De productie van renure kan op verschillende manieren, meestal met een combinatie van technieken:
1. Scheiden van de mest
- Mechanisch scheiden: dikke fractie (veel organische stof en fosfaat) en dunne fractie (rijk aan stikstof) worden gescheiden.
- Dit kan met een mestscheider (pers, centrifuge, zeefband).
2. Bewerking van de dunne fractie
- Omgekeerde osmose / nanofiltratie: verwijdert zouten en concentreert stikstof.
- Stripping & scrubbing: ammoniak wordt uit de mest gehaald en gebonden als ammoniumsulfaat of ammoniumnitraat.
- Indampen: water wordt verdampt, waardoor nutriënten geconcentreerd achterblijven.
3. Bewerking van de dikke fractie
- Vaak composteren, drogen of vergisten (bij biogasinstallatie).
- Het fosfaat kan uit de dikke fractie worden teruggewonnen, bijvoorbeeld als struviet (magnesiumammoniumfosfaat).
4. Eindproducten (renure)
- Ammoniumzouten (zoals ammoniumsulfaat) – vloeibare kunstmestvervangers.
- Nitraathoudende meststoffen – vergelijkbaar met KAS.
- Struvietkorrels – langzaam werkende fosfaatmeststof.
Het doel is een meststof die voldoet aan kunstmestkwaliteit, zodat die in de EU eventueel buiten de mestplafonds (derogatie) kan worden gebruikt.
Reacties
Mestscheider: €25.000 – €60.000
Stripping & scrubbing-installatie: €100.000 – €250.000 (vaak coöperatief of via loonwerker)
Omgekeerde osmose: €150.000 +
Vergister met terugwinning: vanaf €1 miljoen, maar levert ook energie (biogas/elektriciteit)
In NL doen bedrijven zoals Grassa, Groot Zevert Vergisting, Nijhuis Saur Industries dit al op praktijkschaal.