gedeeltelijk bij de codes 101 en 102 gevoegd. Dus vallen er vanaf dat moment meer dieren onder het melkvee voor jongvee, en dus ook op de peildatum 2 juli 2015. Hieronder de passage van het CDM en de verwijzing naar de staatscourant die de rechters aanhaalde. https://www.wur.nl/upload_mm/f/6/2/4a8cf2f5-5c9d-4e74-947d-856a3fbbdb16_MilieuenLandelijkgebied25.pdf 3.2 Jongvee (Categorie 101/102) Aan de categorie 101 (vrouwelijk jongvee < 1 jaar) werden toegevoegd de categorieën 103 (stieren voor de fokkerij < 1 jaar) en 124 (overig vleesvee < 1 jaar). Aan de categorie 102 werden een deel van categorie 104 (fokstieren van 1-2 jaar) en categorie 125 (overig vleesvee > 1 jaar) toegevoegd. Bij deze categorieën verandert er weinig. Alleen het geboortegewicht is iets verhoogd en de kwaliteit van ruwvoer is aangepast aan de te verwachten ontwikkelingen, zoals weergegeven in Hoofdstuk 2 Voor categorie 102 is uitgegaan van afkalven op een leeftijd van 26 maanden en is de voederbehoefte berekend over het trajet 13 t/m 26 maanden (426 dagen) en vervolgens teruggerekend naar een periode van 365 dagen. Als gevolg van herberekende voeropnames, P gehaltes in voer (zie Hoofdstuk 2), en P vastgelegd in het dier komen de P2O5 uitscheidingen van met name jongvee > 1 jaar hoger uit dan de WUM 2002 cijfers. De geschatte gemiddelde mestuitscheidingen van N en P2O5 worden weergegeven in de tabellen 8 t/m 11. https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2005-226-p6-SC72330.html Wat de uitspraak voor gevolgen heeft kan ik niet inschatten. Ik heb de afgelopen jaren vele malen aangegeven dat er veel meer dieren onder de 2 juli 2015 teldatum zijn gedrukt dan dat er in 2002 bij het ontstaan van fosfaatplafond. Door de uitspraak van het CBb is nu ook bewezen dat er gerommeld is. Het is alleen nog veel massaler dan dat ik aangegeven had. Ik schat in dat de korting voor een groot gedeelte niet nodig was geweest, zoveel fosfaat betreft het. Nu is het nieuws afgelopen dinsdag naar buiten gekomen. Op de Boerderij na is er niet veel aandacht aan besteed in de media. Zowel LNV, als de diverse belangenorganisaties zijn niet/ nog niet met een reactie gekomen. Toch heeft de rechter aangetoond dat er met fosfaat, met een dagwaarde van rond de 600/700 miljoen euro is gerommeld en dat individueel mensen daar vreselijk het slachtoffer van geworden zijn. Ik heb bewust een aantal dagen gewacht met deze topic, in afwachting van een reactie van de gevestigde orde, maar die bleef uit. Toch vond ik dat ik het hier moest melden.

PBL geeft eindelijk toe dat halvering vleesconsumptie, leidt tot paar procent minder broeikasgassen

[b]De officiële reactie van STAF op de PBL brief 10 januari 2019[/b] Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) is er eindelijk toe overgegaan om de werkelijke klimaatwinst die gepaard gaat met halvering van de vleesconsumptie, op zijn website te benoemen. Halvering van de vleesconsumptie in heel Europa leidt tot een vermindering van broeikasgassen van 2 tot 4 procent, afhankelijk van de vleessoort die men laat staan (kip, varken of rund). Aanvankelijk hield het PBL het publiek voor dat de klimaatwinst 25 tot 40 procent zou bedragen. Vorige maand stelde het PBL dit al enigszins bij, na actie van Stichting Agri Facts, maar noemde nog altijd niet het werkelijke klimaatvoordeel van het eten van minder vlees. Tot vandaag, nadat STAF deze week opnieuw in actie kwam. Samenleving jarenlang op verkeerde been Stichting Agri Facts is enerzijds blij met het bereikte resultaat en de relatief vlotte aanpassing van de cijfers door het PBL. Anderzijds ziet STAF ook de schadelijke gevolgen van deze grote onzorgvuldigheid van het PBL, door veel te hoge broeikasgascijfers voor vleesconsumptie naar buiten te brengen. John Spithoven, voorzitter van STAF: “Het maakt nogal wat uit of je politiek en samenleving voorhoudt dat halvering van de vleesconsumptie 25–40 procent òf 2–4 procent minder broeikasgassen oplevert. Aan cijfers van het PBL wordt door politiek en samenleving veel waarde gehecht, daarbij is het PBL door de Rijksoverheid aangewezen als rekenmeester voor de uitwerking van het Klimaatakkoord. Wij moeten er dan wel op kunnen vertrouwen dat óók de cijfers over de land- en tuinbouw zorgvuldig tot stand zijn gekomen en met diezelfde zorgvuldigheid zijn gerapporteerd. Dat was hier beslist niet het geval.” Consumptie dierlijke producten in voorstellen Klimaatakkoord Halvering van de vleesconsumptie wordt niet realistisch geacht. Het PBL adviseert het kabinet om binnen het huidige Klimaatakkoord aan te sturen op een vermindering van de consumptie van dierlijke eiwitten van 15 procent. In dat geval zal de klimaatwinst zo’n 0,5 tot 1 procent (minder broeikasgassen) zijn.

