Veestapel verkleinen? Maak vooral een einde aan megastallen en help de biologische boer

[b]Het stikstofprobleem is een hoofdpijndossier. Maar duizenden boeren uitkopen hoeft niet, denkt Wouter Ubbink, VN-Jongerenvertegenwoordiger Biodiversiteit en Voedsel. Lagere vlees- en melkquota kunnen uitkoop voorkomen. Opinie Wouter Ubbink:[/b] Om het stikstofprobleem op te lossen trekt het kabinet in het regeerakkoord 25 miljard euro uit. Met dit bedrag zullen de twee nieuwe landbouwministers duizenden boeren moeten uitkopen om ruimte te maken voor de natuur. De grootte van het bedrag drukt urgentie uit, maar roept ook veel vragen op. Gaat alle uitkoop vrijwillig zijn? Hoe komt het geld terecht bij boeren die het echt nodig hebben en niet bij de grootgrondbezitters? En kan de kleine, biologische boer zijn of haar vak wel blijven beoefenen? Er is een oplossing voor deze vraagstukken: het aanscherpen van de vlees- en melkquota. Dat een quotum goed kan werken, bewijst de geschiedenis. Van 1984 tot 2015 bestond er in Europa al een melkquotum, om ervoor te zorgen dat de zuivelproductie binnen de perken bleef. Het systeem was echter zo ingericht dat boeren met veel vee efficiënter produceerden en dus meer winst konden maken dan collega's met maar een paar dieren in hun stal. Daarom was het voor de meeste boeren helemaal niet voordelig om het aantal dieren te verkleinen. Zuivelplafond Dat is precies de reden waarom er de laatste twintig jaar steeds minder boeren bij zijn gekomen, die bovendien steeds meer dieren bezitten. Het quotum zorgde wel voor een plafond op de zuivelproductie, maar het kon de intensivering van de landbouw niet voorkomen. Er werden megastallen gebouwd, met alle gevolgen van dien: minder dierenwelzijn en veel stikstofuitstoot op één plek. In feite bestaat het quotum voor boeren nu nog steeds, maar in een andere vorm. Boeren hebben nu fosfaat-, varkens- en pluimveerechten, die zij onderling kunnen verhandelen. Er zijn echter zoveel rechten dat megastallen kunnen blijven staan, waardoor nog steeds te veel stikstof wordt uitgestoten. In plaats van het uitkopen van boeren, zou de overheid het aantal rechten stapsgewijs kunnen verlagen. Dat stimuleert schaalverkleining. Over alles wat de boer produceert buiten het quotum moet dan namelijk een heffing betaald worden, dus minder vee levert meer op. Het lagere vlees- en melkquotum kan op die manier de motor zijn achter de verkleining van de veestapel. Draait de boer dan op voor de kosten? Nee! Melkquota zijn ooit ingevoerd om de positie van boeren juist te beschermen. Hoe minder aanbod van dierlijke producten, hoe hoger de prijs voor het product. En als de nieuwe ministers het slim aanpakken, hoeft de kleine boer er niet aan onderdoor te gaan. Vrijwillige schaalverkleining De truc is om quota aan te scherpen voor boeren die al veel dieren hebben. Dat kan door de prijs van fosfaatrechten te laten afhangen van de hoeveelheid dieren die een boer al heeft. Hoe meer vee er al in de stal staat, hoe duurder het wordt om nieuwe rechten te kopen. Grote boeren zullen dan vrijwillig overgaan tot schaalverkleining, en kleine boeren kunnen met de hogere prijs beter concurreren. Op die manier wordt de veestapel verkleind, zonder dat de overheid bakken met geld kwijt is met het opkopen van boeren die eigenlijk helemaal niet willen stoppen. Dat deze regering de veestapel gaat reduceren is een feit. De vraag is hoe ze dat op een eerlijke manier gaat doen. Met een lager vlees- en melkquotum zullen de grote bedrijven inzetten op schaalverkleining, en krijgt de kleine boer meer geld voor zijn producten. De overheid hoeft niet de hoofdprijs te betalen, want de marktwerking geeft ze de wind in de rug. Het is een win-win-winsituatie voor de natuur, voor de boeren en voor de portemonnee van de overheid. En de koeien zelf? Die zijn vast ook blij dat het wat minder druk wordt in hun voormalige megastal.

Stikstofblunder van der Tak in BuitenhofTV

In Buitenhof vanmiddag werd door de presentator Jan Pieter Hagens de bewering gedaan dan 61% van de stikstofemissie uit de landbouw komt en daarmee de landbouw dus ook de grootste veroorzaker zou zijn van het stikstofprobleem. Sjaak van der Tak had daar geen weerwoord op. Om te beginnen komt de 61% uit een briefing van TNO aan de Tweede Kamer twee jaar geleden. TNO erkende na kritiek van Staf dat bij de 61% aandeel landbouw de emissie vanuit de scheepvaart buiten beschouwing was gelaten en het gaat over cijfers 2016/2017. De huidige cijfers t/m 2019 zijn 51% aandeel landbouw en 49% overige sectoren alles omgereken naar kg stikstof. Niet al die stikstof vanuit de landbouw valt in de natuur. Sterker nog uit onderzoek van Sommers (Denemarken) en Jan Klaas Santing (Dwingerelveld) komt naar voren dat de meest ammoniak uit de veehouderij na circa 300 meter niet meer in de lucht meetbaar is . Deels komt dat door verdunning maar grotendeels ook doordat het als depositie is neergedaald op bodem en gewas. De zogenaamde "peikbelasters" vanuit de landbouw op natuur bestaan dus nauwelijk immers er staan maar weinig veehouderijbedrijven binnen de 300 meter van de x&y coördinaten van stikstofgevoelige natuur. In Nederland heeft de landbouw circa 54% van de grond in gebruik. De landbouw is dus ook de grootste ontvanger van stikstof ook de stikstof die door andere sectoren is veroorzaakt. Alle discussie alleen op emissie zetten is een discussietruck van journalisten ,ambtenaren en politicie. Het gaat er om welke emissie geeft welke depositie op welk gebied en dat is iets anders dan LTO nu doet. Namelijk meebewegen met de overheid zonder te weten waar ze het over hebben.

dorpsrandhoeve


Topics
0
Reacties
1.168
Volgers

Over mij

Leeftijd: onbekend
Laatst online: 4d geleden

Bedrijven

Ervaring

Ik heb ervaring met de volgende machines:

Merk / type Waardering