Stichting Agri Facts boekt eerste resultaat

[b]Op 3 december is de Stichting Agri Facts, STAF, opgericht. De stichting gaat ‘gekleurde’ wetenschappelijke rapporten toetsen. ‘Afgelopen jaar zijn er zoveel rapporten en onderzoeken naar buiten gekomen. Wij onderzoeken of die kloppen, zo niet dan vragen we rectificatie en nemen zo nodig juridische maatregelen’.[/b] „Afgelopen jaar zijn er zoveel rapporten en onderzoeken naar buiten gekomen. Wij onderzoeken of die kloppen, zo niet dan vragen we rectificatie en nemen zo nodig juridische maatregelen”, zegt John Spithoven, melkveehouder in het Gelderse Maurik en voorzitter van de nieuwe stichting. „Er verschijnen zoveel rapporten van en voor overheden en ngo’s. Als wij er vraagtekens bij hebben, laten we het onderzoeken en vragen om rectificatie. Met de publicaties wordt nieuw beleid ontwikkeld. Staan er onjuistheden in dan is het toekomstig land- en tuinbouwbeleid ook niet juist”, licht de voorzitter toe. [b]Correctie bijdrage vleesconsumptie op klimaatprobleem[/b] Het eerste heeft STAF het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) gevraagd de berichtgeving over het Klimaatakkoord en broeikasgasuitstoot ten aanzien van de landbouw te corrigeren. In zijn publicaties en berichtgeving stelt het PBL dat het eten van dierlijke producten een forse bijdrage levert aan het klimaatprobleem; het eten van minder vlees wordt gezien als een belangrijke oplossing voor het halen van de klimaatdoelen. „Deze voorstelling is misleidend. Deze rapporten liggen wel bij het klimaatoverleg op tafel en zijn basis voor toekomstig beleid. Dat klopt niet”, aldus John Spithoven. Krimp van de veehouderij heeft op het totale klimaatvraagstuk een zeer beperkt effect. Het is volgens de stichting onjuist te suggereren dat het eten van minder dierlijke producten aanzienlijk bijdraagt aan het halen van de klimaatdoelen. „Over twee weken weten we of er rectificaties volgen, zo niet dan gaan we juridische stappen ondernemen”, zegt John Spithoven. Inmiddels heeft STAF een eerste reactie van het PBL ontvangen. Daarin geeft het PBL aan een onjuistheid die STAF signaleerde, meteen te hebben gerectificeerd. Een uitgebreidere reactie is nog onderweg. [b]Non-profit[/b] De Stichting Agri Facts heeft als doel: Het controleren van de juistheid van (wetenschappelijke) feiten voor de onderbouwing van het land- en tuinbouwbeleid. Ook toetst STAF het gebruik van deze feiten en stelt zij alles in het werk om ervoor te zorgen dat correcte feiten worden gebruikt voor het land- en tuinbouwbeleid. De STAF wil haar doel onder meer te bereiken door het uitvoeren dan wel organiseren van wetenschappelijk onderzoek, lobbyactiviteiten en het genereren van media-aandacht. De STAF beoogt het algemeen nut en heeft geen winstoogmerk. De bestuursleden werken als vrijwilliger. Geesje Rotgers, wetenschapsjournalist, is de enige betaalde kracht. Bondgenoten financieren het onderzoek en stellen fondsen beschikbaar. „Het bestuur maakt de afweging welke onderwerpen wel of niet worden opgepakt op basis van het beschikbare budget, is er de juiste wetenschappelijke expertise te realiseren en verwachten we met het resultaat het beleidsmatige verschil te kunnen maken. We kijken hoe het loopt en gaan ons bewijzen. Het bedrijfsleven ondersteunt ons van alle kanten”, besluit John Spithoven. Tekst:Monique van Loon

Snijmais of maismeel in het rantsoen

Het is weer snijmaistijd en dat geeft altijd weer veel discussie. Snijmais is om zijn zetmeel altijd een mooie aanvulling in een rantsoen. Door de glucogene energie kun je vooral verse koeien goed ondersteunen in hun energie behoefte. Maar met maismeel bereik je het zelfde. In een jaar als dit, met veel ruwvoeraanwas op de bedrijven, moeten sommigen een plan maken om eigen kuilgras maximaal te benutten. Anders blijven de voorraden maar groter worden. Ondanks dat kopen veel melkveehouders om bovenstaande reden snijmais aan. Maar is dat economisch verstandig. Rekenvoorbeeld. Snijmais kost 40 euro per ton (in de kuil aangereden met plastic), zeg maar 1,15 euro per % ds (zeker dit jaar geen hoger zetmeel ivm verhouding plant/kolf) Dus 0.00329 cent per gram zetmeel. Goedkoper dan de 40 euro per ton kan ik de snijmais niet krijgen in de kuil. Maismeel kost 190 euro per ton bij 88 % ds. Dus 2.16 euro per % ds. Maar daar heb je 730 gram zetmeel voor. Per gram zetmeel 0.00296 cent. Dus goedkoper. Daarnaast is maismeel geconcentreerder, want je hoeft de helft van het aantal kg ds te voeren voor de zelfde hoeveelheid zetmeel. Daardoor blijft er meer ruimte in de kuil over voor kuilgras. Conclusie is volgens mij bij voldoende kuilgras kun je beter maismeel aankopen dan snijmais. Wat vinden jullie van deze gedachtegang. Wie heeft ervaring om de snijmais in de winter te vervangen door maismeel en kuilgras?

Vandaag weiden of niet weiden???

Vanmorgen op de koffie bij de buurman tijdens de moessonregens. Buurman doet zo als altijd weer of geen weer de koeien naar buiten dus ook vandaag. Vanmorgen om 8.15 zat er al 34mm van vannacht in de meter en het goot maar door(totaal vandaag 56mm). En we hebben laatste 3dagen in totaal al ruim 6omm gehad. Ik heb ze vandaag binnen gehouden. Buurman vindt dat niet nodig. Vanuit het keukenraam konden we zegge en schrijve 6 weidende koeien ontdekken(10.30h) ,114 koeien stonden op een hoop voor de dam, 4 lagen er in de modder en nog twee tochtige koeien ook. Gaf over en weer een boel gesprekstof. (we kunnen het overigens prima vinden met elkaar).Ik zeg nog zo; laat Marianne Thieme het maar niet zien. Ik hoef gelukkig vanavond niet te melken zeg buurman, ja, ja. Bij de dam is toch ruim een halve ha. compleet aan blubber gelopen waar ze de komende dagen weer gewoon door heen moeten. Ik ben met veel plezier meer een pietje precies. Terwijl buurman ook met veel plezier uit de losse pols boert en de boel laat waaien en hij heeft ook de "boks niet kapot" . Heren prikkeborders hoe doen jullie het met dit weer???

Veenprut


Foto's
0
Video's
0
Topics
0
Reacties
163
Stemmen
41
Volgers

Over mij

Woonplaats: Zoeterwoude
Leeftijd: 48jr
Laatst online: 4u geleden

Koeienboer met 75 koeien in het westen van Nederland.
Naast de melk die wij leveren aan Friesland Campina, verwerken wij een deel van de melk zelf tot zuivelproducten.
Daarnaast zijn wij recent een boerencamping begonnen.
www.veldhoevezuivel.nl

Bedrijven

Ervaring

Ik heb ervaring met de volgende machines:

Merk / type Waardering